H.J.A. Hofland

Het Westen na Bus

Een tijdperk geleden wilde George W. Bush de mensheid bevrijden van de Axis of Evil, de As van het Kwaad. Helemaal origineel was het niet. Ronald Reagan had de Sovjet-Unie al uitgeroepen tot het Rijk van het Kwaad. Met verstandige medewerking van de westelijke bondgenoten en vooral van Michael Gorbatsjov lukte het de wereld in veiliger vaarwater te brengen. Zonder oorlog, dat moet er met nadruk aan toegevoegd worden. In de loop van de tien jaar daarna raakte het hele Westen in de waan dat dankzij de vrije markt en internet iedereen onvermijdelijk steeds rijker zou worden, terwijl de liberale democratie zich over de planeet verbreidde. Toen barstte eerst de zeepbel, goedgelovige investeerders verloren hun kapitaal dat op wind was gebouwd en oplichters werden ontmaskerd. Daarna, op 11 september 2001, diende de rest van de wereld zich opnieuw aan. Weer was een nieuw tijdvak begonnen.

President Bush ontdekte de As van het Kwaad: Irak, Iran en Noord-Korea. Doel nummer één van de Amerikaanse politiek was nu: de wereld van dit drievoudig Kwaad bevrijden.

Vorige week verscheen The Economist met op het omslag een bedremmelde George Bush en een leep kijkende Tony Blair en de tekst: Axis of Feeble. Leuk gevonden. Het weekblad is vaak goed in snedige woordspelingen en gedurfde conclusies. Ook nu weer. The Closing of the Bush-Blair Era, staat eronder. Daarna valt het artikel tegen. De populariteit van Bush staat op 31 procent, Blair is roemloos op de aftocht. We weten waaraan ze het te danken hebben. Er is in de wereldgeschiedenis geen leider geweest die, beschikkend over zoveel macht en geconfronteerd met zulke gigantische problemen, er met zijn kleine club van vertrouwelingen zo’n knoeiboel van heeft gemaakt.

Kort voor de oorlog in Irak begon, heb ik een grote fout gemaakt. Ik veronderstelde dat Blair de enige was die Bush van de mislukking in Irak af kon houden, volgens het principe dat je moet doen alsof je met de kudde meeloopt om er een andere richting aan te kunnen geven. Staatsman Blair, heb ik toen geschreven. Maar hij was even megalomaan en bezeten als Bush.

Nu komt The Economist met de mededeling dat beide heren in principe wel gelijk hadden en hebben, maar dat hun beleid van uitvoering niet deugde. Op een zeker ogenblik slaat kwantiteit om in kwaliteit. Dat is hier het geval. De wereld die we over iets meer dan twee jaar van baas Bush en knecht Blair erven, is veel gecompliceerder en waarschijnlijk voor het Westen veel gevaarlijker dan die van voor Bush en 9_/_11. In de jaren van Bush, gekenmerkt door zijn _We will prevail-_kabaal, is het Westen door een principiële verandering in de wereldpolitiek beslopen. Amerika is nog steeds het machtigste land ter wereld. Maar de praktijk van de afgelopen vijf jaar heeft bewezen dat het een hypermacht is die door grote mondiale veranderingen verhoudingsgewijs steeds kleiner wordt, en die men desnoods aan zijn laars kan lappen. De snelle opkomst van India en China blijft Washington verbazen. Onder Poetin laat Rusland zich weer als grote mogendheid gelden. Iran negeert ostentatief en ongestraft alle manoeuvres van het Westen. Over Irak hoeven we het niet meer te hebben.

Al vóór 9/11 had Bush de klassieke fout gemaakt van alle heersers die zichzelf, de hun beschikbare macht en de reikwijdte daarvan overschatten. Hij is vastgelopen in de onmetelijkheid van het gevechtsterrein. The Economist moet bij Bush in zijn strijd tegen het Kwaad nog altijd in de verte aan Churchill denken. Een vergissing. In dit opzicht lijkt hij meer op Napoleon en Hitler, die ten onder zijn gegaan in hun eigen oeverloze mondiale ambities. Dat de kiem van dit denken bij deze Amerikaanse president aanwezig was, werd al duidelijk toen hij het verdrag van Kyoto opzegde. De idyllische tijd waarin nog niemand aan de oorlog tegen het terrorisme had gedacht.

De laatste vergissing van The Economist. Ze denken daar dat de vroege critici van Bush nu met leedvermaak – zie je wel, en ik heb het je wel gezegd – naar zijn aftakeling kijken. Nee. Het is niet de aftakeling van Bush maar van Amerika. Ik ben onvoorwaardelijk pro-Amerikaans. Ik heb met weerzin en soms met woede gezien hoe deze president het imago van zijn land consequent verder afbrak, hoe hij alle waarschuwingen uit Amerika zelf met een botte zelfvoldaanheid wegwimpelde. En hoe hij daarmee succes had, tot het grote publiek eindelijk ontdekte dat ook voor de hypermacht de wereld te groot was om zich met shock and awe te laten hervormen.

De grote vergissing van Bush is ook die van zijn collaborateurs, de neocons, Rupert Murdoch en zijn Fox-televisie, The New York Post en verwante media, die een van de grootste hersenspoelingen uit de geschiedenis tot stand hebben gebracht.

Het tijdperk Bush-Blair, van de Axis of Feeble, loopt ten einde. De ramp in wording is misschien dat zich nog geen geloofwaardig alternatief heeft aangediend. Er is noch in Amerika noch in Europa een oppositie in wording die bezig is met het ontwerp voor een samenhangende wereldpolitiek waardoor de relatieve vermindering van de westelijke macht en invloed niet verder tot een feitelijke afbraak zal leiden. Nog twee jaar Bush. Nog twee jaar om in dit gebrek te voorzien.