Interview Jan Marijnissen

Het verraad van Kok

Tijdens prinsjesdag bleef SP-leider Jan Marijnissen samen met zijn fractiegenoten demonstratief weg. Hij kan de «Paarse propaganda» niet meer verdragen.

Jan Marijnissen, gewezen worstmaker te Oss, heeft zich zes jaar na de komst van de Socialistische Partij in de Tweede Kamer een prominente positie verworven als parlementariër. Hij is uitgegroeid tot het geweten van links Nederland, een volksheld bovendien, de «Robin Hood van de Lage Landen». Zijn boek Tegenstemmen (1998), waarin hij nauwgezet en scherp het «verraad van de sociaal-democratie» als «vijfde colonne van het neo-liberalisme» analyseerde, haalde de voor een politieke verhandeling ongekende verkoop van tienduizend exemplaren. Het is ook in Engeland uitgebracht, onder de titel Enough! A Socialist Bites Back. Het boek kreeg een lovende bespreking van Tony Benn, de legendarische leider van de radicale vleugel van Labour, die het «verreweg het beste boek over socialisme van de laatste tien jaar» noemde. Trots liet Marijnissen die recensie lezen aan Tweede-Kamervoorzitter Van Nieuwenhoven, die bekend staat als een groot Tony Benn-fan. «Daar was Jeltje wel even stil van», zegt hij vergenoegd.

Samen met zijn adviseur Karel Glastra van Loon, zelf succesvol romanschrijver, publiceerde Marijnissen eerder dit jaar ook De laatste oorlog, een uiterst lezenswaardig verslag van een rondgang langs diverse betrokkenen en experts met als inzet de vraag welke factoren leidden tot de oorlog op de Balkan. De SP was de enige partij in de Tweede Kamer die zich uitsprak tegen de Navo-bombardementen tijdens de Kosovo-oorlog. De laatste oorlog was een genuanceerde poging tot analyse van wat zonder meer als een dramatische omwenteling van de wereldorde moet worden gezien. De SP onderscheidde zich wat dat betreft scherp van alle andere partijen in de kamer, inclusief GroenLinks, die de pijnlijke periode liefst zo snel mogelijk achter zich willen laten en er zo weinig mogelijk woorden aan vuil willen maken. Marijnissen: «Er zijn er genoeg in Den Haag die ons achteraf gelijk geven. Die nu moeten vaststellen dat Europa gewoon deze oorlog is ingetrokken door de Amerikanen, want daar komt het toch op neer. Dat nooit meer, zeggen ze nu. Ja, ook in het kabinet. Willem Vermeend is er zo een. Bij de collega’s van GroenLinks bleef het stil. Die zitten sowieso met een knalgroot ideologisch probleem sinds de Balkanoorlog. Hun enthousiasme voor een pan-Europees leger, dat nauw samenhangt met hun keuze om zich voor deelname aan de bombardementen uit te spreken, maakt dat ze nu ook moeten klappen voor de zeshonderd miljoen gulden extra die zijn uitgetrokken voor het militair apparaat. En dan moet er later ook nog een paar miljard extra komen voor nieuwe straaljagers.»

Hij ziet de Kosovo-oorlog achteraf als een breekpunt, een bevestiging van een nieuwe duistere tijd. «Het maakte pijnlijk duidelijk hoe stuurloos links in Europa is geworden. Voor de Duitse Grünen was het een regelrechte ramp. Ik heb die historische redevoering van Joschka Fischer in Bielefeld gehoord waarin hij de Duitse deelname aan de bombardementen verdedigde tegenover zijn Grünen-aanhang. Sorry hoor, maar zijn stem klonk die dag precies als die van Adolf Hitler. Het was zo pijnlijk. Nu is Fischer samen met de al evenmin te vertrouwen Cohn-Bendit weer de grote gangmaker van een federalistisch model voor Europa. Het is in mijn ogen een angstaanjagend voorbeeld van wat er met een partij gebeurt als het ideologische kader wordt losgelaten ten behoeve van een pragmatische machtspolitiek. Iedereen die ooit een bezoek heeft gebracht aan het Europees Parlement, zal toch moeten bekennen dat dat wel het laatste is waar we op moeten hopen. Het is daar één grote Babylonische spraakverwarring. Als dat het hoog ste orgaan van Europa moet worden, nou, berg je dan maar.»

Vandaag de dag richten de zorgen van Marijnissen zich echter in de eerste plaats op de zorgwekkende toestand van de publieke sector van het Koninkrijk der Nederlanden. Zijn partij was zo ontevreden over de verleden week gepresenteerde miljoenennota, dat men demonstratief wegbleef bij de Troonrede tijdens de opening van de Staten-Generaal op prinsjesdag. Dat zette hier en daar kwaad bloed. Fractieleider Dijkstal van de VVD zag er zelfs een grondwettelijke overtreding in. Hij meende dat kamerleden verplicht aanwezig moeten zijn op de verenigde vergadering van parlement en senaat.

