Holland festival: toon moed!

Onlangs is de ex-kunstchef van de Volkskrant Michaël Zeeman gevraagd om directeur van het Holland Festival te worden. En hij schijnt, zo meldt zijn eigen krant, te hebben geweigerd. Dat het bestuur van het Holland Festival op het idee komt hem voor deze post te vragen, geeft te denken - maar dat de man ook nog heeft geweigerd, typeert pas echt de ernst van de crisis rond wat ooit Nederlands meest prestigieuze culturele gebeurtenis was. Een of andere D66-rekel binnen de Amsterdamse raadsfractie heeft inmiddels voorgesteld om helemaal met het festival te stoppen. Zijn paarse collega’s in de Tweede Kamer schijnen er juist één miljoen gulden bij te willen leggen - een doekje voor het bloeden, het Holland Festival is financieel de laatste jaren behoorlijk uitgekleed. In de schaduw van de grote broers in Berlijn, Edinburgh, Wenen, Parijs en Salzburg is het festival erg klein geworden.

Maar wat is daar eigenlijk tegen? Laten we die situatie uitbuiten. Hier is mijn (gratis) advies aan het dolende bestuur van het Holland Festival. Van 1998 maken we een overgangsjaar - het is veel te laat om voor die editie nog een serieuze directeur te vinden. Het bestuur benoemt voor 1998 een tussentijdse festivalleiding, met een gerichte opdracht. Bijvoorbeeld: laat in 1998 zien hoe het theater in de afgelopen jaren reageerde op de val van De Muur, het einde van de Koude Oorlog, de kruiende wereldbeelden in de jaren negentig. Een bereisd toneelman als Arthur Sonnen (op dit moment directeur van het Theaterfestival) moet in staat worden geacht een bescheiden maar helder palet aan Oost- en Westeuropese theaterprodukties samen te stellen. Zonder de Salzburgiaanse grootheidswaan, die moet er sowieso uit. Vanaf 1999 is het Holland Festival definitief geen megalomane opera-muziek-dansgebeurtenis meer. Binnen- en buitenlandse theaterhuizen en ruimer gesubsidieerde festivals doen dat al lang beter. Waarom in Groot-Mokum kopiëren waar ze in Salzburg de centen voor hebben? Nee, vanaf 1999 is het Holland Festival er voor het tonen van belangwekkend klein- en grootschalig theater en toneel uit de ons omringende buitenlanden - daar krijgen we in Nederland sowieso veel te weinig van te zien. De voorzitter van het huidige HF-bestuur, de heer Tjeenk Willink (die binnenkort ‘onderkoning van Nederland wordt’ en grotere zorgen aan zijn hoofd heeft), draagt de hamer per 1 augustus 1997 over aan Felix Rottenberg, op dat moment definitief aan de beterende hand en hoognodig aan iets cultureels toe. Ten slotte stel ik voor de artistieke directie van het Holland Festival uiteindelijk in handen te leggen van een intrigerend triumviraat: Peter Sellars, Gerardjan Rijnders, Ritsaert ten Cate. Dat zijn theatermakers èn theaterdenkers, drie mensen die het hart op de juiste plaats en de vinger aan de polsslag van de tijd hebben, drie mensen ook die met elkaar in debat kunnen gaan, en die ons de resultaten van dat debat kunnen laten zien in een festival waar de haren weer eens recht van overeind gaan staan. Holland Festival: toon moed, geef ons het avontuur terug! Zo niet - laat dan verder maar zitten.