Historisch

Het akkoord over de AOW-leeftijdsverhoging wordt van verschillende kanten bedreigd. Maar hoe het ook uitpakt, historisch zal het huidige kabinetsvoorstel altijd zijn.

WRANG was het wel een beetje. De man die de AOW door het parlement loodste zodat vanaf 1 januari 1957 iedereen die 65 jaar werd een ouderdomspensioen kreeg, heeft er zelf nooit van mogen genieten. Oud-PVDA-minister van Sociale Zaken Ko Suurhoff overleed in 1967 vier jaar voordat hij de AOW-leeftijd bereikte.
Wat zou Suurhoff ervan hebben gevonden dat ruim vijftig jaar later een meerderheid in het parlement die leeftijd wil verhogen? Zou hij als oud-vakbondsman van een socialistische vakbond het eens zijn geweest met de SP die bij monde van eveneens oud-vakbondsman Paul Ulenbelt het AOW-voorstel ‘idioot’ noemde? Of zou hij als oud-PVDA-minister op de lijn hebben gezeten van zijn partij die het wetsvoorstel van het VVD/CDA-minderheidskabinet steunt, waardoor er ondanks de tegenstem van gedoogpartner PVV toch een Kamermeerderheid voor is?
De Tweede Kamer behandelde vorige week het AOW-wetsvoorstel van de man die nu minister van Sociale Zaken is, de VVD'er Henk Kamp. Veel aandacht was er niet voor het debat over de leeftijdsverhoging, terwijl je die toch best historisch zou kunnen noemen. Het is immers al zo lang een onafscheidelijk duo: de AOW-leeftijd, dat is 65 jaar; word je 65, dan betekent dat dat je AOW krijgt.
Het gebrek aan aandacht kwam misschien doordat al lang en breed was uitgemeten dat minister Kamp een Kamermeerderheid zou krijgen voor het ook al veelbesproken akkoord dat hij over de verhoging van de pensioengerechtigde leeftijd wist te bereiken met de sociale partners. Veelbesproken, omdat de FNV-vakcentrale er weliswaar mee akkoord is gegaan, maar de grootste aangesloten bonden ertegen zijn. De ruzie daarover en de daaruit gevolgde zoektocht naar De Nieuwe Vakbeweging zal bijna niemand zijn ontgaan. Ook zal meespelen dat de verhoging naar 66 jaar pas in 2020 ingaat, en de tweede stap, naar 67 jaar, vijf jaar later. Dat is nog ver weg.
Toch was het een interessant Kamerdebat. Misschien blijkt later wel dat is gesproken over een verhoging van de AOW-leeftijd die nooit op deze manier gaat worden uitgevoerd. Dat zou pas historisch zijn: eerst verandert er meer dan een halve eeuw niks aan die 65 jaar en vervolgens gaat de eerste wijziging al weer op de schop voordat hij is ingevoerd. Waarom die kans er is?
Eerst de ene, weliswaar kleine kans. Stel dat de SP bij volgende verkiezingen zo groot wordt als in recente peilingen en daarmee de grootste in de Kamer. Vindt ze de leeftijdsverhoging dan nog steeds zo idioot dat ze die koste wat het kost ongedaan wil maken? Veel regeringspartners zal die houding niet opleveren; partijleider Emile Roemer zal daarmee gewoon Kamerlid blijven. Minister Kamp wreef dat de SP vorige week al in: 'Met het ontkennen van feiten en het als idioot bestempelen van door anderen bereikte resultaten kom je nooit in een regeringscoalitie.’ Of klopt de sneer van CDA-Kamerlid Eddy van Hijum die zich afvroeg of de SP andere partijen de kastanjes uit het vuur laat halen? Iets beloven en je dan verschuilen achter anderen als je het niet waar kunt maken?
Dan het andere scenario: de AOW-leeftijdsverhoging gaat eerder in. Voor de huidige leeftijdsverhoging is een aantal redenen. We worden inmiddels gemiddeld vijf jaar ouder dan toen de AOW werd ingevoerd en die gemiddelde leeftijd zal nog verder stijgen. Destijds werkten er zeven mensen om voor één 65-jarige de AOW op te brengen, in 2040 zijn dat nog maar twee werkenden op één oudere. Zorgen deze twee al voor een kostenstijging en een inkomstenderving, door de vele ouderen stijgen ook nog eens de zorgkosten. Langer doorwerken en minder AOW'ers moeten het ouderdomspensioen betaalbaar houden.
Deze feiten ontkennen zoals SP en PVV volgens D66-leider Alexander Pechtold doen, noemt hij sinds zijn recent verschenen boek Henk, Ingrid en Alexander misdadig. De SP brengt daar tegenin dat laagopgeleiden minder lang leven en dat er nog genoeg arbeidspotentieel zit bij mensen tussen de 60 en 65 jaar.
Als de wereld verder stilstond, zou het na dit wetsvoorstel weer een tijd rustig kunnen blijven rondom de AOW-leeftijd. Maar de wereld verandert snel. Door de crisis moet het kabinet anderhalf jaar na zijn aantreden binnenkort beslissen over miljarden euro’s extra aan bezuinigingen. Niet voor de verder weg gelegen toekomst, maar voor volgend jaar al. Wie, zoals Nederland, in Europa streng is voor eurolanden met te hoge schulden en een te groot tekort kan niet voor zichzelf coulance opeisen. En bij de vorige crisis, die van 2008, is afgesproken dat Nederland in 2013 weer aan de begrotingsregels van Brussel zal voldoen.
De AOW-leeftijdsverhoging eerder laten ingaan dan 2020 brengt ook eerder geld in de overheidskas. Bovendien betekent het dat het bespaarde geld niet hoeft te worden bezuinigd op uitgaven waarmee werkgelegenheid of onderwijsinspanningen gemoeid zijn, bezuinigingen waardoor de economie nóg verder dreigt te krimpen. Dat zijn dan ook redenen waarom partijen als D66, GroenLinks en de ChristenUnie voorstander zijn van het eerder invoeren van een verhoging van de AOW-leeftijd, ondanks het beroep van de minister om geen afstand te nemen van het akkoord met de sociale partners. Dat akkoord nu openbreken, is volgens Kamp te risicovol. Maar hij zei ook niet volmondig nee op de vraag of de AOW bij de nieuwe bezuinigingsronde ter sprake komt. Als het aan D66, GroenLinks en CU ligt, staat het onderwerp anders in elk geval bij volgende kabinetsonderhandelingen op de agenda, in 2015 of zoveel eerder wanneer het kabinet zou vallen. Nieuwe machtsverhoudingen, nieuwe kansen, tenslotte.
Of in 2020 degenen die in 1955 zijn geboren nog een jaartje moeten wachten op hun AOW blijft daarom onzeker. Maar hoe het ook uitpakt, historisch zal het huidige kabinetsvoorstel altijd zijn.