Gordijnen dicht

Hilhorst

Een beter milieu begint bij jezelf. Met talloze Postbus 51-spotjes is de boodschap er de afgelopen twee decennia ingeramd. Soms apocalyptisch met een wereldbol die als een kaars opbrandt, soms inspelend op de feel good-factor door bekende Nederlanders te laten vertellen over hun persoonlijke milieuoffer. Het offensief is niet zonder succes gebleven. Hoogrendementsverwarmingsketels zijn ingeburgerd geraakt, spouwmuren zijn met isolatiemateriaal volgespoten en in tal van huizen hangen waterbesparende douchekoppen, die in de wandelgangen Rosenmöllerkoppen werden genoemd vanwege de alerte Kamerinitiatieven van de GroenLinkser op dit milieuspeerpunt.

Toch is het ministerie van Vrom niet tevreden. De in 1995 gestelde doelen voor het gescheiden inzamelen van afval zijn volgens de vorige week bekendgemaakte cijfers over 1998 niet gehaald. Per burger moest 89 kilo papier apart opgehaald worden, het was 63 kilo. Ook de beoogde 25 kilo glas werd niet gehaald; de teller bleef bij 21,4 kilo steken. En er werd minder dan de helft van de gehoopte vijf kilo textiel opgehaald. Het meest teleurstellend scoort echter het Groente-, Fruit- en Tuinafval. Deze afvalstroom daalt zelfs. In de grote steden is het een volledige mislukking. Een paar dagen voor de bekendmaking van de tegenvallende resultaten kondigde ook Arnhem aan het gescheiden ophalen van gft te staken.

Minister Pronk reageerde zoals dat een Paars politicus past met een prijsprikkel. Hij kondigde een extra heffing aan voor restafval die 150 miljoen moet opleveren. Dat van het doorberekenen van deze prijsprikkel in de meeste gemeenten niks terechtkomt en het gedragseffect dus verwaarloosbaar zal zijn, brengt hem niet van de wijs. Er moeten daden worden gesteld. Deze halsstarrigheid is des te opmerkelijker gezien recente technologische ontwikkelingen. In Vroege vogels vertelde de woordvoerder van een Gronings afvalverwerkingsbedrijf trots dat met de nieuwe vergistingsmachine het gescheiden ophalen van vuil niet meer nodig is. Tot negentig procent van het vuil wist hij te hergebruiken als biogas of andere nuttige zaken.

Het ophalen van klein chemisch afval is ook meer en meer een onzinnige zaak. Het Afval Overleg Orgaan adviseerde Pronk twee maanden geleden al om het aantal in te leveren stoffen terug te brengen van 44 naar 18. Radicalere voorstellen durfde het orgaan niet te lanceren, maar eigenlijk is ook het gescheiden ophalen van batterijen niet meer nodig. Die kunnen ook snel en goedkoop uit het restafval verwijderd worden. De angst is echter groot dat een te ingrijpende koerswijziging de consumenten cynisch zal maken. Zij zouden terecht het gevoel kunnen krijgen dat zij zich jarenlang voor niets hebben uitgesloofd. Voor de betrokkenheid bij het milieu die volgens het Sociaal en Cultureel Planbureau toch al daalt, is dat funest. Dus houden we de schijn nog even op en blijft de overheid ons opzadelen met zinloze verantwoordelijkheden.

Pronk toont zich zo een goede leerling van Den Uyl. Diens autoloze zondagen tijdens de oliecrisis leverden geen enkele bijdrage aan het voorkomen van het energietekort. Met deze grootste symbolische politiek doofde de premier echter wel bij voorbaat alle kritiek. Niemand kon nog beweren dat de regering de zaak niet ernstig opnam. De conclusie is duidelijk. Een beter milieu begint allang niet meer bij jezelf, maar politici zijn als de dood om dat toe te geven. Dan is falend milieubeleid immers alleen nog maar hun eigen schuld.