Hoofdcommentaar

Holland: de wereld en de provincie

Cynisme is de houding van iemand die gepokt en gemazeld is. Lees de columns van Jan Blokker erop na en tel het aantal keren «weer» en «alweer». De cynicus ligt gelijk Diogenes masturberend in de zon, trekkend aan zijn eigen gelijk. Maar behalve saai en onproductief is de cynische houding ook verpakkings materiaal voor kritische vragen en kanttekeningen. Die vragen werden de afgelopen weken gesteld in Engeland en de andere landen waar Live8 serieus werd genomen.

Een van de belangrijke thema’s van de beweging rond de concerten was: hoe kunnen we zonder cynisch te worden toch iets tot stand brengen? Dit jaar nog heeft de tsunami geleerd dat simpel geld inzamelen, zoals bij LiveAid 1984, niet altijd doeltreffend is. Live 8 werd echter geen potpourri van stervende kindergezichten en abstracte bedragen maar een gecoördineerde actie van een generatie politici en popmusici die elkaar begrijpen, zich LiveAid 1984 goed voor de geest weten te halen en in de afgelopen twee decennia hebben geleerd hoe politiek werkt in de geglobaliseerde en gemedialiseerde samenleving: je kiest of exclusief voor een nationalistisch gerichte politiek of je laat je oor ook hangen naar de internationale netwerken van kiezers, belangenorganisaties en bedrijfsleven. Krijgt het milieu geen steun van Bush en zijn kiezers, dan valt er nog altijd een massa binnen en buiten de VS te mobiliseren die een andere mening heeft dan Bush.

Zo geschiedde ook afgelopen zaterdag bij Live8. Met de massa als troef werd niet zomaar een abstract geldbedrag ingezameld, nee, de massa werd ingezet om zaken te doen. Behalve om schuldensanering en extra hulp klonk al om de roep om fair trade. Speelde LiveAid 1984 nog in op sentimenten tegen de politieke elite, die te besodemieterd zou zijn iets te doen aan stervende kindjes in Afrika, inmiddels hebben Bob Geldof, Sting, Gordon Brown en Tony Blair geleerd hoe je elkaar kunt gebruiken en meer kunt bereiken dan eenmalig de voedselopslagplaatsen in de Derde Wereld vullen.

Noem het een vorm van nieuwe politiek.

Gevolg was dat de discussie in veel landen inhoudelijk was. Fair trade, daarover ging het. En cynisme, ja, ook het eigen cynisme werd als een serieus te nemen houding beschouwd.

Toegegeven, er waren popsterren die deden alsof het lot van elk Afrikaans kind rechtstreeks in de handen van acht mannen lag. Maar twee citaten uit de Engelse pers geven aan dat er meer is dan louter cynisme. The Guardian op de voorpagina over Blair na een optreden bij MTV, waar hij samen met Geldof door een studiopubliek werd ondervraagd over het klimaat en Afrika: «Er bestaat geen twijfel aan zijn oprechte passie voor deze twee onderwerpen, en zijn realisme in het herhaaldelijk benadrukken dat de G8 niet alles zal oplossen.» En minister Brown van Financiën: «Ik denk dat zichtbaar is geworden dat ministers over de hele wereld zijn geraakt door de kracht van de publieke opinie, kerken, faith groups en dat hééft impact.»

Natuurlijk, Blair en Brown zijn politici. Alles wat ze doen en zeggen is politiek. Blair heeft veel krediet verloren door de invasie in Irak en hij had het zich nooit kunnen veroorloven om, zoals Bush al voor de top, te zeggen dat hij met name het belang van zijn eigen land kwam verdedigen. Maar, noodgedwongen of niet, Blair en Brown houden er rekening mee dat naast de groep nationalistische kiezers er anderen zijn die ook deel zijn van grensoverschrijdende netwerken en gelijkgestemde massa’s.

Niet cynisch naar de Hollandse tv-verslagen kijken, dat werd soms een beetje moeilijk. Men kwam er beurtelings de sarcastische houding tegen en de overdreven optimistische. Een presentator vatte de politieke boodschap zelfs samen als dat de G8-leiders de macht bezaten om eensklaps en voor altijd alle armoede in Afrika van tafel te vegen. Tussen deze twee polen ontspon zich geen inhoudelijke discussie. De kern bleef: vooral leuk blijven doen, jongens.

Symbolisch voor de wat gezapige Hollandse houding was het optreden van Madonna. Terwijl de generaties voor en na haar soms bijzonder mooie prestaties leverden (van Sting, The Who en de heren van Pink Floyd tot rapper Kanye West, Joss Stone en Coldplay) viel Madonna door de mand. Zelfs een te voorschijn getoverd ex-hongerkind kon haar optreden niet redden. Men zag een steengoed achtergrondkoortje met voor zich een zangeres die met de heupen schokte en een paar keer fuckin’ riep terwijl navrant duidelijk werd dat ze één discipline nog steeds niet helemaal beheerst: zingen. Maar wie sierde de Nederlandse kranten met foto’s en citaten? Madonna! Het symbool van de hedonistische cultuur die in de jaren tachtig ontstond en in de jaren negentig haar beslag kreeg was voor Holland een van de belangrijkste acts geweest. Niet de vernieuwende muziek van de generatie na Madonna en niet de standvastige oudjes van de generatie voor haar. Madonna was aldus hét symbool voor het Holland dat krampachtig vasthoudt aan de consumentenidylle van de jaren negentig en de vergankelijkheid ervan exclusief wijt aan buitenstaanders en elitaire politici.

Je kunt zeggen dat het pompen of verzuipen is. Maar met hun voortrekkersrol bij de G8-top en de ambities voor het Britse voorzitterschap van de EU doen Blair en Brown wel hun uiterste best om perspectief te bieden in plaats van de samenleving voor te houden dat haar toekomst slechts ligt in afbreken en broek ophalen.

Toen de Live8-beweging in zijn zonlicht ging staan en hem vroeg een wens te doen, reageerde het cynische Holland als Diogenes. Toen de machtige Alexander de Grote hem vroeg wat zijn grootste wens was, antwoordde Diogenes: doe een stapje opzij en ga uit mijn zonlicht.