Sociale-Zekerheidsmarkt

Hoofdcommentaar

‘Stalinistisch staatsdirigisme’ noemde FNV-voorman Lodewijk de Waal eind vorig jaar het plan van het kabinet om WW- en WAO-uitkeringen in de toekomst door een staatsbedrijf te laten toekennen. Op hoge toon eiste hij van ‘spookrijder’ De Vries zijn rechtmatige plaats aan de bestuurstafel van de sociale zekerheid. Afgelopen maandag bleek de vrede getekend. Het nieuwe staatsbedrijf komt er, maar er is ook een nieuw overlegorgaan bedacht, de Raad voor Werk en Inkomen, waarin bonden en werkgevers mee mogen praten over de besteding van een pot met reïntegratiegeld en de overheid van advies kunnen dienen over arbeidsmarktbeleid.

Ondanks alle vette krantenkoppen was de rituele stoelendans rond de bestuurszetels in het poldermodel niet het echte nieuws van de afgelopen weken over de toekomst van de sociale zekerheid. Dat stond in het kleine berichtje dat meldde dat staatssecretaris Hans Hoogervorst op maandag 10 januari in Tilburg de opening had verricht van het Interpolis-Verzuimnetwerk. Daarmee gaf hij in feite het startschot voor de marktwerking in de sociale zekerheid. Want wie mocht denken dat met de nationalisatie van het GAK en de andere uitvoerders van de sociale zekerheid ook de marktwerking van de baan is, heeft het mis. In werkelijkheid is er sprake van een definitieve boedelscheiding: de overheid blijft verantwoordelijk voor alles wat met werkloosheid te maken heeft, de markt gaat zich bezighouden met ziekte en arbeidsongeschiktheid.


Het Interpolis-Verzuimnetwerk is een samenwerkingsverband van vijf grote arbodiensten en uitzendbureau Adecco onder regie van zorgverzekeraar Interpolis. Doel is werkgevers te helpen bij het terugdringen van het ziekteverzuim. Voor werkgevers is dat interessant omdat zij sinds de privatisering van de Ziektewet zelf financieel verantwoordelijk zijn voor het risico van ziekte. Zij hebben dus belang bij snelle reïntegratie. Zorgverzekeraars als Interpolis hebben datzelfde belang: hoe sneller de zieke werknemer weer aan het werk is, des te minder uitkering hoeft er te worden betaald. Wat Interpolis heeft gedaan, is alle diensten die te maken hebben met reïntegratie in een netwerk bij elkaar brengen. Na een ziekmelding komt de betreffende werknemer terecht bij een arbodienst uit het netwerk. Die seint zorgverzekeraar Interpolis in die desgewenst zorgt voor een voorrangsbehandeling. Kan de werknemer niet meer terug naar zijn oude werkgever, dan komt uitzendbureau Adecco in beeld. Het netwerk moet ervoor zorgen dat alle schakels in de keten probleemloos op elkaar aansluiten.


Wat geldt voor ziekte, kan ook gelden voor arbeidsongeschiktheid. Sinds 1 januari 1998 mogen werkgevers hun werknemers ook commercieel verzekeren voor een uitkering bij arbeidsongeschiktheid. Een kleine 2700 bedrijven maakt inmiddels van die mogelijkheid gebruik en dat getal groeit snel. Uiteraard hangt aan deze perfect georganiseerde dienstverlening een prijskaartje. De werkgever moet dus op zoek naar de beste verhouding tussen prijs en kwaliteit. Dat kan door reïntegratiefaciliteiten alleen te regelen voor werknemers in vaste dienst en niet voor bijvoorbeeld tijdelijke contractanten. Het kan ook door personeel ‘aan de poort’ strenger te selecteren op gezondheid. Het percentage bedrijven dat bij aanstelling standaard vragen stelt over de gezondheid is gestegen van 36 in 1998 tot 47 in 1999. En ten slotte kan dat door artsen onder druk te zetten mensen weer snel aan het werk te laten gaan. TNO-onderzoek onder zeshonderd arbo-artsen concludeerde dat er als gevolg van de druk van werkgevers sprake is van minder tijd voor preventie, een sterk toegenomen risicoselectie waardoor ouderen en minder gezonden worden geweerd, en verlies van onafhankelijkheid van artsen.


Uit angst dat de onafhankelijkheid van de arbeidsongeschiktheidskeuringen in het geding zou komen, dwong de Tweede Kamer halverwege vorig jaar minister De Vries de privatisering van het GAK en de andere uitvoerders van WW en WAO terug te nemen. Dat resulteerde in de huidige kabinetsplannen. In de praktijk betekent dat voor de verzekeraars alleen dat zij zich niet meer bezig hoeven houden met het uitbetalen van arbeidsongeschiktheidsuitkeringen en de WAO-keuring na een jaar ziekte. Oud-staatssecretaris Linschoten, adviseur van Interpolis en medebedenker van het nieuwe verzuimnetwerk, zei daarover in de Volkskrant: ‘Die keuring is totaal niet interessant als iedereen tijdens het eerste jaar ziekte er alles aan doet om te herstellen of ander werk te vinden. Wie dan nog voor de WAO gekeurd wordt, is echt arbeidsongeschikt. Daar weten verzekeraar en arbodienst dan alles van.’ Met andere woorden, de WAO-keuring is straks niet meer dan een stempel van goedkeuring op het inmiddels door private arbo-artsen gevelde oordeel. Ligt daarin de ‘oplossing’ van het WAO-probleem? Ooit zei oud-regeringscommissaris voor de rijksdienst en vice-voorzitter van de Raad van State Herman Tjeenk Willink het zo: ‘Politici gaan niet over tot het privatiseren van een overheidsdienst om een probleem op te lossen, maar om er vanaf te zijn.’


PIET LEENDERS