Maar Jan Marijnissen heeft geen spijt van zijn absentie. Integendeel, hij is blij dat hij de «troonrede van de schaamte» niet live heeft hoeven volgen. «Ik ben gekozen om in de Tweede Kamer mijn mond open te doen, niet om een propagandaverhaal van Kok aan te moeten horen in de Ridderzaal», zegt hij. «Daar heb ik die eed niet voor afgelegd. Als er een interruptiemicrofoon wordt neergezet, is het natuurlijk een andere zaak.» Bovendien zat de Troonrede ook nog eens vol met tenenkrommende formuleringen en curieuze fouten: «Zo laat Kok Beatrix ergens zeggen dat de ontrafeling van het menselijk genoom grote veranderingen met zich mee zal brengen voor de voedselvoorziening. Ik snap nog steeds niet wat ik me daarbij moet voorstellen — ik kom niet verder dan een soort kannibalisme op reageerbuisbaby’s.»

Terwijl Beatrix sprak, was Marijnissen op werkbezoek in Rotterdam, op een school voor lager middelbaar beroepsonderwijs, die hij beschrijft als een naargeestige, desolate bunker waar het aan van alles en nog wat schortte, vooral aan perspectief. «Er zitten daar Vijfentwintigduizend leerlingen van wie er vijfduizend kampen met leerproblemen. Dat ze het daar volhouden is al bewonderenswaardig.» Het is een symbool voor wat Marijnissen «de verweesde publieke zaak» noemt. De volgende dag, tijdens de Algemene Beschouwingen, klaagde hij Paars in felle bewoor dingen aan wegens «vernietiging tot op het bot» van de verzorgingsstaat. Waarop premier Kok, minzaam als altijd wanneer Marijnissen voor de microfoon staat, uitlegde dat geachte vertegenwoordiger het toch geheel verkeerd zag, en dat er integendeel onder Paars alleen maar meer geld aan zorg en onderwijs is besteed.

Marijnissen: «Dat is een schandalig verhaal en het komt me ondertussen de neus uit. Het is tekenend voor hoe ver de sociaal-democratie inmiddels van de werkelijkheid af staat. Een tijdje geleden kwam Kok samen met zijn collega’s Blair, Schröder en Person met een gezamenlijke Derde Weg-verklaring waarin ook al werd beweerd dat het dankzij de sociaal-democratische regeringen in het hart van Europa alleen maar beter is gegaan met onderwijs en gezondheidszorg. Het is een tragisch staaltje kapitalistische vervreemding, en bovenal een belediging voor de mensen die in die sectoren werkzaam zijn, de mensen die ik de infanteristen van de publieke zaak noem. Die mensen klagen steen en been over het systematische verval van hun sector, waarmee het sinds het aantreden van de PvdA in de regering alleen maar sneller is gegaan. Dat Kok en rekenmeester Zalm durfden te beweren dat ze juist ongekend investeren in zorg en onderwijs is pure demagogie. Ze maken creatief gebruik van cijfers. Maar als je het relateert aan het bruto binnenlands product, is de investering in onderwijs teruggelopen van 6,6 procent naar 5,1, terwijl de OESO-norm — zeg de norm voor de beschaafde wereld — ligt op 6,5 procent. Er zou dit jaar twaalf miljard gulden bij moeten om het op dat gemiddelde te brengen. De uitgaven voor gezondheidszorg zijn onder Paars gedaald van negen naar 8,2 procent, terwijl de vraag als gevolg van de vergrijzing juist enorm toenam. Ter vergelijking: in de Verenigde Staten wordt veertien procent van het bruto binnenlands product uitgetrokken voor gezondheidszorg: twee keer zo veel als hier.»

De jongste ontwikkelingen lijken Marijnissen gelijk te geven. De «gouden begroting» van 2001 is minder florissant dan wordt voorgesteld. Zo onthulde Hans Wiegel namens de zorgverzekeraars in Nederland dat de premie voor de ziektekostenverzekering het komende jaar maar liefst tien tot vijftien procent omhoog zal gaan, ter financiering van de «extra investering» van 3,5 miljard gulden die Paars II op prinsjesdag aankondigde voor de zorg. Marijnissen: «Dat extra geld is sowieso fictie, want een substantieel gedeelte van twee miljard werd al tijdens de presentatie van de voorjaarsnota aangekondigd. De mensen krijgen het idee voorgeschoteld dat Paars nu allemachtig veel investeert in de kwaliteit van het bestaan; in werkelijkheid is het vooral een kwestie van pr en financieel illusionisme.»

