Hoera voor de nederlandse goldhagen

Het zijn gouden tijden voor Wim Klinkenbergs zaliger gedachtenis. Zijn pionierswerk over het ware gezicht van de Nederlandse monarchie werpt weer vruchten af. Zo dringt het via het programma Netwerk en het boek Evita, de echte levens van Eva Perón van Nicholas Fraser en Marysa Navarro nu ook tot de ‘officiële geschiedschrijving’ door dat prins Bernhard tijdens zijn bezoek aan de Argentijnse Madonna in 1951 het ‘peronistische volksleger’ namens het Nederlandse bedrijfsleven van zwaar geschut voorzag. De onthulling (of hoe noem je iets wat in kleine kring reeds bekend was, maar dat maar niet tot de goegemeente wil doordringen?) wordt naar goed Nederlands gebruik vooralsnog gesmoord in diep stilzwijgen.

Dat laatste is niet het geval bij de relevaties van historica Nanda van der Zee. Een voorpublikatie van haar boek Om erger te voorkomen in Vrij Nederland deed de natie al op haar grondvesten schudden. Van der Zees boek handelt over de ideale condities die de Duitse moordmachine tijdens de Tweede Wereldoorlog in de Lage Landen trof en daarbij spaart ze het koningshuis niet. Ze maakt duidelijk dat Wilhelmina’s vlucht naar Londen een misstap van de eerste orde was. De vlucht was de doodsklap voor het moreel van de natie. De harmonieuze oplossing die ondertussen werd getroffen in de overdracht van het civiele bestuur aan de bezetter zorgde ervoor dat de Duitsers de Nederlandse bureaucratie zo goed als ongehavend konden overnemen en voor hun eigen doeleinden konden gebruiken.
Dit soort onthullingen maakt het begrijpelijk dat de leden van het koninklijk huis sinds jaar en dag leuren met ideeën om tot ‘andere vormen van het oorlogsherdenken’ te komen. En het zijn ook weer - net als twee jaar geleden, toen het Rijksinstituut voor Oorlogsdocumentatie (Riod) in rep en roer was door de opschudding rond Bernhards NSDAP-lidmaatschap - de grote namen in de vaderlandse geschiedschrijving die worden opgetrommeld om de storm te doen luwen: De Telegraaf liet prof. dr. J. Blom, de kersverse directeur van het Riod, en zijn collega prof. dr. C. Fasseur opdraven in een kritiek op Van der Zee. Een en ander onder de kop 'Nazi-propaganda in boek over Wilhelmina’. Dat een dergelijk bericht verschijnt in een krant die zelf een twintigjarig verschijningsverbod opgelegd kreeg vanwege haar wel erg geestdriftige nazi-propaganda, is een gotspe.
Fasseur heeft zich inmiddels al van het gewraakte bericht gedistantieerd. Maar de grote klap moet nog volgen. In haar deze week te verschijnen boek staat Van der Zee ook uitgebreid stil bij het ontbreken van welke actie dan ook van Wilhelmina en haar regering inzake de moord op de Nederlandse joden. Daar werd met geen woord over gerept op Radio Oranje en Van der Zee neemt dat de vorstin kwalijk. Ook daar zullen Riod en Telegraaf wel wat op aan te merken hebben. Helaas kunnen zij in dat geval niet oud-Riod-directeur dr. L. de Jong voor hun karretje spannen; twee jaar geleden verklaarde deze voormalige Radio-Oranjeman in De Groene dat juist die passiviteit hem nu nog steekt.
Kortom: Nederland heeft zijn eigen Goldhagen in de persoon van Nanda van der Zee. Het werd hoog tijd.