Hongarije geeft vluchtelingen geen eten

Boedapest – Advocaat András Lederer gaapt en wrijft in zijn ogen. ‘Ik hoop zó dat ik deze week door kan komen zonder weer contact op te hoeven nemen met het Europees Hof voor de Rechten van de Mens.’ Hij werkt voor het Hongaarse Helsinki Committee, dat legale ondersteuning biedt aan vluchtelingen, delinquenten en slachtoffers van politiegeweld. Sinds Orbán aan de macht kwam heeft de organisatie het extra druk, en sinds afgelopen zomer is die druk nog eens verdubbeld. De regering nam toen een serie nieuwe wetten aan, die gezamenlijk tot een absurde legale situatie voor vluchtelingen leidde.

Allereerst werd bepaald dat de asielaanvraag van migranten die via Servië het land zijn binnenkomen – wat wil zeggen: iedereen – kan worden afgewezen op grond van het feit dat Servië door Hongarije wordt gezien als een ‘veilig derde land’. Dit betekent in de praktijk dat elke asielaanvraag onmiddellijk wordt afgewezen, en dat is in strijd met EU-wetgeving. De Europese Commissie startte afgelopen zomer daarom al een inbreukprocedure, die inmiddels bij het Europees Gerechtshof ligt.

In de tussentijd zijn de migranten – die stuk voor stuk lange, gevaarlijke reizen vanuit Irak, Afghanistan of Syrië achter de rug hebben – nog wel in staat om die initiële afwijzing aan te vechten. Asielzoekers die op hun hoger beroep wachten verblijven in de zogenaamde ‘transitzone’ aan de Servische grens, bij de Hongaarse dorpjes Röszke en Tompa. Maar hier pakt Kafka pas echt zijn pen op: een tweede wet bepaalt dat migranten wier eerste asielaanvraag is afgewezen, hun recht op eten verliezen. Een derde wet maakt het illegaal voor hulporganisaties om voedsel naar de migranten te brengen. De deur naar Servië wordt ondertussen wijd opengezet.

Er bestaat geen terugname-overeenkomst met de Servische regering, wat betekent dat uitgehongerde asielzoekers die terug Servië in lopen hun legale asielprocedure in één klap beëindigen en in een hoogst onzekere situatie terechtkomen. ‘Een hoge boete, deportatie, of detentie’, zegt Lederer. ‘Dat is aan de Servische autoriteiten.’

Lederers organisatie bracht vorige week zaak nummer tien voor het ehrm – dat elke keer bepaalde dat de regering de migranten zo gauw mogelijk van voedsel moest voorzien. Toch blijft de situatie nog altijd voortbestaan. ‘Het kost haast niets om deze mensen van eten te voorzien’, zegt Lederer.

‘Het is ook geen machtsvertoon voor de Fidesz-achterban, want de staatsmedia reppen met geen woord over de situatie. Het is volstrekt onbegrijpelijk.’