Ontwerpen met een missie

Hipster ontmoet vluchteling

Hoe kan design de dolende asielzoeker van dienst zijn? Met een zelf in elkaar te zetten Ikea-huisje bijvoorbeeld. De Refugee Challenge toont het potentieel van geëngageerd design.

Medium hh 56670019

Ruim zeshonderd inzendingen kwamen er binnen op de Refugee Challenge. Vanuit India, Amerika en China, maar vooral uit alle hoeken van Europa. Op dit moment telt het Europees Parlement 726 leden. Als je die zou vervangen door deze ontwerpers, dan zou ons deel van de wereld er meteen een stuk slimmer, mooier en vredelievender uitzien.

De Refugee Challenge is een initiatief van What Design Can Do, unhcr (het vluchtelingencommissariaat van de Verenigde Naties) en de Ikea Foundation. De vraag was: ‘Hoe kan design helpen om steden en vluchtelingen beter op elkaar te laten aansluiten?’ Op dit moment woont zestig procent van de twintig miljoen vluchtelingen wereldwijd in stedelijke gebieden. dat worden er alleen maar meer. Ook in Europa. Vandaar de vraag aan betrokken ontwerpers om ‘moedige, innovatieve oplossingen voor uitdagingen op het gebied van huisvesting, zorg, onderwijs, arbeid, culturele integratie en meer’.

De vijf finalisten ontvangen elk tienduizend euro en deelname aan een acceleratieprogramma om daar met prominente ontwerpers en humanitaire experts verder te werken aan de realisatie van hun plan. Intussen werkt de site van de Refugee Challenge voor alle inzenders en belangstellenden als een online platform voor commentaar, meedenken en koppeling aan verwante ideeën en mogelijke partners. Deze wedstrijd is geen black box: de inzendingen staan allemaal online, iedereen mag zich ermee bemoeien, het zullen niet alleen de winnende ontwerpen zijn die straks gerealiseerd gaan worden.

Vorig jaar nam de start-up Better Shelter in samenwerking met Ikea Foundation en unhcr een ontwerp voor flat-pack refugee shelters in productie. De eerste tienduizend exemplaren van dit lichtgewicht huisje van 17,5 vierkante meter, duurzamer en beter geïsoleerd dan de klassieke vluchtelingententen, worden door de unhcr verspreid in crisisgebieden. Helemaal in Ikea-stijl: je pakt de dozen uit en zet in vier uur een heel huis overeind, zonder extra gereedschap. En ze hebben nog zonnepanelen ook. Het succes van dit ‘ongewoon gevoelige en intelligente ontwerp’ (designcriticus Alice Rawsthorn) was de aanleiding voor de Refugee Challenge. Tijd om te gaan kijken naar de inzendingen.

De eerste indruk is overweldigend. Zoveel technisch vernuft en toegankelijke esthetiek zie je zelden bij elkaar. En het maakt allemaal des te meer indruk als je het contrasteert met de beelden van de mensen voor wie het bedoeld is: de kleumende, dicht op elkaar gepakte lichamen in rubberbootjes; de mensen die te laat zijn overgestoken en nu vastzitten in detentiecentra op Lesbos; de inwoners van geïmproviseerde steden in Duinkerken en Calais; de vrouwen met kinderen die zich opeens terugvinden in de asielzoekerscentra van Musselkanaal of Goes; de statushouders die binnenkort terechtkomen in de Bijlmerbajes. De Refugee Challenge brengt het mooiste en het lelijkste van Europa bij elkaar.

Medium reframe image

Het werk straalt een onmiddellijke, twijfelloze passie uit. Veel ontwerpers van dit kaliber kunnen net zo goed tienduizend euro verdienen aan een reclameklus of een bouwopdracht. Maar nu steken ze tijd en denkkracht in de minimale kans op een prijs die ze, als ze hem al winnen, meteen weer doorgeven aan mensen die ze niet kennen. Ze geloven in de kracht van hun vak. En die kracht stellen ze zonder verdere discussie beschikbaar aan hun nieuwe stadsgenoten.