«Kieper de Zalm-norm in de hofvijver», zo hield Marijnissen Kok voor tijdens de begrotingsbehandeling. Het financiële keurslijf van de liberale rekenmeester heeft de Nederlandse samenleving in zijn ogen verstikt. «Het is toch volslagen onzinnig om te zien dat er voor 2001 een inkomstenmeevaller van ruim twintig miljard gulden wordt verwacht en dat Ad Melkert dan namens de PvdA in De Telegraaf meldt dat dat volledig in het aflossen van de staatsschuld moet worden gestoken? Het is zo verschrikkelijk calvinistisch. De staatsschuld bedraagt nu 530 miljard gulden. Ter vergelijking: Nederland zit voor bijna zeshonderd miljard in de hypotheek lasten. We hebben het omgerekend over een schuld van dertigduizend gulden per persoon. Natuurlijk moet dat eens worden afgelost. Maar waarom het hele bedrag er in een klap aan opgeofferd? De OESO becijfert dat investeringen in on derwijs financieel-economisch nu veel meer rendement zouden opleveren. Het zou acht tot twaalf procent rendement betekenen, terwijl aflos sing van de staatsschuld slechts vijf procent genereert. »

Marijnissen geeft een naargeestige opsomming van de droeve stand der dingen in het Koninkrijk der Nederlanden anno 2000. Alle sociale wetten zijn verslechterd, de huurkosten zijn gestegen, de arbeidstijdenwet wordt bij het grof vuil gezet, evenals de VUT. In de WAO verblijven inmiddels bijna een miljoen mensen, die volgens Marijnissen terugkeer op de arbeidsmarkt wel kunnen vergeten als de pleidooien voor het gemakkelijker maken van economische immigratie (zoals bepleit door onder anderen collega Rosenmöller) door de regering worden gevolgd. Het hoger onderwijs is dramatisch in kwaliteit achteruit gehold. Vitale voorzieningen als de spoorwegen zijn geprivatiseerd, terwijl de levering van gas en elektra ook al klaar is gemaakt voor de markt. Meer dan tienduizend mensen wachten op een plaats in een verpleeghuis. Voor een plek in een verzorgingshuis staan 32 duizend mensen op de wachtlijst. In de thuiszorg is de toestand dramatisch te noemen. Bijna zestigduizend mensen krijgen daar geen of onvoldoende hulp. De Inspectie voor de Gezondheidszorg laat weten dat er zevenduizend meervoudig gehandicapten zijn voor wie behandeling en behuizing onder de maat zijn. In de jeugdhulpverlening wachten meer dan tienduizend kinderen op hulp.

Marijnissen: «In dertien van de 21 bestralingscentra die Nederland telt, moeten kankerpatiënten drie tot zeven weken wachten op een behandeling, terwijl volgens de officiële richtlijn de wachtperiode niet langer mag zijn dan twee weken. Nu wordt er voorgesteld om de stralingsdosis dan maar op te voeren, om meer patiënten te kunnen verwerken. Maar, zeggen de experts er dan bij, dan treedt er wel meer littekenvorming op bij de patiën ten. Zo ver hebben we het dan al laten komen. Let wel, we hebben het hier over mensen die te horen hebben gekregen dat ze een tumor in hun hoofd hebben. De lange wachtlijsten voor medische zorg hebben volgens diverse experts het risico op onnodige sterfgevallen enorm vergroot. Je kunt volgens hen al spreken over ‹dood door schuld› van de overheid. Ik hou mijn hart vast voor de eerste processen op de rechtbank. Ik sta daar niet om te springen. Ik hou niet zo van die juridisering van de samenleving. Maar het komt er onherroepelijk aan. Verzekeringsmaatschappij Aegon heeft nu een polis in de aanbieding die de verzekerde in staat moet stellen de wachtlijsten te omzeilen door middel van een arrangement in het buitenland. Maar de premie daarvan ligt wel 180 gulden per maand hoger. Die premiedifferentiatie rukt momenteel enorm op. Daarmee gaat de bijl in de solidariteitsgedachte die ten grondslag ligt aan elke verzekering. Tweedeling is het onvermijdelijke gevolg. Paul Schnabel van het Sociaal Cultureel Planbureau heeft daar tijdens zijn brainstormsessies met het kabinet ook keer op keer voor gewaarschuwd. Minister Borst maakt zich daar in de Zorgnota ook expliciet ongerust over, maar ondertussen doet ze niets om het tij te keren. Dat noem ik twee zielen in een borst. Maar goed, die mensen die goed bij kas zitten en die peperdure verzekeringen nemen, zullen ook veel hogere eisen stellen aan de geboden diensten. Dan krijg je dus onherroepelijk Amerikaanse toestanden: mensen zullen gezondheid eisen. Ze hebben er uiteindelijk voor betaald. Dat brengt een enorm juridisch circus met zich mee, met alle kosten van dien, die echter niet de zorg, maar de advocatuur ten goede zullen komen. Maar ja, marktwerking in de gezondheidszorg is ook al lang geen taboe meer. Ik hoorde collega Hermann van GroenLinks daar ook al eens een pleidooi voor houden.»

