‘Het Witte Huis heeft een bitch nodig’

SALEM (New Hampshire) – In Salem, een stadje van bijna dertigduizend inwoners op de grens van Massachusetts en New Hampshire, komen de presidentskandidaten allemaal voorbij. Grote kans dat ze een toespraak houden in Salem High School, een troosteloze blokkendoos net achter Main Street, want in de aula passen liefst zevenhonderd mensen.

Op zondag 6 januari, aan het eind van de middag, staan tussen opgehoopte resten sneeuw meer dan vijftienhonderd mensen te wachten. Er wordt opgewonden gediscussieerd: ademwolkjes kringelen door de koude winterlucht. Barack Obama, de glorieuze winnaar van de voorverkiezing in Iowa, is in aantocht.

‘Salem is voor Hillary’, meent Elinor Lewis, een gepensioneerde vrouw van begin zestig, die met haar dochter Cindy Gibbs en met kleindochter Stephanie in de rij staat. ‘Maar we zijn hier om uit te vinden waarom iedereen Obama zo fantastisch vindt.’ Hillary Clinton hadden ze in november al gezien. Op de meegebrachte digitale camera wordt een foto getoond van een nog vrolijk lachende Clinton, poserend naast Cindy. Toen, in november, ging ze in de peilingen nog ruim aan de leiding.

Drie verkiezingsthema’s zijn voor mevrouw Lewis van belang: Irak, gezondheidszorg en illegale migratie. Als Obama op die punten met een bevredigend verhaal komt, wil ze best overwegen naar hem over te stappen. ‘We zijn tenslotte toe aan verandering’, praat ze de Obama-campagne na. Cindy ziet niets in Obama. ‘Permanent dat wijzende vingertje tijdens de toespraken. Ik wil geen president met een wijzend vingertje.’

Het geduld wordt op de proef gesteld: de politieke belofte heeft in de voorlaatste dag van de campagnes in New Hampshire wat vertraging opgelopen. Zo’n anderhalf uur lang staart de zaal naar het door de Obama-campagne op het podium neergezette groepje trouwe supporters die als decorstuk dienen. Oud, jong, man, vrouw, een veteraan en een alternatieveling met het bord ‘Obama Rocks’. Opzwepende muziek klinkt op de achtergrond. U2, altijd weer U2.

Als op het allerlaatste moment een campagnemedewerker met een rolletje plakband en een schaar een blauw kartonnetje met de tekst ‘Change we can believe in’ op het spreekgestoelte heeft bevestigd, wordt de presidentskandidaat door een ‘teleurgestelde en ongelukkige Republikein’ aangekondigd. De vrouw heeft na het lezen van Obama’s boek The Audacity of Hope haar partijregistratie veranderd en voert nu campagne voor de man die, zo zegt ze, als enige de diepgewortelde tegenstellingen in Amerika kan overbruggen.

Seconden later beent de lange Obama zelf het podium op. Salem belandt in een veertig minuten durende extase. De senator levert peptalk als een baptistische predikant, met veel tempowisselingen en steeds krachtiger zinnen naarmate het applaus aanzwelt. Amerika moet weer verenigd worden, zegt hij. ‘Over twee dagen kan een nieuw hoofdstuk in de geschiedenis van Amerika beginnen. Over twee dagen kunnen we beslissen dat we één land, één natie zijn: de verenigde staten van Amerika.’

Elinor Lewis zit op het puntje van haar stoel en klapt driftig mee. Zo was de politiek vroeger, zegt ze. Ze fluistert iets over John F. Kennedy. Cindy Gibbs kijkt vooral naar het wijzende vingertje.

‘Let’s do it, let’s change the world!’ besluit Obama.

Pas als hij tussen de draperieën op het podiumpje verdwijnt en het licht aangaat, is de aula van Salem High weer gewoon de aula van Salem High. Elinor Lewis is onder de indruk. Het wordt Obama, zegt ze. Dochter Cindy blijft bij Hillary. ‘Het Witte Huis heeft een bitch nodig’, lacht ze. En de jongste van de drie generaties, Stephanie, weet het nog niet.

Dus een dag later staan ze er weer.

Het is maandagavond 7 januari en ook Hillary Clinton komt nog één keer langs in Salem. De rij is iets korter, maar ook Clinton heeft behoorlijk wat mensen op de been gekregen. De Clinton-campagne is wat meer gestroomlijnd. Voor ze er erg in had, kreeg mevrouw Lewis een sticker op haar jas geplakt. Er worden buttons en T-shirts uitgedeeld, het podium ziet er wat aangekleder uit en een jongen van het campagneteam slaakt af en toe wat sfeerverhogende kreten door de microfoon. ‘Are you ready to see the next president of the United States?’

Als ze binnenkomt, krijgt ze een staande ovatie. Met een koninklijk handgebaar maant ze de mensen weer te gaan zitten.

Ook Hillary zegt dat ze ‘de kandidaat van verandering’ is. Maar ook van de ervaring. Amerika moet weer verenigd worden, zegt ook zij. Maar meer dan Obama praat ze ook over beleid, over migratie en hoe de oorlog in Irak in zestig dagen ‘beëindigd kan worden’. Op een aantal technische vragen van kiezers geeft ze geduldig en uitvoerig antwoord en als ze aan het eind van de avond nog even wat handjes schudt, wordt ze enthousiast toegejuicht. Maar de passie ontbreekt. Hier is een geoliede machine aan het werk.

Het kan oma, dochter en kleindochter Lewis-Gibbs niet schelen. ‘We zijn overtuigd’, lacht Cindy. ‘Ik was best onder de indruk van Obama, maar ik vind Clinton nog altijd beter. Ervaring is best belangrijk, vind ik. Obama zei precies de dingen die ik zou zeggen als presidentskandidaat. Maar voor Obama kiezen is een gok, zoals Hillary zei. Hij heeft zich nog niet bewezen. Hillary weet dat niet alles mogelijk is. Je kunt niet te veel idealen hebben, je moet weten hoe Washington werkt.’

Oma Elinor: ‘Zo cynisch zijn we geworden.’

Kleindochter Stephanie: ‘Maar het is wel een vrouw, Hillary.’

Dochter Cindy: ‘Een bitch, dat is het. Maar een goede bitch. En zou het niet geweldig zijn als Bill weer terugkwam in het Witte Huis?’

Drie stemmen voor Hillary dus.

Cindy: ‘Iemand moet het doen.’