Het voetbal en wij

De VVD wordt nu voortbewogen door een tandem. De trapper op het achterzadel staat vooral bekend om haar apodictische waarheden als een koe. “Regels zijn regels”, is de bekendste. Maar ook haar variaties met het woord “adequaat” mogen er zijn. Minister Verdonk is echter nog lang niet zover als tal van leiders in de sportwereld, in eigen land en buitenland.

Bill Shankly, ooit manager van voetbalclub Liverpool over wiens rug de eveneens hoogbegaafde aforist Johan Cruijff in 1967 zijn opmars naar de wereldtop begon, heeft de indrukwekkendste batterij aforismen op zijn conto.

Zoals: “Iemand zei me ooit: ‘voetbal is voor jou belangrijker dan leven en dood ’. Ik zei: ‘luister, het is belangrijker dan dat’.” En: “Als je op de rand van het strafschopgebied staat met de bal en je weet niet wat te doen: gewoon nu even de bal in het net schieten. De andere opties kunnen we later nog evalueren.”

Bill Shankly (1913-1981) was niet gek. Vanaf volgende week wordt een maand lang duidelijk dat zijn opvolgers, met uitzondering van Johan Cruijff (1947), het vak van exact formuleren tegenwoordig minder goed verstaan.
Een maand lang zal de televisie in het teken staan van verbale armoede. De kijker zal het moeten doen met wijsgerige annotaties waarin begrippen als “naar binnen knijpen”, “met de punt naar achter of naar voren”, ‘voetballend oplossen”, “standaardsituaties”, “kort dekken”, “voor de man komen”, “balcirculatie” en “ruit” met elkaar concurreren om de eerste plaats in de trefwoordenindex. De kijker zal worden overspoeld met biografische verwijzingen naar de dode “vedetten” of “levende legenden” Pele, Socrates, Ronaldo, Ronaldinho, Maradona, Rivera, Maldini, Best, Platini, Zidane, Henry, Beckenbauer, Mathäus, Klinsmann, Ballack, Cruijff, Neeskens, Van Basten of Gullit.

Voor lezers van De Groene Amsterdammer moeten dat tergende weken worden, niet wegens het programma-aanbod op publieke en commerciële zenders maar wegens de ruis in de ether. Onze lezers bekommeren zich, volgens onderzoek van het communicatiebureau NOAD, namelijk wel degelijk om voetbal als sport en het wereldkampioenschap als competitie.

Wat cijfers uit de enquête van NOAD, een selectieve steekproef onder de wekelijkse lezers van De Groene Amsterdammer (N = 1650) ter adstructie.

· 81,4 % (gecorrigeerd naar demografie 99,2 % van alle lezers van 40 jaar en ouder) weet nog precies waar hij of zij op 7 juli 1974 was.

· 21,7 % betreurt nog steeds de nederlaag van Ferenc Puskas op 4 juli 1954 tegen 16,2 procent die juist met genoegen terugdenkt aan Fritz Walter op diezelfde dag.

· 53,5 % schaamt zich ten diepste over het eigen gedrag in de nacht van 21 op 22 juni 1988 en 65,3 % plaatsvervangend voor dat van Ronald Koeman.

· 79,8 % der lezers ouder dan 25 jaar heeft heimwee naar Theo Reitsma, 45,9 % naar Herman Kuiphof en 18,1 % naar Koen Verhoef.

Voor hen heeft De Groene Amsterdammer onder auspiciën van sportanalist Rob van Erkelens een eigen voetbalpool ontwikkeld, met mooie prijzen (alle voetbalverslagen uit het weekblad, de bijbel in de vertaling van 1619, de opera Lady Macbeth Mtenskogo Oejezdi van Sjosjtakovitsj, supporter van Zenit Leningrad) in het verschiet.

Niet in dit weekblad, om de 26,1% van de voetbalhaters niet te ontrieven, maar op de website.

Vanaf heden beschikbaar op: www.groene.nl/wc2006