Commentaar: KPN

Hoeveel is genoeg?

Toen vice-premier Jorritsma afgelopen vrijdag werd gevraagd naar het kabinetsstandpunt inzake de optieregeling aan de top van KPN, maakte zij zich er gemakkelijk vanaf. «Mogelijk gaat er geen goed signaal van uit», sprak zij met een lui oog op de implicaties. De implicatie is in dit geval dat de buitengewoon riante optieregeling-plus-gouden-handdruk die KPN voor topman Scheepbouwer trof, bekend wordt in een periode van zwaar weer voor KPN, waarin het bedrijf 4800 werknemers moet ontslaan en een loonmatiging doorvoert om een sociaal plan voor hen te financieren. Ze komt ook op een moment waarop de overheid KPN financieel te hulp schiet door aandelen op te kopen voor een bedrag van 1,7 miljard euro, ofwel ruim zeshonderd gulden per Nederlands huishouden.

Het woordje «mogelijk» van Jorritsma is in deze context potsierlijk. Het nieuws van het optiepakket komt niet alleen strategisch gezien op een voor KPN lastig moment, ook in ethisch opzicht werpt het vragen op. Opmerkelijk is de afwezigheid van gêne bij de betrokken topmanagers. Kennelijk is het tegenwoordig normaal drie weken na het aantreden in een nieuwe functie — weliswaar virtueel — al zes miljoen gulden te hebben verdiend, boven op een salaris dat er ook niet om liegt.

De betrokkenen verschuilen zich intussen achter het argument dat op de vrije markt, waar de geprivatiseerde KPN zich begeeft, de topmensen vertrekken als zij voor moeilijke klussen in Nederland geen riante beloning krijgen. Een op Amerikaanse leest geschoeide beloningsstructuur heeft daarom een logische plek in de Nederlandse bedrijfscultuur. Dit inzicht toont een nauwe blik op wat die Amerikaanse leest zoal biedt. Natuurlijk staat ook in de Verenigde Staten de schraapzucht centraal, maar er zijn tegelijkertijd talloze voorbeelden van ethische omgang met verworven rijkdom, gesymboliseerd door de schenking van de filantroop. Staalmagnaat Andrew Carnegie, bijvoorbeeld, schonk het surplus van zijn vermogen weg en liet daarmee ondernemers van nu zien hoe het geweten kan reageren op dilemma’s van privaat gewin en publieke verantwoordelijkheid. Een dilemma waar de huidige Nederlandse topmanager zich weinig bewust van lijkt te zijn, en waarin de politiek niet durft in te grijpen. Voorlopig staat de vraag «hoeveel geld is genoeg?» niet op de agenda.