Niet spuwen naar Poetin

Hoofdcommentaar

De Russische presidentsverkiezingen kenden een primeur. Niet de vraag wie ging winnen was van belang, maar de vraag wie winnaar Vladimir Poetin is. Vrijwel iedereen probeert zicht te krijgen op de ideeën van de voormalige KGB-spion.


Zelf gaat hij elke duidelijke uitspraak uit de weg. Of liever, zelf doet Poetin tegenstrijdige uitspraken. Hij laat weten economische hervormingen door te willen voeren, maar vertelt tevens de staatscontrole op de economie te zullen vergroten. Hij paait het Westen door het Navo-lidmaatschap voor Rusland aan te vragen om enige dagen later in eigen land zijn vraagtekens te zetten bij de Navo-uitbreidingen. Hij treedt meedogenloos op in Tsjetsjenië maar zegt een groot voorstander van democratie te zijn. Soms laat hij zich voorstaan op zijn academische achtergrond, soms uit hij vulgaire taal om zijn fermheid jegens Tsjetsjenen kracht bij te zetten.


‘Vladimir Poetin is als een spiegel waarin iedereen ziet wat hij wil zien. Het gebrek aan een concreet programma is erop gericht geen segment van het electoraat van zich te vervreemden’, aldus onderzoeker Joeri Levada, hoofd van het gerenommeerde opiniebureau VTsIOM.


De meest gehoorde kwalificatie is dat Poetin pragmatisch is. Hij zou over geen enkele ideologie beschikken. Analist Vjatsjeslav Nikonov meent dat hij daarmee de samenleving weerspiegelt. Poetin komt over als een gezonde, geconcentreerde, rustige man die geen kletspraat verkoopt ondanks zijn tegenstrijdige uitspraken. Hij is niet politiek omdat hij inhoudelijke discussies uit de weg gaat en zelfs geen politieke campagne voert. Hij liet de voor hem gereserveerde politieke zendtijd aan zich voorbijgaan om vervolgens in de media veelvuldig te worden afgeschilderd als man van de daad. Het contrast met zijn voorganger Jeltsin kan niet groter zijn.


Het enige duidelijke programmapunt van Poetin is zijn wens tot een sterke staat. In een zeldzaam geschrift dat hij op internet liet zetten, meldt Poetin: ‘De moderne Russische samenleving ziet een sterke en effectieve staat niet als een totalitaire staat. Rusland heeft een sterke staatsmacht nodig.’


Om dit Rusland te bezielen is eenheid nodig die zich baseert op ‘de Russische idee’. Tegen mensen die deze eenheid ondermijnen en daarmee de staat verzwakken, moet keihard worden opgetreden. Dat doet hij in Tsjetsjenië en dat deed hij tegen journalist Sergej Babitski die aldaar van de Russische gruweldaden verslag probeerde te doen. De Russische journalist werd als onwaardig landgenoot uitgeleverd aan de Tsjetsjenen.


Het probleem van Poetins ‘Russische idee’ is dat niemand weet hoe dit er concreet uitziet. Volgens voormalige dissidenten als de weduwe van mensenrechtenactivist Andrej Sacharov, Jelena Bonner, is Poetin bezig een nieuw stalinisme in te voeren.


Anderen proberen Poetins vaagheden te interpreteren en de baas op zijn wenken te bedienen. Zo leidde een terloopse opmerking van Poetin waarin hij twijfelde aan het nut van de arrestatie van Babitski na diens terugkeer uit Tsjetsjenië tot een spontane vrijlating van de journalist, zonder tussenkomst van een rechter.


Ook zonder kennis van Poetins plannen scharen veel Russen zich achter de nieuwe president. In de verkiezingscampagne sloten talloze politieke kopstukken en partijen, onder wie oude rivalen, zich bij hem aan. De liberalen passeerden zelfs hun eigen presidentskandidaat, Titov, om hun steun aan Poetin te betuigen. Presidentskandidaat Javlinski verklaarde bij aanvang van zijn campagne dat het ‘natuurlijk dwaas’ was te veronderstellen dat hij Poetin kon verslaan. Geen tegenstander viel de zekere winnaar persoonlijk aan. In een land waar een meerderheid van de burgers gruwt van het meerpartijensysteem en droomt van een eigen Russische weg door de geschiedenis, geldt het als domheid ‘om te spuwen tegen de wind in’, zoals het spreekwoord wil.


Mensenrechtenactivist Sergej Kovaljov meent dat Poetin geen Goelags zal instellen. Dat heeft hij ook niet nodig. De president spreekt naar zijn mening de mensen aan op de censor die velen nog immer in hun hoofd met zich mee dragen.


Als Poetin al te kenschetsen is, dan is hij vergelijkbaar met het scherm dat in de Orthodoxe Kerk het heilige gedeelte afschermt van het publiek. Op het scherm hangen iconen. Tijdens de dienst gaat het scherm af en toe open en dicht om het heilige in de wereld te laten komen. Poetin staat tussen de bevolking en de Russische idee. Af en toe laat hij iets los. Maar hij is een icoon, geen president.



Onno Hansen