H.J.A. Hofland

het terroristisch initiatief

We zijn steeds beter op hun aanvallen voorbereid, we zijn het eens over hun misdadigheid, we hebben vage vermoedens over hun motieven, en als ze toeslaan herhaalt zich onze verwarring en voeren we dezelfde discussie. Nog grotere waakzaamheid. Wat zal het volgende doel zijn? In zijn grot zit Osama bin Laden naar de televisie te kijken. Hij leest de krant. Hij is niet ontevreden. Nooit zullen jullie nog een rustig ogenblik kennen, heeft hij na 9/11 gezegd. Hij denkt dat het nog beter kan, maar hij is goed op weg. Hij heeft het initiatief.
De grote vergissing van het moslimterrorisme is dat het gelooft met willekeurig geweld tegen de burgermaatschappij het Westen te kunnen sturen, en wie weet zelfs te overwinnen. Dat is een theocratische illusie. Daarvoor is het Westen in zijn geheel veel te groot, te sterk, te verleidelijk en vooral ook te taai. De westerse samenleving heeft een regeneratievermogen dat door die paar aanslagen, hoe ernstig ze ook zijn, niet kan worden verstoord. Het is bewezen na de aanvallen op Amerika, op Madrid en nu op Londen. Al zou het fundamentalisme een War of the Worlds ontketenen, dan nog zou het niet kunnen verhinderen dat ook in deerlijk gehavende metropolen de regelmaat van het dagelijkse leven zo snel mogelijk wordt heroverd.
Intussen blijven we pogingen doen om ons te verdiepen in de gedachtewereld van de vijand. Er moet, veronderstellen we, een logica zijn, een redenering die maakt dat «de anderen» bij tientallen of honderden bereid zijn zichzelf op te blazen om zoveel mogelijk onschuldigen in hun dood mee te nemen. Telkens weer proberen we, ondanks alle weerzin, de aanvallers in ieder geval te begrijpen. En optimistisch als we au fond blijven, denken we dat er ten slotte één middel is om de vijand tot betere gedachten te brengen: de democratie. Want proefondervindelijk is bewezen dat een democratisch bestuur een aanmerkelijk grotere kans biedt op vrijheid, welvaart, gezondheid en een langer leven voor meer mensen. Bovendien is er minder kans dat democratieën met elkaar in oorlog raken.
Het sluitstuk van deze redenering vinden we deze keer terug in het hoofdartikel van The Economist na de aanslagen in Londen. Nadat het blad heeft vastgesteld dat de aanvallen geen invloed zullen hebben op de Britse aanwezigheid in Irak, schrijft het: «Veel waarschijnlijker is het dat de aanvallen ertoe zullen leiden dat de taak die Tony Blair heeft gedefinieerd, met hernieuwde energie verder zal worden uitgevoerd: het vestigen van een stabiele democratie in Irak, vrede tussen Israël en Palestina en democratische hervormingen in de rest van het Midden-Oosten. Als dat veel lijkt op de politiek van George Bush, dan is dat zo. Daar kan geen terrorist iets aan veranderen.»
Ziedaar de kern van het vraagstuk. Toch weer Irak. Eind 2002 en begin 2003 was ik een tegenstander van de oorlog omdat ik geloofde dat president Bush en de zijnen, in de roes van de overwinning in Afghanistan en vertrouwend op hun eigen verpletterende macht en eindeloze hulpvaardigheid, de nieuwe onderneming grenzeloos zouden onderschatten. Tweeënhalf jaar later kun je niet meer «tegenstander» zijn. De oorlog is er gewoon, ingewikkelder en met minder uitzicht op een goed einde dan zelfs de pessimisten hadden verwacht. Daaraan zijn we in het Westen gewend geraakt.
Van een paar aanslagen per dag kijken we niet meer op. Met meer dan twintig doden kan zo’n incident de voorpagina halen. Af en toe komt er een reportage in The New York Times over het gebrek aan elektriciteit en drinkwater in Bagdad. Fallujah, een stad die vorig jaar november op de opstandelingen of de terroristen werd heroverd, is uit het nieuws verdwenen. Voor de bevrijding woonden er 350.000 mensen, daarna 100.000. Het is een raadsel waar de rest gebleven is en hoe die het nu maakt.
Dat de oorlog met leugens is gerechtvaardigd en dat rampzalige gevolgen als Abu Ghraib als bijverschijnselen zijn afgedaan, laat ik buiten beschouwing. Dat is ook alweer geschiedenis. Het gaat erom dat in kringen waar de oorlog als de bevrijding van «de» Irakezen werd beschouwd, hij nog altijd wordt verkocht als een zegenrijke humanitaire expeditie. Bent u dan niet blij dat Saddam Hoessein achter de tralies zit? vragen ze. Zeker. Dolblij. Maar voor hem hebben we Al-Zarqawi en zijn duizenden terroristen teruggekregen, en een nieuwe golf van anti-Amerikanisme en antiwesters denken in het hele Midden-Oosten. De democratisering in Irak heeft niet aanstekelijk gewerkt in Saoedi-Arabië waar de koninklijke familie onbedreigd aan het hoofd van de theocratische dictatuur staat en vriendschappelijke betrekkingen blijft onderhouden met de familie Bush. Zouden de Saoedies, Egyptenaren en Syriërs op dezelfde manier gedemocratiseerd willen worden als de Irakezen? En zouden wij daartoe op de manier van Bush bereid en vooral in staat zijn?
Osama bin Laden in zijn grot weet wel beter. Persoonlijk zou ik hem van een van de herbouwde Twin Towers willen gooien. Hij maakt zich geen zorgen. Hij blijft onze samenleving ontregelen. Wij weten wel dat we de democratie moeten verbreiden, maar niet hoe. Tot zijn enorme voordeel.