Israëlisch gas voor Europa

Het veelbelovende land

In de Koude Oorlog vreesde Europa de sovjetraketten. Nu is het bang voor een ander Russisch wapen: de gaskraan. Vanuit het niets komt een brandnieuwe leverancier in beeld: Israël.

Medium hh 20781929

Eerst gebruikte Poetin goedkoop gas als lokkertje om Oekraïne buiten Europa te houden. Na de annexatie van de Krim strafte hij de Oekraïners voor hun rebellie door het gas peperduur te maken. Europa kan weinig anders doen dan Kievs gasrekening betalen, want anders snijdt het zich in eigen vlees: de helft van het door Europa geconsumeerde Gazprom-gas komt binnen via Oekraïne.

Kan Poetin Europa via de gaskraan op de knieën dwingen? Op het eerste gezicht lijkt dat onwaarschijnlijk. Ruim twintig Midden- en West-Europese landen kopen samen tweederde van alle export van Gazprom. Rusland kan zich niet veroorloven die inkomsten te laten kelderen – behalve als er andere afnemers voor in de plaats komen. En zo’n afnemer doemt reeds in al zijn omvang op: China, de grootste energieverbruiker van de wereld.

Deze maand reist Poetin naar Peking. Wees niet verbaasd als dan na jarenlange onderhandelingen een gasdeal van megaproporties wordt gesloten. Vorig jaar al nam China de plaats van Duitsland in als grootste koper van Russische olie. Het wordt nu ook de grootste afnemer van Russisch gas. Daardoor raken ’s werelds grootste producent en grootste consument van aardgas nog nauwer met elkaar verbonden. Nog even en olie en gas worden niet meer afgerekend in petrodollars maar in petroroebels of petroyuans.

Als antwoord op westerse handelssancties houdt Rusland vooral China achter de hand. In dat geval zal bijvoorbeeld ook het Russische nikkel niet meer naar de EU en de VS gaan maar naar China. Hoe hoger de spanningen tussen Rusland en het Westen oplopen, des te meer zal Poetin oostwaarts kijken en zijn bondgenootschap met Xi Jinping versterken, niet alleen op energiegebied maar ook op terreinen als (wapen)handel, defensie en internationale politiek. Door deze verdere uitbouw van het strategische partnerschap tussen Moskou en Peking zal het machtsevenwicht nog verder naar het Oosten verschuiven.

Europa importeert een kwart van zijn gas uit Rusland. Wat kan het doen om eventuele Russische gasrepresailles te pareren? Het antwoord op de langere termijn is natuurlijk het aanboren of verder ontwikkelen van alternatieve energiebronnen in het eigen werelddeel, zoals wind, zon, biobrandstoffen, de zee en, onder groot ecologisch voorbehoud, schaliegas. Ook zonder Russische dreiging moet dat hoe dan ook gebeuren, maar het is een project van lange adem. Op zeer korte termijn is er de hoop dat de zomer lang zal duren en dat Europa het dankzij de grote strategische reserves die het heeft ingeslagen nog een tijdje zal uitzingen, en dat het zijn eigen pijpleidingen beter op elkaar zal aansluiten.

Intussen wordt er gezocht naar alternatieve leveranciers, maar ook dat lukt niet in een vloek en een zucht. Als Rusland de gaskraan naar Oekraïne geheel zou dichtdraaien, zou dat her en der tot ontregeling leiden. Liefst dertien EU-landen zijn voor meer dan de helft van hun gasconsumptie afhankelijk van Gazprom, de Baltische staten en Finland zelfs voor de volle honderd procent. Ook Duitsland, verreweg Ruslands grootste handelspartner in Europa, zou door het wegvallen van 37 procent van zijn gas zwaar worden getroffen.

