Het wilde westen

Schrik niet. Een collega uit een vorig leven stuurde me een berichtje dat begon met die twee woorden. Onze oude baas was dood. Hij was oud, ziek, ik hoefde er in theorie niet van op te kijken, maar toch was het blijkbaar ondenkbaar dat hij weggevaagd zou kunnen worden.

Hij was mijn eerste baas, in mijn eerste baan. Het zou overdreven zijn om te zeggen dat ik alles van hem heb geleerd, maar hij was wel degene die me een bepaald soort realiteit in sleurde. De realiteit van het werkende bestaan.

Het eerste wat hij me leerde was dit: trek nooit een jurk of een rok aan. De mensen zullen denken dat je secretaresse bent.

Tot dan toe kende ik alleen nog de hoerenvariant. Draag niet die netpanty, want de mensen zullen denken dat je ergens voor in bent.

Wat moet je met die adviezen?

Ik was een bleue kip, dacht met wat cosmetische ingrepen nog iets te kunnen sturen. Zo naïef. De mensen keken recht door mijn coltrui en spijkerbroek heen en zagen wat ze wilden zien. Het enige wat handig bleek, tot aan de dag van vandaag, was om altijd platte schoenen bij je te hebben. Om harder te kunnen wegrennen indien nodig.

De massale aanranding van vrouwen in Keulen tijdens nieuwjaarsnacht wordt er verder niet kleiner of groter op, maar au fond komt het me vooral bekend voor. De schaal waarop is buitenissig, het feit op zich niet. Dit is wat er met vrouwen gebeurt, dag in, dag uit, overal op de wereld. We kunnen doen alsof we iets bevochten hebben, maar het vrouwelijk bestaan speelt zich af op spitsroedenhoogte. Als het allemaal voetbalsupporters waren, had ik het ook geloofd. Having fun is no crime, wordt het Londense uitgaanspubliek via grote posters met daarop een lachend groepje proostende meisjes voorgehouden. Rape is. Zolang je in iedere zichzelf respecterende stad buurten hebt waarin vrouwen in de vitrine staan als in een slagerswinkel zal de heersende gedachte zijn dat datgene waarvoor je kunt betalen je je ook gratis kunt toe-eigenen.

Carnaval komt eraan.

Seks, omdat het moet.

Dat nu zo verontwaardigd wordt gesproken van ‘seksterreur’ heeft vooral te maken met de veronderstelde groep van haatdaders. Is het hun vrouwbeeld dat hen drijft? Zijn het hun seksuele mores? Ik weet het niet. Misschien denken ze dat ze in oorlog verkeren. En hoe kun je de vijand beter treffen dan via zijn vrouwen?

Onze vrouwen.

Mijn baas dacht me te moeten beschermen. Ik kreeg een snelcursus in het afleren van mijn eenkennigheid. Hij moedigde me aan de telefoon te pakken, vragen te stellen, commentaar te leveren, op vreemde deuren aan te kloppen, mijn mond open te doen. En vooral: strepen te halen door andermans geproduceerde teksten. Ik snapte pas later waarom hij altijd de confrontatie zocht. Hij was afkomstig uit het bedrijfsleven, en was noodgedwongen een nieuw leven begonnen bij de rijksoverheid. De types daar vond hij eigenlijk maar een stelletje sukkels. Dit was het andere belangrijke wat hij me leerde: niet a priori respect te hebben voor gedrukte tekst. Als ik iets niet snapte, dan klopte er iets niet.

Ik denk vaak dat ik alles te traag heb gedaan. Dat ik te lang werk heb gedaan dat me basically verveelde. Maar als ik denk aan de leerschool die mijn baas me liet doormaken, kijk ik er met mildheid op terug. Na ongeveer een jaar droeg ik gewoon mijn jurken, mijn rokken, mijn hakken. Was ik nog steeds verlegen, maar had ik op z’n tijd mijn woordje wel klaar.

O god carnaval

Ik begon stukjes te schrijven. In mijn eerste stukje verwerkte ik alle vreemde woorden die ik had leren kennen door een onderzoek van Verkeer Waterstaat dat ik had begeleid. Toen ik de onderzoekers in kwestie tegen het lijf liep, spraken ze me erop aan.

‘Denk je dat dat leuk is soms?’

Verlegenheid.

Volgens David Foster Wallace betekent het vooral zozeer van jezelf bewust zijn dat het moeilijk is om met anderen te verkeren. Ik hield van mijn baas, na verloop van tijd. Ik kwam bij hem thuis, hij had een enorme tuin die hij vol zorg onderhield, de borders stonden vol met lavendel. Als hij bij mij op bezoek kwam, nam hij chocoladesinaasappelflinters voor me mee, van die hele ouderwetse dingen. Waar koop je die nog?

Ik zit dit te typen met op de achtergrond het journaal. De Keulse politiechef is inmiddels ontslagen. Hij heeft niet duidelijk gezegd hoe ernstig de zaak was. Dit wordt er ook gezegd: dat er snel orde op zaken moet worden gesteld in het korps. Carnaval komt eraan.

O god carnaval. We weten allemaal waarmee dat gepaard gaat.

Het wilde westen