Menno Heurekamp

Hoogtepunten

Oliver Stones film over Alexander de Grote werd verguisd. The New York Times schreef: «There are many highlights in ‹Alexander›, but they are all in the hair of Colin Farell.» Highlights in het haar van de hoofdrolspeler, onvermijdelijk gaan je gedachten uit naar Geert Wilders. Ook een man met een plan, net als Alexander. Maar Alexander wilde de wereld veroveren en Wilders wil de wereld buiten houden, dus daar houdt de vergelijking op. Nadat op de Eerste Oosterparkstraat te Amsterdam-Oost de tasjesdief was omgekomen, wist Wilders wel wat de aanleiding was. Het was terrorisme, straatterrorisme.

Dat begrip straatterrorisme zal Wilders allicht in de Verenigde Staten hebben opgepikt. Daar kent men een street terrorism enforcement and prevention act, bedoeld om criminele bendes de kop in te drukken. Eruitzien als een bendelid of omgaan met een crimineel kon je op basis van deze wet in Florida al een veroordeling opleveren. Sterker nog, je hoeft niet eens uitgedost als lid van de Cribs over straat om terrorist te zijn. Graffiti aanbrengen is genoeg. Maar het gaat Geert Wilders niet om openlijke drugshandel en ook niet om kinderen die elkaar met pistolen narennen. Hij wil iets doen tegen jongens met een Marokkaanse achtergrond, die een «alledaagse terreur» veroorzaken waar «tienduizenden mensen» last van hebben. D’r uit met die gasten, vindt Wilders, weg, dondert niet waarheen.

Ik vermoed een eenzame en boze racist in de man. Maar de afspraak is dat we dát niet meer veroordelen. En hij heeft ook daadwerkelijk geen makkelijk leven.

Wilders gaf aan Elsevier een interview terwijl hij in Israël was. Hij voelt zich er volgens eigen zeggen veiliger dan hier. Het land ligt hem na aan het hart. Hij woonde er en komt er regelmatig. Je krijgt al snel de indruk dat de burgeroorlog in Israël onwillekeurig zijn referentiekader is. Hij heeft het over uitwijzen, grondwet wijzigen, democratie laten wijken voor het voortbestaan van Nederland. Zelf spreekt hij liever over een «superoorlog» dan over een burgeroorlog. Natuurlijk wil Wilders niet samen met Tweede-Kamerlid Hirsi Ali en de Amsterdamse burgemeester Cohen uitwassen van de islam bestrijden. Iedere moslim wantrouwen, dat is zijn eerste programmapunt. De terreur moet op de agenda. Door pacten te sluiten komt de burgeroorlog nooit op gang.

Wilders piekt vroeg. De steun die hem nu in de peilingen toevalt is beperkt houdbaar. Het duurt nog anderhalf jaar voor er verkiezingen zijn. Dus Wilders komt nog met ruige voorstellen tot die tijd: elektronische boeien voor alle van fundamentalisme verdachte terroristen, en voor straatterroristen speciale gevangenissen in Marokko. Om de overige, algemene, terroristen te treffen eist Wilders een bovengrens aan het aantal Mohammeds dat per week bij de burgerlijke stand mag worden aangemeld. Alles in de hoop dat het perfide establishment de Groep Wilders uitkotst en de demoniseringsbonus van 27 parlementszetels verzilverd kan worden.

Wouter Bos wilde onlangs mede daarom Geert Wilders niet uitsluiten van een eventuele regeringscoalitie. De les van de Fortuyn-revolutie was immers dat je elke partij serieus moet nemen. Zaterdag congresseert de Partij van de Arbeid over haar uitgangspunten. Een mooi tijdstip voor een amendement op die nuttige les van de Fortuyn-revolutie: iedere partij serieus nemen, mits de hoeveelheid onzin die een partij te berde brengt kleiner of ten hoogste gelijk is aan de hoeveelheid zin.