Een oplossing zou zijn massaal schaliegas uit de Verenigde Staten te importeren in de vorm van lng, liquid natural gas, ware het niet dat Amerika pas in het begin van het volgende decennium over exportfaciliteiten beschikt en dan nog altijd de veel lucratievere Aziatische markt zal prefereren. Binnen Europa raken de grote aardgasvoorraden uitgeput, op die van Noorwegen na. Algerije heeft zijn gas steeds meer zelf nodig, Libië is een dubieuze leverancier geworden. Verhogen van de import van lng is lastig: de productie is peperduur, zit al praktisch op haar maximum en is meestal lang van tevoren al verkocht. Op de langere duur zou redding moeten komen van twee grote leidingen die gas uit Azerbeidzjan van de Kaspische Zee via Turkije naar Europa moeten brengen. Maar in de coulissen staat al een andere potentiële leverancier, die tot voor kort in de gaswereld een volslagen vreemde was: Israël.

Golda Meir, de ijzervreetster die vier decennia geleden premier van Israël was, merkte eens op dat Mozes zijn volk veertig jaar door de woestijn had gevoerd totdat hij ‘de enige plek in het Midden-Oosten zonder olie’ vond. Ze vergiste zich. Sinds 2009 zijn voor de Israëlische kust behalve olievelden de grootste gasvelden ontdekt die er sinds jaren in de wereld zijn aangeboord. Ze behoren tot een veel groter gasbassin, van de wateren voor de Nijldelta tot die voor de Turkse zuidkust, maar nergens is zoveel gas gevonden als in de Israëlische wateren. Met een bewezen voorraad van 850 miljard kubieke meter gas en potentiële reserves van 2,5 biljoen is Israël vanuit het niets een energienatie van formaat aan het worden. De geopolitieke, economische, militaire en strategische gevolgen van deze game changer zijn nog niet te overzien.

Nog dit decennium kan Israëlisch gas door de Europese pijpleidingen stromen

Sinds een jaar voorziet Israël dankzij het Tamar-gasveld, negentig kilometer voor de kust in het noorden, in zijn eigen behoeften aan gas. Juni vorig jaar besloot de regering veertig procent van het gas te bestemmen voor de export. In februari werd het eerste exportcontract getekend. Via een pijpleiding krijgt buurland Jordanië gedurende vijftien jaar gas van Tamar, waarmee het zich indekt tegen woelingen in de Arabische olielanden. Ook met de Palestijnse Autoriteit is een deal gesloten. Israël zal de bezette gebieden, vredesverdrag of niet, voor twintig jaar van gas voorzien. De volgende klant is waarschijnlijk Israëls voormalige leverancier Egypte, dat grote problemen heeft met de eigen gasproductie. De voortdurende terroristische aanslagen op de oliepijpleiding in de Sinaï-woestijn, die nog tot voor kort Israël en Jordanië van Egyptisch gas voorzag, zijn irrelevant geworden.

Over drie jaar moet Israëls grootste gasveld Leviathan operationeel worden. Het veld, genoemd naar een bijbels zeemonster, ligt dertig kilometer ten westen van Tamar, halverwege Israël en Cyprus. Het monster zal geen windeieren leggen: in twintig jaar hoopt Israël in totaal zestig miljard dollar aan belastingen en royalty’s te innen van de eigenaars, een consortium van vier bedrijven. Als dit geld goed wordt beheerd, krijgt het land een unieke kans om zijn grote binnenlandse problemen te lijf te gaan, te beginnen met de schreeuwende sociale ongelijkheid.

Wat gaat er met het Leviathan-gas gebeuren? Turkije, dat tot nu toe vrijwel geheel is aangewezen op duur Russisch gas, heeft grote belangstelling. Vier Turkse energiebedrijven zijn in onderhandeling over de leverantie vanaf 2017 van acht miljard kubieke meter Israëlisch gas per jaar. Daarvoor is het wel nodig dat Turkije en Israël hun breuk lijmen. Ankara verbrak de relaties na de Israëlische overkill-actie in 2010 (negen Turkse doden) tegen het activistenschip dat de blokkade van Gaza probeerde te doorbreken. Het lijmen gaat langzaam, maar lijkt nu bijna gelukt.