Er zitten natuurlijk ontwerpen tussen die je naïef zou mogen noemen als je de slechtheid van deze wereld voor gegeven aanneemt. Project EU Citizenship wil voorkomen dat mensen hun leven wagen op wrakke bootjes om hier asiel te komen aanvragen: elk land stuurt een eigen schip naar Turkije of andere vertrekpunten, in grootte verschillend naar gelang het aantal vluchtelingen dat een land wil opnemen, met aan boord een ambassade waar ter plekke asiel kan worden aangevraagd. Daarna vaar je onder de vlag van dat land naar je bestemming, zonder tussenstops, zodat je ook de Dublin-claim omzeilt. Welcome Wonder Wall is een interactieve multimedia-wand in asielzoekerscentra: nieuwkomers vinden op touchscreens juridische en medische informatie over hun land van aankomst, terwijl hun kinderen erop kunnen gamen en vloggen. Alleen: hoe realiseer je zoiets in centra waar nu met moeite een handvol computers staat en de wifi vaak ontbreekt?

Ingeklapt past deze unit door elke deur, uitgeklapt is het een toilet, douche en keuken inclusief magnetron

Realistischer is een lange reeks ontwerpen voor betaalbare, makkelijk op te bouwen tijdelijke woningen. Vaak modulair, van duurzaam materiaal, flexibel in te delen. De flat-pack refugee shelters hebben school gemaakt. Sommige ideeën zijn nog van voor de EU/Turkije-deal, zoals het gebruik van aangespoelde rubberbootjes om er scheidingswanden of zelfs hele units van te bouwen. Andere zijn even grimmig als praktisch, zoals de eengezinswoningen in de afgeschreven treinstellen die overal in Europa op rangeerterreinen staan. Geestig is het hangmatje van upcycled Ikea-uniformen. Klaar voor gebruik is de Home Pod: ingeklapt past deze unit door elke deur, uitgeklapt is het een toilet, douche en keuken inclusief magnetron – hiermee maak je van elk leegstaand kantoor meteen een bruikbare woning.

Over de hele linie is er respect voor de leefstijl van islamitische gezinnen: gebedsruimtes en kamers voor veel kinderen. Maar het is vooral hipster meets refugee: er liggen groentetuintjes rond de woningen, er staan komische speeltoestellen, je hebt hangplekken van hergebruikt materiaal, alles is kleurig en bestudeerd nonchalant vormgegeven, het plezier straalt van de kleine slimmigheden af. Veel van deze ontwerpen ademen een vanzelfsprekende gelijkwaardigheid: wat goed is voor de vindingrijke jonge stadsbewoner is ook goed voor de dolende nieuwkomer.

Medium meshwar 2003 01

Je zou ook kunnen zeggen: de ontwerper weet niet zo veel van de vluchteling en projecteert daarom zijn eigen hang naar zelfbouw op mensen die zoeken naar onderdak. Hij staat zo snel klaar om te helpen dat hij nauwelijks de tijd neemt om te kijken met wie hij eigenlijk te maken heeft. Het vluchtelingenbeeld van veel deelnemers aan de Refugee Challenge oogt vrij eendimensionaal: dit zijn mensen in nood, ze komen ergens vandaan waar het oorlog is, ze hebben een barre tocht achter de rug, ze verdienen een warm welkom, ze zoeken privacy en informatie, het zijn er veel en ze hebben allemaal een smartphone.

Weinig ontwerpers laten zien dat ze zich verdiept hebben in de oorlog in Syrië, de dictatuur in Turkije, de chaos in Libië. Of in de levensomstandigheden die vluchtelingen achter zich hebben gelaten, de maatschappelijke en religieuze verschillen in die samenleving, de persoonlijke geschiedenis die iemand met zich meedraagt. Dat hoeft aan de kwaliteit van het werk niet af te doen, maar het leidt wel tot reductie. De vluchteling wordt een soortnaam, geen individu. Hij was ergens anders, maar dat telt niet meer, want nu is hij hier.

Des te interessanter zijn de inzendingen van ontwerpers die wél goed hebben gekeken naar wie ze voor zich hebben en waarom ze hier zijn. Sommigen hebben kennisgemaakt met nieuwkomers in hun steden, anderen zijn naar de Griekse eilanden gegaan. Van hen komen vaak de ideeën om mensen te laten tonen wat ze kunnen tijdens het wachten op de uitslag van hun asielprocedure, waarin ze niet mogen werken of studeren. Modulaire keukentjes op wielen, voor gezinnen die ergens beland zijn waar ze niet zelf kunnen of mogen koken. Brei- en weefclubs voor vrouwen. Manden en lampenkappen gemaakt van petflessen. Kinderherinneringskleurboeken.

