Hoorspel zonder radio

Een paar zaakjes voor tweedehands kleren, fauteuils en boeken hebben mooi geprofiteerd van de voorstelling Hoorstuk, die op dit moment in de Westergasfabriek te zien is. Met name boeken bepalen het decorum: honderden exemplaren liggen verspreid op stapeltjes, in rijen, netjes gesorteerd of juist slordig op een hoopje. Want boeken bepalen de wereld van de ik-figuur in Tropismes van de Franse schrijfster Nathalie Sarraute.

De titel Hoorstuk heeft dan ook minder met de inhoud te maken dan met de vorm. Hoorstuk bevindt zich op het breukvlak van een hoorspel, een muziekstuk en een toneelstuk. Het is het alledrie tegelijk, maar geen van drieën volledig. Muziek en tekst zijn van elkaar gescheiden. De Nederlandse vertaling van Sarrautes proza wordt gelezen door de actrice Dore Smit, die aan de uiterste kant van de gigantische Zuiveringshal zich in een boekenrijke studeerkamer heeft geïnstalleerd. Franstalige fragmenten zijn op muziek gezet door een drietal componisten: Pjotr Klimek, André Dienske en Matthew Ostrowski. Deze koorstukken worden uitgevoerd door de leden van het Nederlands Zangtheater, die tegelijkertijd als figuranten in het toneelstuk optreden. Gespiegeld in de ruimte bevindt zich helemaal aan het andere uiterste een merkwaardig clubje geluidenmakers. Soms is in de verte het dichtslaande portier van een oldtimer te ontwaren, regelmatig klinkt een windmachine en verder spelen telefoon, claxon en misthoorn een prominente rol. Kortom, in dit hoekje speelt zich het hoorspel af.
De tekst is een monologue intérieur van een vrouw die in het Parijs van de jaren dertig haar draai probeert te vinden. Het stadsleven beangstigt haar en ze voelt zich buitengesloten door de stedelingen die zich met zo'n gemak door de straten begeven en met elkaar kletsen over ‘de duur van een treinreis en de smaak van koffie’. Ze voelt zich van hen vervreemd: 'Zij, ze spraken niet;/ ze babbelden;/ ze stamelden onverstaanbare taal:/ toch verstonden ze elkaar.’
Dore Smit heeft een prachtige stem, hoewel die soms ietwat te krachtig en zelfverzekerd klinkt voor iemand die in de war is. Dat bezwaar wordt in de loop van het verhaal minder, want de plot is - voor zover er althans sprake is van een plot - dat de ik-figuur houvast vindt in haar boeken. Ze overleeft door kennis te vergaren, door alles te lezen wat los en vast zit.
Dore Smit heeft een alter ego in Paulien Ouwehand, die binnen het koor als solist optreedt in een zingende versie van de ik-figuur. De muziek beweegt zich veelal in modale harmonieën, wat goed past bij de Franse tekst. Het is melodieuze maar serene muziek, die ijl door de ruimte zweeft. Eenvoudig en sober. Van een al te platte tekstuitbeelding is gelukkig geen sprake. De muziek beschrijft daarentegen de eenzame, desolate sfeer waarin de hoofdpersoon zich bevindt. Er zitten anekdotische momenten in het hoorspel. Bijvoorbeeld wanneer de koorleden hun paraplu’s openen, horen we de dikke druppels van een regenbui.
Een hoorspel om naar te kijken en te luisteren - zo beschrijven de makers zelf Hoorstuk. Eerlijk gezegd is er niet veel spectaculairs om naar te kijken, of het moest de prachtige belichting van de ruimte zijn die voortdurend van perspectief verandert. De voornaamste reden dat je dit hoorspel niet over de luidsprekers in de huiskamer kunt beluisteren is het belang van de akoestiek, die beweegt tussen het meest intieme gefluister en de grootse galm van een kathedraal. De manier waarop het koor door de ruimte beweegt, waarop het wordt opgesplitst in groepen, waarop er een spel wordt gespeeld met ver weg en dichtbij, en de manier waarop ook het publiek in deze ruimtelijke opstelling wordt betrokken, maakt Hoorstuk tot een onvervalste locatievoorstelling. Een akoestische locatie wel te verstaan.