Het parlementaire wapengekletter over het politieke lot van minister Borst, die verleden week demonstratief «onder curatele» van de Tweede Kamer werd gesteld, heeft bij Marijnissen weinig enthousiasme losgemaakt. «Ik denk niet dat Borst politiek nog een lang leven is beschoren. Als de verkiezingen naderen zal Thom de Graaf waarschijnlijk wel overgaan tot een politieke moedermoord. Wat ik Borst kwalijk neem, is dat ze zich heeft laten misbruiken om de medische zorg stelselmatig uit te kleden, precies zoals Karin Adelmund natuurlijk is binnengehaald om gemakkelijker te kunnen snoeien op de sociale uitkeringen. Borst had solidair moeten zijn met de medische wereld waar ze zelf uit kwam. Maar ze ontpopte zich als de vijfde colonne van Paars binnen die medische zorg. Dat bezuinigt wel zo lekker weg. Het probleem is nu dat zelfs extra investeringen misschien niet eens meer helpen. Er is definitief iets stukgemaakt, zeker bij de mensen uit de zorgwereld zelf, de artsen, de verplegers, net zoals dat bij het onderwijzend personeel het geval is. In hun sector is niet alleen het vet weggesneden, men is gaan hakken tot op het bot. Dat heeft het vertrouwen weggenomen bij de mensen die het allemaal doen moeten. Zo kon het tekort aan verplegend personeel en onderwijzers ontstaan. Er worden nu verpleeg sters uit Zuid-Afrika naar Nederland overgevlogen om de tekorten aan te vullen. Maar dat gaat weer ten koste van de mensen daar, zoals Nelson Mandela eerder al klaagde toen Zuid-Afrikaans verplegend personeel massaal naar Engeland vertrok.»

«Het concept van de verzorgingsstaat is ingeruild voor een kille, zakelijke waarborgstaat», sprak Marijnissen verleden week in de Tweede Kamer. Dat is de vrucht van twintig jaar neoliberale politiek, legt hij uit, maar intussen is het probleem er ook een van de burger geworden. Het gebrek aan moraal is van de overheid op de burger overgesprongen, zo meent hij. Hij citeert de Duitse wijsgeer Habermas: «Waar de utopische oasen opdrogen, ontstaat er een woestijn van banaliteit en radeloosheid.» Marijnissen: «Het is niet zo dat er uit alle noden weer iets moois opbloeit, een nieuwe solidariteitsgedachte. De Verelendung van Marx gaat in die zin niet op. Integendeel, de calculerende burger past zich gewoon aan, onder het motto: What’s in it for me? Het is natuurlijk prachtig dat er in Utrecht en Deventer wordt gedemonstreerd tegen de scheiding tussen witte en zwarte scholen. Maar dat protest is piepklein. De meeste mensen passen zich gewoon aan. Ik ken er die zelf in de jaren tachtig altijd van de partij waren bij demonstraties tegen racisme en fascisme, die er zelfs bij waren in Kedichem, maar die nu, wat ouder geworden, hun kroost ’s ochtends wel in de auto zetten om maar te voorkomen dat ze met al die allochtone kindertjes op school moeten. Dat is een enorm gevaar voor de kwaliteit van de samenleving. Het gebrek aan verzetscultuur breekt dit land op. Zoals Marcuse al vaststelde: de gelukkige slaaf is het grootste gevaar voor de vrijheid.»

Aan het eind van het interview bezweert Marijnissen dat hij het ook niet altijd weet. We moeten niet denken dat zijn universum exclusief bestaat uit gietijzeren zekerheden. «Integendeel, ik ben de vleesgeworden twijfel», zegt hij. «Ik twijfel altijd. Er gaat eigenlijk geen dag voorbij dat ik mijn mening niet ergens over herzie. Pas nog met euthanasie. Vroeger was ik daar een uitgesproken voorstander van. Vrijheid van het individu boven alles. Nu ben ik daar niet zo zeker meer van. Jaag je zo mensen eigenlijk niet de dood in? Hoeveel oude mensen voelen zich niet volkomen overbodig? Hoevelen zouden zich aanmelden voor een spuitje, alleen maar om anderen niet tot last te zijn. Waar leidt vrijheid van keuze uiteindelijk ook weer tot dwang?»