Dat iemand uit een land komt waar woestijnen liggen betekent nog niet dat hij altijd verse geitenmelk drinkt

Sommige initiatieven gaan een stap verder, kijken voorbij de soortnaam en herkennen de professionals. Refugee Company in Amsterdam haalt opdrachten binnen voor mode-ontwerpers, fietsenmakers, timmermannen, taaldocenten en bakkers. Een groeiend collectief van pas aangekomen ondernemers met ervaring voert het werk uit, de opbrengst wordt verdeeld. Reframe Refugees is een soort on-Hollandse Hoogte: een foto-agentschap voor beelden van de vluchtelingen zelf, vanuit hun eigen perspectief, als alternatief voor wat we dagelijks al in de media te zien krijgen. Koopt een opdrachtgever foto’s aan, dan gaat de opbrengst naar een zelfgekozen vluchtelingendoel.

De gedachte is hier dat mensen zichzelf eerst terug moeten vinden als ze ergens zijn aangekomen. Alles wat vanzelf sprak in het leven dat ze hebben achtergelaten is zoek. Wat onzichtbaar bleef tijdens de reis, namelijk alles wat ze kunnen behalve zich voortbewegen, moet weer zichtbaar worden. Daar heeft iedereen wat aan: zij zelf, maar de ontvangende samenleving ook. Want ja, ze kunnen koken, fietsen maken, lesgeven, fotograferen, boekhouden en ondernemen. Die dingen weer te gaan doen biedt houvast – en herkenning.

Medium neighbourhood 20of 20abundance 20images1

Die herkenning zit ’m in deze afdeling van de Refugee Challenge vooral in het klassieke ambacht. Koffie maken, bier brouwen, zelf kleren ontwerpen: in stedelijk Nederland is het ambachtelijke helemaal terug, als tegenwicht voor de doorgeschoten commercie en technologie. Maar ook hier is het oppassen dat de herkenning wederzijds blijft en niet leidt tot een nieuwe reductie: dat iemand uit een land komt waar woestijnen liggen betekent nog niet dat hij altijd zijn eigen brood bakt en verse geitenmelk drinkt.

Een smartphone heeft een vluchteling meestal wel. En veel van de ontwerpers zetten daarop in: ze ontwikkelen apps waarmee de nieuwkomer wegwijs raakt in de onbekende stad, de plussen en minnen leert kennen van de lokale asielprocedure, ontdekt waar hij moet zijn voor boodschappen en medische hulp, de taal leert met behulp van instant-vertalingen die verschijnen naast de app-conversaties die hij voert met vrienden en familie, of stadsbewoners ontmoet met wie hij diensten kan ruilen. Zijn ze al te optimistisch, al die apps voor mensen die misschien geen wifi hebben, geen beltegoed of misschien toch nog geen smartphone? Misschien wel, maar deze ontwerpers benaderen de nieuwkomer in elk geval als een mede-21ste-eeuwer.

Een mooi voorbeeld is Meshwar: je maakt een profiel aan en ontvangt meteen een overzicht van het asielbeleid in het EU-land waar je bent terechtgekomen. Tijdens elke stap in je procedure krijg je antwoord op je vragen. Plus aanbevelingen van lotgenoten en juristen. Het is helemaal TripAdvisor: onderweg kun je (anoniem, als je dat wil) de hygiëne, gastvrijheid en voorzieningen beoordelen, met een score van één tot vijf sterren, van de asielzoekerscentra die je hebt bezocht – zodat de overheid maatregelen kan nemen als de ontvangst te wensen overlaat.

Zweden is geen asielparadijs meer. Maar het vangt nog steeds per capita meer mensen op dan andere Europese landen. En in Örby, een rustige buitenwijk van Stockholm, heeft een groep huiseigenaren, ontwerpers, architecten en ambtenaren iets spectaculairs in gang gezet: Neighbourhoods of Abundance. Op dit moment zijn er 160.000 asielzoekers in Zweden. In het hele land staan stadsparken vol containers om ze op te vangen. En dat roept veel verzet op. Nu zegt een derde van de twee miljoen huiseigenaren dat ze ruimte over hebben. En daarvan zijn er 620.000 bereid een vluchteling in huis te nemen. De som is gauw gemaakt. In Örby zijn ze al begonnen woonruimte te crowdsourcen. Een peer-to-peer netwerk inventariseert vraag en aanbod in de gemeente. Is er een match, dan wordt de leegstaande ruimte aangepast, de woonvergunning verstrekt, buurtbewoners zamelen kleding en meubelen in en bij de verhuizing is er smorgasbord, een Zweedse feestmaaltijd. De integratie kan beginnen.

