Popmuziek: Macklemore

Hoezo pleaser?

Hij is blank, komt uit de middenklasse en is niet boos. Toch is hij een van de meest succesvolle hiphoppers van dit moment. Of nou ja, hiphopper. Hij is de André Rieu van het genre: de man die een publiek aanboort dat tot nu toe een genre niet heeft ontdekt, maar wel valt voor zijn laagdrempelige versie ervan.

Onvermijdbare consequentie voor de artiest: liefhebbers van het genre vinden hem de man waar mensen van houden die niet werkelijk geven om het genre zelf.

Maar dat het leven van Macklemore altijd draaide om liefde voor hiphop bleek wel toen hij net door begon te breken en muziekjournalisten enthousiast wezen op zijn woonplaats. Seattle! De stad die begin jaren negentig rock herdefinieerde, want zowel Nirvana en Pearl Jam als Soundgarden voorbracht. Zal best, reageerde Macklemore, maar toen Nirvana doorbrak was hij een jonge tiener die alleen naar de Wu-Tang Clang en Nas luisterde.

Van zijn album The Heist zijn inmiddels een miljoen exemplaren verkocht, de zeer vermakelijke clip van zijn hit Thrift Shop is 420 miljoen keer bekeken op YouTube en zijn concert in de Heineken Music Hall deze week was zo snel uitverkocht dat hij volgende maand terugkomt in dezelfde zaal.

En dat voor een jonge man die het vooral druk heeft gehad met zichzelf: zijn moeizame strijd tegen zijn drugsverslaving kostte hem de cruciale jaren na zijn debuut in 2005. Het album bleef vrijwel onopgemerkt. Gelukkig maar, merkte hij in een interview met Rolling Stone op: roem en geld hadden hem in die tijd zonder twijfel zijn leven gekost.

Dat The Heist zo’n succes is, ligt ook aan het feit dat Macklemore feitelijk een duo is: de invloed van producer Ryan Lewis, die hem live ook bijstaat, is groot. Lewis, een 25-jarige voormalige rockliefhebber, opgevoed door een met hiv besmette moeder, heeft een voorkeur voor pakkende, poppy arrangementen. Soms ronduit cheesy, maar altijd effectief. Zelfs in nummers die stampen (het heerlijk opzwepende Can’t Hold Us) wordt Macklemore nooit grimmig, daarvoor houdt Lewis het te luchtig, vijlt hij zijn beats te veel bij, gooit hij er een te nadrukkelijke piano in en schaamt hij zich niet voor effecten waarop op Sensation massa’s wit geklede mensen zich in het zweet dansen. Voor wie houdt van rauw klinkt het te gelikt, maar het is duidelijk ook niet rauw bedóeld, de melodieën zijn heerlijk soepel, Macklemore is een aangename en heldere verteller, en hij heeft iets te vertellen. Want ja, Some Love is een niet mis te verstaan pleidooi voor het homohuwelijk. In Thrift Shop rapt hij grappend over al die kleren die hij in de uitverkoopbakken bij elkaar heeft gekocht maar zet daarmee tegelijkertijd het in zijn genre tot waanzinnige proporties gegroeide materialisme te kakken. En in A Wake zingt hij dat hij opgroeide in de tijd dat Reagan aan de macht was, Ice T zong over het doodschieten van agenten (zijn roemruchte Cop Killer) en Rodney King in elkaar werd geslagen door de politie. En nu? ‘Now every month there is a new Rodney King on YouTube.’ Maar een innerlijke stem vertelt hem dat hij zich daar niet over moet uitspreken: ‘Don’t even tweet “R.I.P. Trayvon Martin”.’ Want: ‘Don’t wanna be that white dude, million-man marching/ Fighting for a freedom that my people stole/ Don’t wanna make all my white fan uncomfortable.’ Dus doet hij dat niet, zingt hij, waarmee hij het alsnog doet.

Hij komt glimlachend binnen als een pleaser, die Macklemore, maar ondertussen.

MACKLEMORE & RYAN LEWIS - CAN’T HOLD US FEAT. RAY DALTON (OFFICIAL MUSIC VIDEO) Vimeo.


Macklemore Ryan Lewis spelen 9 oktober in de Heineken Music Hall (uitverkocht)