Het waren allereerst de politici die de burgers wantrouwden

Staatssecretaris Menno Snel van Financiën gebruikte zelf de vergelijking met het vroegere Oost-Europa. Als daar in de tijd van het IJzeren Gordijn een politieagent je staande hield, vonden ze altijd wel wat om je te beboeten. Deze destijds door ons gehekelde én vervloekte mentaliteit heerst nu bij Snels eigen Belastingdienst. Hier in Nederland, waar we zo graag met het vingertje wijzen naar anderen.

Honderden ouders die een aanvraag indienden voor de kinderopvangtoeslag zijn van die mentaliteit de dupe geworden. Ze waren bij voorbaat verdacht. En er was geen adequate rechtsbescherming. Bij hun verdediging maakten ze geen schijn van kans. Er werd doelbewust gezocht naar maar het kleinste foutje bij hun aanvraag.

Het gebeurde allemaal onder Snels eigen ogen, maar er was een commissie onder leiding van voormalig minister van Justitie Piet Hein Donner voor nodig om de ‘structureel vooringenomen houding’ bij de dienst Toeslagen voor de staatssecretaris helder in kaart te brengen. De casus die de commissie onderzocht, was die van een Eindhovens gastouderbureau dat werd verdacht van fraude met de kinderopvangtoeslag. In één moeite door werden toen alle ouders die van dat bureau gebruikmaakten met argwaan bejegend.

Het is ronduit schokkend om in het rapport van de commissie-Donner te lezen hoe de dienst Toeslagen te werk wil gaan wanneer het vermoeden rijst dat bij een gastouderbureau ‘alles fake is’. ‘Maar om het stopzetten te rechtvaardigen, moeten we een paar concrete gevallen hebben. Als dat is vastgesteld, gaan alle kranen dicht.’ Dat daar onschuldige ouders het slachtoffer van waren, werd weggewimpeld als nevenschade. Alsof het hier om een oorlog gaat waarin nu eenmaal doden en gewonden vallen.

De politiek heeft mee gesleuteld aan het DNA van de argwanende Belastingdienst

Dit alles schreeuwt niet alleen om de reeds toegezegde compensatie van de gederfde kinderopvangtoeslag plus een schadevergoeding voor de getroffen ouders, maar ook om een forse boetedoening door de daders bij de betreffende overheidsdienst. Was het echter maar zo eenvoudig. Dan waren het slechts een paar rotte appels die je weg kunt halen, waarna je verder kunt. De vooringenomen houding die iedereen tot verdachte maakt, zit bij deze dienst echter diep in de genen, overal, van hoog tot laag.

De politiek is daar mede verantwoordelijk voor. Niet pas achteraf, nu het zo fout blijkt te zijn gegaan. Nee, de politiek heeft mee gesleuteld aan het dna van de dienst Toeslagen, waardoor de houding ‘onschuldig tot het tegendeel is bewezen’ muteerde in ‘bij voorbaat verdacht’.

Met het volle verstand zijn politici in het verleden akkoord gegaan met een harde aanpak van toeslagenfraude. Het stond in 2012 in het regeerakkoord van Rutte II, van vvd en pvda. De commissie-Donner verwijst daarnaast ook naar het nog steeds actieve cda-Kamerlid Pieter Omtzigt en de huidige minister van Sociale Zaken Wouter Koolmees. Beiden zaten destijds in de oppositie, ook zij drongen aan op een harde aanpak. Want er zou massaal worden gefraudeerd en de aanpak van fraude zou falen.

Door die houding negeerden kabinet en Tweede Kamer met het volle verstand de waarschuwing van toenmalig vvd-staatssecretaris Frans Weekers. Die wees er in 2013 al op dat de balans tussen dienstverlening en fraudebestrijding in het voordeel van het laatste zou doorslaan. Het was aan dovemansoren gericht.

Fraude ondermijnt de solidariteit, zoals in het regeerakkoord van Rutte II stond, maar de blootgelegde, diepgewortelde vooringenomen houding ten aanzien van onschuldige burgers ondermijnt het vertrouwen van de burger in de rechtsstaat. Hier past velen diepe schaamte.