Maar het is niet overal Örby. En de zeshonderd inzenders van de Refugee Challenge zitten niet in het Europees Parlement. Integendeel. Overal in Europa worden asielzoekers aangevallen, centra bestookt en hulpverleners geïntimideerd, terwijl regeringsleiders niet alleen buiten de unie maar ook erbinnen ouderwets grenzen optrekken. Te midden van de overdaad aan gepassioneerde inventiviteit die de Challenge heeft opgeroepen is dat wat er nog ontbreekt: een besef van het falende, almaar minder menswaardige systeem waaraan vluchtelingen en andere migranten worden onderworpen.

De ontwerpers beschouwen vrijwel zonder uitzondering de huidige situatie als gegeven. Het aantal nieuwkomers in de Europese steden groeit en bij hun aankomst en integratie moeten ze worden geholpen. Zo hebben de ontwerpers de opdracht begrepen en zo hebben ze hem uitgevoerd. Soms gaat dat gepaard met naïviteit, blinde vlekken of blij optimisme. Vaak met een oprecht uitgestoken hand en een hoofd vol verrassende ideeën, die ook nog eens mooi en gebruiksvriendelijk worden vormgegeven. Maar zelden met woede. Zelden met zichtbaar inzicht in de politieke wortels van het probleem, zelden met de ambitie om hun enorme vakkennis in te zetten voor het doorbreken van de status-quo.

Nota bene de unhcr zelf, een van de partners in de Refugee Challenge, kwam onlangs in opstand. In april trok ze zich terug uit de Griekse opvangcentra die na de EU/Turkije-deal ineens werden getransformeerd tot detentiekampen. Voor een bureaucratische moloch was het persbericht ongemeen fel: ‘Tot nu toe heeft de unhcr de zogenoemde “hot-spots”, waar vluchtelingen en migranten worden opgevangen, ondersteund en geregistreerd. Onder het nieuwe beleid zijn deze locaties detentiecentra geworden. (…) De unhcr is geen partij bij de EU/Turkije-deal. De unhcr zal geen rol spelen bij gedwongen terugkeer of detentie. Wel zullen we de Griekse autoriteiten blijven ondersteunen om adequate opvang te realiseren.’

Als zelfs zo’n wereldorganisatie in verzet komt, waarom zouden onafhankelijke ontwerpers dat dan niet kunnen? Waarom nemen ze genoegen met het verzachten van de pijn, het iets aangenamer maken van de aankomst, het vriendelijk begeleiden van het parcours zoals overheden dat voor vluchtelingen hebben uitgestippeld? Het is bijna wonderbaarlijk met hoeveel vindingrijkheid ze opereren binnen de gegeven kaders. Maar ze spreken zich er niet over uit of ze het eigenlijk eens zijn met een politiek die oorlogen helpt veroorzaken of op z’n beloop laat, die daarna de vluchtelingen afschrikt, omleidt, terugstuurt en alleen in het uiterste geval opvangt, en die ze ten slotte stelselmatig de rechten ontzegt die voor elke burger horen te gelden.

De Refugee Challenge laat het immense potentieel zien van hedendaags geëngageerd design. Het aantal en de kwaliteit van de inzendingen verdienen absoluut een vervolg. Maar dan het liefst nog een stap verder: over de strak getrokken grenzen heen. Juist omdat de vluchtelingenkwestie in een impasse zit die we zonder ontwerpers niet gaan doorbreken.


Beeld: (1) Telefoons worden opgeladen in het vluchtelingencentrum in Idomeni, Griekenland (Chien-Chi- Chang / Magnum / HH); (2) Reframe Refugees (The Refugee Challenge / WDCD); (3) Meshwar (The Refugee Challence / WDCD); (4) Neighbourhoods of Abundance (The Refugee Challenge / WDCD)