Hoe het best te leven

Taos, New Mexico, Verenigde Staten, 8 juli 2017. De jaarlijkse Pow Wow © Brian Snyder / Reuters / ANP

Het debuut van Tommy Orange is al een paar hoofdstukken op gang als het personage Dene Oxedene de titel uitspreekt en daarmee een van de belangrijkste thema’s uit de roman aansnijdt. There is no there there. Woorden die van schrijfster Gertrude Stein komen en die, het moet gezegd, in het Engels beter klinken dan in het Nederlands, al is het maar omdat die eerste ‘there’ met het wat krakkemikkige ‘er’ vertaald wordt. Stein gebruikte de zin om een onbestemd heimwee naar haar kindertijd uit te drukken – wanneer ze als volwassene terugging naar de plaatsen van vroeger bleken die voorgoed veranderd. Anders gezegd: ze kon er niet echt naar terug, vroeger bestond vooral nog in haar hoofd, er was daar geen daar meer. Dene betrekt het zinnetje op de Amerikaanse indianenbevolking: ‘Het land is helemaal volgebouwd, de grond van onze voorouders verborgen onder glas en beton en draad en staal, de herinneringen onherroepelijk bedekt. Geen daar meer daar.’

Dene, die zich nogal ontheemd voelt sinds zijn oom is overleden, heeft net duizend euro gewonnen en steekt die in een project dat diezelfde oom heeft bedacht: gedurende de zogeheten Pow Wow te Oakland, een feestelijke ceremonie waarop indianen samenkomen om te dansen en te zingen, verschillende aanwezigen voor een camera zetten. En ze opnemen zonder dat er iemand bij is of er sturende vragen worden gesteld. Deze mensen die afstammen van indianen moeten alles kunnen zeggen wat ze willen, Dene zal het achteraf uittypen en beschikbaar stellen. Want: ‘Dat heeft onze gemeenschap juist zo hard nodig als je nagaat hoe lang we al genegeerd worden, onzichtbaar zijn gebleven.’

Weer zichtbaar worden, daar gaat het om in de verschillende perspectieven in Er is geen daar daar. Een nieuw ‘daar’ creëren waar het oude ontbreekt, en zo veel mogelijk klassieke rituelen in stand houden, simpelweg omdat ze anders verdwijnen, omdat er al zo veel verdwenen zijn.

Het knappe is dat Orange geen gram haalt op de witte bevolking

De naam Columbus heeft in veel Amerikaanse kringen nog altijd iets magisch – de ontdekkingsreiziger die in 1492 aankwam in de Verenigde Staten en zo de aanzet gaf tot het moderne Amerika, ja, dat klinkt mooi, idyllisch bijna, alsof hij arriveerde op een braakliggend stuk land, klaar om in te vullen. Alsof er helemaal geen indianen leefden die op gruwelijke wijze werden verjaagd en in de eeuwen nadien steeds verder werden gemarginaliseerd.

Dat Tommy Orange, zelf ook afkomstig uit Oakland en eveneens een native American, zich in zijn debuut bezighoudt met materie die voor veel Amerikanen nog steeds uitermate pijnlijk is of zelfs maar half wordt erkend, heeft ongetwijfeld bijgedragen aan het grote succes van deze eersteling: sinds het afgelopen jaar verscheen, is er een heuse hype rond de roman ontstaan. Critici overtreffen elkaar met waarderende adjectieven, het boek belandde op prestigieuze eindejaarslijstjes. Maar de grote verdienste van Er is geen daar daar is niet zozeer de ongewone, controversiële onderwerpkeuze, waarin Amerika’s uitdrijving van indianen meermaals expliciet ter sprake komt en Orange er, om maar iets te noemen, fijntjes op wijst dat Thanksgiving is ontstaan als feest waarmee succesvolle slachtpartijen op indianen gevierd worden. Nee, het knappe is juist dat Er is geen daar daar desondanks geen klagerig of verwijtend geheel wordt. Orange haalt geen gram op de witte bevolking, hij probeert niet met fictie de geschiedenis te corrigeren en maakt van zijn personages geen veredelde politieke ideologieën.

Wat hij doet is krachtiger: hij gebruikt de geschiedenis om twaalf afzonderlijke personages en bijbehorende perspectieven vorm te geven, allemaal aan elkaar gelinkt, soms door familiebanden, soms door een gedeelde culturele en etnische achtergrond, en soms ook gewoon door stom toeval – doordat ze meedoen aan Dene’s filmproject bijvoorbeeld. We volgen een alcoholiste die gestopt is met drinken en na jarenlange afwezigheid terugkeert naar haar familie. Een jongen die zichzelf een traditionele indiaanse dans heeft aangeleerd via YouTube en zo eindelijk onderdeel hoopt te worden van iets groters. En dan wordt er heimelijk ook nog een overval voorbereid tijdens die Pow Wow, het evenement waar de halve roman op vooruit blikt en waar alle verhaallijnen onvermijdelijk samenkomen.

Die opbouw maakt Er is geen daar daar een tegelijkertijd overzichtelijke en veelstemmige roman, die af en toe meer lijkt te gaan om de achterliggende thema’s dan om de psychologische binding met de personages. Jammer vond ik dat, telkens als ik werkelijk met iemand mee begon te leven kantelde het perspectief weer naar een volgend compact, strak geschreven hoofdstuk, een nieuw perspectief. Die opzet wekt een wat geconstrueerde indruk, net of Orange eerst op een kladblok heeft uitgetekend hoe iedereen precies met elkaar te maken kan hebben. Maar hierin openbaart zich tevens zijn talent en vermoedelijk ook wat hem voor velen zo aansprekend maakt: moeiteloos slaagt hij erin om in tien, vijftien bladzijden weer iemand tot leven te wekken. En aan de hand van al die figuren een enorme hoeveelheid onderwerpen aan te stippen en uit te diepen.

Er is geen daar daar is niet zomaar een roman over hedendaagse indianen, het is een roman over het belang van mythes, over tradities en de soms verstikkende werking daarvan, over het leven in het huidige Amerika en hoe dat huidige Amerika gevormd is. Hoe het best te leven, hoe om te gaan met het verleden, ook voor degenen die helemaal niet weten wat ze met dat verleden aan moeten.