De basis van Israëls exportoperaties moet op Cyprus komen. Ook onder de zee bij Cyprus en Griekenland is veel gas gevonden. Nicosia en Athene hopen op een bonanza die hun financiële catastrofe tot een boze droom moet maken. Ze willen hun gas samen met Israël gaan exploiteren. Vandaar dat ze hun kritiek op het Israëlische optreden in de bezette gebieden hebben ingeslikt en gretig het gat hebben gevuld dat de Turks-Israëlische vijandschap geslagen had. Sinds de vorming van de ‘energiedriehoek’ in 2010 zijn de leiders van Israël, Griekenland en Cyprus boezemvrienden. Boven aan hun agenda staat samenwerking op het gebied van energie en defensie, dit laatste in verband met de militaire bescherming van de gasinstallaties.

Het plan is om het gas te transporteren naar Vasilikos aan de Cyprische zuidkust. Daar, of op zee, wordt ook een lng-installatie gebouwd die zowel Cyprisch als Israëlisch gas zal verwerken. Van hieruit moeten Turkije, Europa en Azië worden bediend. Een alternatief plan is een pijplijn van Leviathan rechtstreeks naar Turkije en vandaar door naar Europa. Veel technische en financiële problemen wachten nog op een oplossing, maar het scenario is volkomen plausibel. Nog dit decennium kan dan Israëlisch gas door de Europese pijpleidingen stromen of in de vorm van lng aan Europa worden afgeleverd. Het zullen geen gigantische hoeveelheden zijn, maar wel cruciale die net het verschil kunnen maken tussen kwetsbare afhankelijkheid en strategische autonomie.

Israël gasexporteur? Dat kan alleen als aan één grote voorwaarde wordt voldaan: een minimum aan stabiliteit in een regio die bol staat van de conflicten. Klanten houden niet van onrust. Alleen met energieleveranciers die een redelijke stabiliteit kunnen garanderen willen ze langlopende contracten sluiten. En ze willen zeker geen leveranciers meer die het gas als politiek wapen gebruiken. Wat ze willen komt eigenlijk neer op het meest schaarse goed in het Midden-Oosten: vrede.

Het gas kan de conflicten nog intensiveren. Hamas wil de onderzeese voorraden exploiteren die voor de Gazastrook liggen en daarmee zijn bewind stabiliseren. Libanon, dat nog altijd in staat van oorlog is met Israël, eist een deel van het zeegebied op waar Israël olie heeft gevonden. Hezbollah heeft al met gewapende acties gedreigd om die aanspraken kracht bij te zetten. Syrië ziet de Israëlische gasindustrie als een strategisch doelwit. Cyprus is kwetsbaar door de nabijheid van het Syrische slachthuis. Turkije gaat met een vliegdekschip patrouilleren over de wateren waar gas en olie zijn gevonden en eist voor Noord-Cyprus, dat alleen door Ankara is erkend, een aandeel op in de opbrengst van het Cyprische gas.

Er zijn echter ook aanwijzingen dat de gasrijkdom tot bezinning leidt. Als de landen in de regio willen profiteren van hun gas hebben ze allemaal belang bij stabiliteit, rust en samenwerking. De gasdeal tussen Israël en Jordanië, die sterk is bevorderd door de Verenigde Staten, moet vooral in dat licht worden gezien. Premier Netanyahu, die niet bekend staat als vredesduif, heeft gezegd dat vrede tussen Israël en de Arabische wereld de hele regio groot voordeel zal brengen op onder meer het gebied van energie. Het gas kan zelfs beweging brengen in de slepende kwestie-Cyprus. In februari zijn onder sterke Amerikaanse aanmoediging de vredesbesprekingen tussen de leiders van de Griekse en de Turkse gemeenschap hervat. Beiden beseffen terdege dat een regeling in ieders voordeel is.

Het gas kan oude conflicten aanscherpen en nieuwe creëren. Maar het kan ook een doorbraak veroorzaken in de tragische Midden-Oosterse patstellingen.


Beeld: Booreiland in het gasveld Tamar (Moshe Shai/HH).