Hoe lang gaat een manager eigenlijk mee?

Wanneer is een werknemer oud? Afgaand op de annonces van uitzendbureaus, is een secretaresse op haar vijfentwintigste oud en kan een lasser mee tot zijn dertigste. Oud ben je als een jonger (goedkoper) iemand geacht wordt dezelfde prestatie te kunnen leveren. De meeste werkgevers zetten het er in hun advertenties alvast bij.

Van het kabinet mag dat straks niet meer. Onderscheid naar leeftijd mag alleen als er sprake is van ‘objectieve rechtvaardiging’ - acteurs die jeugdrollen moeten spelen - maar niet als het gaat om 'algemene argumenten die niet in relatie staan tot de functie’, zoals 'te oud’ en 'te duur’. De Commissie Gelijke Behandeling zal op de naleving toezien. Sterkste wapen van de commissie is de publiciteit: bij een gegrond bevonden klacht komt de werkgever met naam en toenaam in de krant.
Toch roeit Melkert tegen de stroom op. De discussie over de oudere werknemer is er namelijk vooral een over kosten. Sinds het gebruik werd oudere werknemers bij voorrang het bedrijf te laten verlaten, hetzij via de WAO, hetzij via de vut of vervroegd pensioen, zijn de kosten van de sociale zekerheid fors opgelopen. Tot de overheid op de rem trapte. De WAO werd dichtgeschroeid en er kwam een verbod op collectief ontslaan van oudere werknemers via vervroegd-pensioenregelingen. Tegelijk wordt de vut steeds meer een flexibele- pensioenregeling, waarin men deeltijdwerk kan combineren met deeltijdpensioen. Zo kan de werknemer in kwestie langer doorwerken, zeker als er ook nog mogelijkheden zijn om een stapje opzij of terug te doen. Met behoud van bezoldiging uiteraard. Hoewel?
Het CPB publiceerde enige tijd geleden een suggestieve grafiek, waaruit blijkt dat de produktiviteit van een gemiddelde werknemer, afgezet tegen diens leeftijd, verloopt volgens een omgekeerde U-curve. Tot 40, 45 jaar loopt de produktiviteit op, om daarna geleidelijk te dalen. Tegen de pensioengerechtigde leeftijd is de produktiviteit gedaald tot veertig procent van de top. Intussen, analyseert het CPB, blijft het salaris oplopen tot aan het pensioen. Er komt dus een moment dat de arbeidsproduktiviteit zakt beneden de loonkosten en volgens elk leerboekje economie is het niet aantrekkelijk een werknemer in dienst te hebben van wie de marginale opbrengst daalt beneden de marginale kosten. Het kruispunt in de CPB-grafiek ligt ergens rond de 57 jaar.
Eerste conclusie: neem nooit iemand boven de veertig aan. Twee: ontsla werknemers boven de 57 jaar. Drie: wie na zijn zevenenvijftigste wil doorwerken, moet niet alleen in functie, maar ook in salaris terug.
Het probleem met dit soort redeneringen is dat ze aan het eind beginnen: ze ontzeggen mensen eerst de mogelijkheid zich na hun veertigste nog te ontwikkelen om ze daarvan vervolgens zelf de schuld te geven. En op basis waarvan? Bij de CPB- grafiek ontbreekt elke verwijzing naar onderzoek. Logisch: geen bedrijf dat zijn produktiviteit per werknemer kan uitrekenen. Let u ook op de heren topmanagers die deze redenering de komende tijd gaan uitventen: zij allen zijn de top van hun U-bocht ruim gepasseerd. Maar zagen hun inkomen de laatse jaren wel met een slordige veertig procent stijgen.