Hoe sexy kan het leven zijn?

Je hoeft niet veel van Charlotte Mutsaers gelezen te hebben om te weten dat zij een opmerkelijke schrijfster is met een geheel eigen logica. Ook hoef je haar niet vaak op televisie te hebben gezien om je hart voor haar vast te houden. Ze heeft de kwetsbaarheid van degenen die eerder te veel zeggen dan te weinig.

Als geïnterviewd persoon moet je, zeker voor televisie, altijd maar een duidelijk verhaal klaar hebben. Over jezelf, over je werk, het waarom en hoe. En dat moet je dan ook nog een beetje monter en coherent kunnen brengen. Terwijl bij ontstentenis van die twee zaken, monterheid en coherentie, schrijverschap wordt geboren.
De enkele keren dat ik Mutsaers op televisie zag, zijn mij bijgebleven. En dan heb ik het niet over dat achterstevoren praten of zingen in Van Dis’ boekenprogramma, dat zal allemaal wel. Wat ik me vooral herinner is hoe ze praatte over haar vader en moeder in een programma van Martin Simek, en dat ik steeds dacht: zeg maar niet, hou voor je.
Ook de keer dat ze te gast was bij Pauw & Witteman omdat net haar roman Koetsier Herfst was verschenen, zat ik met het zweet in m'n handen te kijken. Belachelijk natuurlijk, want wie ben ik, en wat is zij van mij. Het is haar grote gevoelige mond denk ik, en de onbevangen gretigheid waarmee ze zich voor de leeuwen werpt. Hoe ze in één adem vertelt dat Osama bin Laden een geweldig dichter kan zijn, en dat je je pinpas niet in de buurt van je mobiele telefoon moet opbergen. Zelden hadden Pauw & Witteman zo weinig weerwoord. De eindtune klonk al toen Mutsaers er nog uitgooide dat het haar er vooral om ging de vigerende eenduidigheid wat meerduidiger te maken.
Met die meerduidigheid zal Mutsaers het nog knap moeilijk gehad hebben toen ze opeens het onderwerp werd van een documentaire. Of nou ja, opeens. Straks zal ze de P.C. Hooftprijs in ontvangst nemen, de hoogste eer die een schrijver in Nederland ten deel kan vallen, en ter gelegenheid daarvan heeft het Letterkundig Museum een tentoonstelling aan haar werk gewijd. En nu dus ook een televisiedocumentaire, die op 2 april zal worden uitgezonden in Het uur van de wolf.
Het trof me wat Mutsaers erover zei, in gesprek met Katja de Bruin van de VPRO Gids. Je hóórt haar praten, altijd een beetje opgewonden, als ze probeert uit te leggen dat ze echt geen lastig mens is, maar dat ze toch een beetje last kreeg van ‘vliegende paniek’ toen haar duidelijk werd wat de documentairemaakster wilde: een verhaal van de schrijfster maken. Terwijl je, zoals Mutsaers opmerkt, als schrijver jarenlang bezig bent je eigen vorm te vinden voor dat wat je wilt vertellen. En dat is nu eenmaal nooit één verhaal.
Hoe bescherm je jezelf tegen de buitenwacht, en zorg je dat de wereld je toch kent? En wil lezen, kopen, liefhebben. De Engelse schrijfster Jenny Diski, die een tijdje geleden in deze krant werd geïnterviewd door Jann Ruyters, vertelde dat ze na ieder interview een paar dagen moest liggen.
Ik hou van mensen die moeten gaan liggen, na wat dan ook. Peter van Straaten moet gaan liggen als de werkster langs is geweest; jaren geleden in een interview gelezen en nooit vergeten.
Diski zei nog iets saillants, met het oog op die zelfbescherming. In het begin van haar carrière vermeed ze interviews. Maar dat doet ze nu niet meer. ‘Ik ontdekte dat ik precies door geen interviews te geven nog meer intrige rond mijn persoon creëerde. De enige manier om echt je privacy te behouden is simpelweg op elke mogelijke vraag te antwoorden. Het beeld dat zo van je ontstaat is nog maar een fractie van de waarheid. Er is altijd nog een deel in mij dat van mij alleen blijft.’
Op dezelfde dag dat ik het interview met Mutsaers lees, valt me in de krant de foto op van soulicoon Erykah Badu. Ze heeft een pump met loeihoge hak uitgetrokken en masseert haar bevrijde voet. Haar teennagels hebben allemaal een ander kleurtje. Ik ken haar muziek niet, maar wil nu alles van haar weten. Geen probleem, want Erykah is naar eigen zeggen ‘een open boek’. Wat bij haar betekent dat ze iedereen toelaat in haar leven. ‘Daar is niets engs aan.’ En dus: ieder album een nieuwe liefde en een nieuw kind. Zo kun je ook de vigerende eenduidigheid een beetje meerduidiger maken. Drie kinderen van drie vaders (respectievelijk Andre 3000, Common en The D.O.C., hoe sexy kan het leven zijn) spelen vredig op hun hotelkamer, terwijl mama de internationale pers te woord staat. ‘Ik ben de krampachtigheid voorbij’, zegt ze. En: ‘Ik ben Erykah - en dat dat verschillende dingen kan betekenen, daar moeten mensen maar aan wennen.’ Welgemoed zweert ze bij honderd procent eerlijkheid en openheid. Dat is dan toch het verschil tussen musici en schrijvers, denk ik.