Hoe rekbaar is de britse democratie?

De strop zit reeds rond de nek van John Major, maar de veroordeelde raaskalt unverfroren over de wijze waarop hij tot voorbij de eeuwwisseling land en volk als premier zal dienen. Zielig! Labour onder leiding van Tony Blair ligt dertig procent voor - een record. Het is een achterstand die, zelfs als Major het nog zestien maanden volhoudt (binnen zestien maanden moeten er verkiezingen plaatsvinden), niet kan worden ingelopen. De conservatieve meerderheid in het Lagerhuis is geslonken tot twee en er moeten binnen enkele weken twee tussentijdse verkiezingen worden gehouden in voor Major bij voorbaat verloren districten.

Twee conservatieven zijn recentelijk overgelopen naar de oppositie en volgens statistici zullen binnenkort drie conservatieve parlementsleden overlijden. Maar, betoogde Major zondag op BBC 1: ‘Natuurlijk zullen wij de verkiezingen winnen, Labour heeft niets anders te bieden dan sound-bites, het Britse volk is van nature centrum-rechts, niet links. Labour? Dat betekent hoge werkeloosheid, hoge inflatie, hoge belastingen, onderwerping aan Brussel. Het Britse volk zal daar niet voor stemmen.’
Het politieke hoofd in de strop. Maar de privatisering van de infrastructuur van de spoorwegen gaat door. Het dreigement van Labour dat het, eenmaal aan de macht, de spoorwegen terug zal brengen onder beheer van de staat zal, meent Major, de Britse belegger niet afschrikken. Immers: Labour komt niet aan de macht.
En hier rijst de vraag: is de parlementaire democratie onbeperkt rekbaar? De Britse democratie is reeds van twijfelachtig allooi door het primitieve first-past-the-post- districtenstelsel. Dat werkte redelijk met een tweepartijenstelsel. Met een derde grote partij erbij (de Liberaal-Democraten) vervormt het de democratie, tenzij een tweede ronde volgt - en dat is in het Verenigd Koninkrijk niet het geval. Geen enkele keer na de Tweede Wereldoorlog is een partij aan de macht geweest die meer dan 43 procent van de stemmen kreeg. Worden morgen in Engeland verkiezingen gehouden, dan zal de Conservatieve Partij in het Lagerhuis terugkeren met minder dan honderd zetels. De meerderheid van Labour zou dus overweldigend zijn, maar op basis van minder dan vijftig procent van de uitgebrachte stemmen.
Natuurlijk, formeel kan Major doorgaan tot het grondwettelijk einde. Hij kan wellicht op de been blijven dank zij de stemmen van de negen protestantse ijzervreters uit Ulster, die daarvoor de maximale prijs zullen eisen: geen akkoord met de IRA.
Het versleten argument voor het first- past-the-post-districtenstelsel zonder corrigerend vervolg is altijd geweest: het produceert sterke regeringen. Evenredige vertegenwoordiging? Zie Italie! Maar nogmaals: hoe rekbaar is de democratie? Mag een regering die alle krediet heeft verspeeld en bij verkiezingen weggevaagd zal worden, op basis van een bijna verlopen mandaat de spoorweginfrastructuur (38.000 kilometer rails, 1000 tunnels, 92000 bruggen, 2500 stations, verwachte opbrengst: vijf miljard gulden) verkopen?
Een strop rond de nek van Major. En een strop rond de nek van de Britse democratie.