Holwel

Dat Theodor Holman niet goed ligt bij het gristelijk deel der natie, daarover zult u mij niet horen klagen. Het is altijd weer amusant om vast te stellen dat gristenen, die vasthouden aan de waarheid van het scheppingsverhaal, de leerstellingen van ‘de eerste steen’ en ‘de andere wang’ niet serieus plegen te nemen.

Kwalijk vind ik het echter dat hij al weer enkele jaren lang onverteerbare stukjes wereldleed van de afgelopen week opboert, herkauwt en in een hoekje van De Groene neerkwakt. Te meer daar hij onder deze zure prut het pseudoniem ‘Annemarie Grewel’ zet. De enige leuke literaire kunstgreep vind ik de parallel tussen de liefde van deze 'Annemarie’ voor haar schoothond en het keffertjesgedrag dat zij ten aanzien van iedereen die met een vinger naar Partij of Partijleider durft te wijzen, tentoonspreidt.
Nu is het natuurlijk zo dat veel Groene-lezers dit pseudoniem doorzien. Zij kennen Grewel als een nuchter humoristisch mens met een groot relativeringsvermogen. Haar superieure ironie komt onder meer tot uiting als zij bij haar vele nevenfuncties ook die van 'columniste’ vermeldt. (Dat heb ik Victor Baarn niet zien doen.)
Aangezien het mij onvermijdelijk lijkt dat een enkeling meent dat de echte Grewel deze column vult, wens ik toch dat u, redactie, naar de gong grijpt. Laat Theodor stoppen met deze misselijk makende travestie en zich tot opheffende zaken beperken. Misschien wil Annemarie zelf wel een column schrijven. Volgens mij moet ze dat kunnen.
Den Haag, WILLEM MINDERHOUT