Joeri Boom

Hoofdommentaar

Het Joegoslavië Tribunaal veroordeelde afgelopen week de Kroatische generaal Tihomir Blaskic tot 45 jaar cel. Hij werd schuldig bevonden aan oorlogsmisdaden en misdaden tegen de menselijkheid, begaan in 1993, tegen Bosnische Moslims. Blaskic — indertijd kolonel — wordt als voormalig commandant van de Kroatische troepen in Centraal-Bosnië verantwoordelijk gehouden voor de massamoord in het Bosnische dorp Ahmici, in april 1993, waarbij meer dan honderd Moslims werden afgeslacht. Volgens het vonnis was de moordpartij onderdeel van het Kroatische plan om de Lasva-vallei etnisch te zuiveren. Beelden van een woedende Britse VN-commandant en zijn aangeslagen soldaten die de verkoolde lijken vonden, werden wereldwijd uitgezonden.

De veroordeling toont aan dat een hoge militaire rang geen bescherming biedt. Integendeel, volgens de rechters heeft Blaskic niet zelf gemoord, maar gaf hij de bevelen en heeft hij nagelaten misdaden tegen burgers te voorkomen of te straffen. De stevige uitspraak (het hoger beroep moet overigens nog dienen) maakt de naderende rechtszaak tegen de Bosnisch-Servische generaal Radislav Krstic des te interessanter. Krstic wordt onder meer aangeklaagd wegens zijn aandeel in de Srebrenica-slachtingen in 1995. Net als Blaskic maakte hij zelf zijn handen niet vuil, maar deelde hij orders uit.


Een rechtminnend burger stemt een dergelijk vonnis tevreden. Het Tribunaal ging immers niet over één nacht ijs. Vijfentwintig maanden duurde het proces; de bewijslast besloeg dertigduizend pagina’s en de rechters hadden zeven maanden nodig om vonnis te wijzen. Menige Kroaat, gehinderd door nationale trots, schoot de uitspraak echter in het verkeerde keelgat. Hoe kon die anders dan gericht zijn tegen de prille natie? De Kroatische leiders werden inderdaad hard aangepakt. De aanklagers stelden in hun slotpleidooi dat de oorlogsmisdaden begaan in Bosnië werden gepland ‘in de paleizen van de macht in Zagreb’. De rechters gaven de aanklagers gelijk. ‘De Republiek Kroatië beperkte zich niet tot de rol van een toeschouwer aan de zijlijn of simpelweg tot de bescherming van zijn grenzen’, meenden zij.


Dezer dagen golft de verontwaardiging door Kroatië en de door Kroaten bewoonde delen van Bosnië. Dat het land na de dood van Franjo Tudjman is verlost van het nationalistische juk der HDZ wil nog niet zeggen dat daarmee ook meteen wordt gepikt dat Kroaten voor oorlogsmisdadigers worden uitgemaakt. Meteen na zijn verkiezing tot president stelde Stipe Mesic dat internationale samenwerking, met name die met het Tribunaal, boven aan zijn agenda stond. Dat hij daarmee niet namens al zijn landgenoten sprak, blijkt nu. De nieuwe democratische regering wordt danig op de proef gesteld. De reactie van Drazen Budisa, de leider van de sociaal-liberalen die sinds twee maanden regeringsverantwoordelijkheid dragen, is symptomatisch. ‘Ik heb Tihomir Blaskic altijd als een onschuldig man beschouwd. Dit is een verschrikkelijke straf die de geloofwaardigheid van het Haagse Tribunaal in het geding brengt’, zei hij.


Vooralsnog staat echter slechts de geloofwaardigheid van de nieuwe Kroatische regering op het spel. Daags voor Blaskic’ veroordeling zegde Zagreb nog toe de van oorlogsmisdaden verdachte commandant ‘Tuta’ te zullen uitleveren. Tudjman had zich daar jarenlang tegen verzet. Bovendien leverde de nieuwe Kroatische regering onlangs de eerste bewijsstukken inzake Operatie Storm uit 1995. Daarbij werden door de Kroaten 150.000 Serviërs verjaagd, en achtergebleven bejaarden vermoord. De Kroaten zijn nog altijd trots op deze Blitzkrieg. Alleen door nu door te zetten, Tuta daadwerkelijk uit te leveren alsmede een aanvullende lading Storm-documenten naar Den Haag te sturen, kan de nieuwe regering haar geloofwaardigheid bewijzen, dwars tegen de weerstand van de bevolking in.


Maar ook het Joegoslavië Tribunaal wordt op de proef gesteld. Diepgravend onderzoek naar Operatie Storm, na Kosovo de grootste recente etnische schoonmaak op de Balkan, zal waarschijnlijk Amerikaanse betrokkenheid aan het licht brengen. De operatie werd in 1995 uitgevoerd door Kroatische troepen die werden getraind door gepensioneerde US-officers. Eerder onderzoek liep stuk op Amerikaanse tegenwerking.


Het is niet onmogelijk dat de Verenigde Staten de rechtsgang onder druk zullen zetten om een publieke schrobbering te voorkomen. Daarmee zou immers met terugwerkende kracht de morele bodem onder het Noord-Atlantische (lees: Amerikaanse) Balkanbeleid wegvallen. Desalniettemin staat het Tribunaal hetzelfde te doen als de Kroatische regering: doorbijten, desnoods tot in het Pentagon.