Gisteren, midden in de nacht, schoot mij de oplossing te binnen. Ik schudde mijn echtgenote wakker met de woorden: ‘Schat, nu de medische wetenschap niets voor ons kan doen, moeten wij het lot in eigen hand nemen.’
Zij was onmiddellijk bij haar positieven. Voor een keer was zij het volledig met mij eens. Terwijl ik het pistool laadde legde zij Beethovens Vijfde op de draaitafel. Gearmd liepen wij naar de roulette, in onze speelkelder. Aan haar de keuze. Zij koos rood, de kleur van het bloed. Mij resteerde zwart, de kleur van de rouw.
Het balletje moest nu beslissen wie over een paar minuten weduwe hetzij weduwnaar zou zijn. Terwijl de roulette zijn vaart verminderde begonnen wij allebei over heel ons lichaam te beven. Rood, zwart, rood.. zwart, rood… zwart, rood…. zwart.
Plotseling wierpen wij ons getweeelijk op de roulettetafel en beminden elkaar als beesten, zodat het balletje steeds in beweging bleef. Toen het op de grond stuiterde kwamen wij klaar. Opgelucht en uitgeput constateerden wij: Geluk hebben wij al, nu de liefde nog.