Op 26 januari, het Centraal Museum, Utrecht

Huis van de Poëzie

De poëzie zal op donderdag 26 januari, Gedichtendag, letterlijk het middelpunt vormen van de kunsten: in de stallen van het Centraal Museum weten dichters met allure als Rutger Kopland, Judith Herzberg, Tonnus Oosterhoff, Eva Gerlach en Menno Wigman zich omringd door de indrukwekkende schilderijen van Bloemaert. Maar ook in de andere ruimten van het gebouw met haar kruipdoor-sluipdoor-structuur, wachten het publiek gegarandeerd verrassende ontmoetingen tussen poëzie en beeldende kunst.

Het Huis van de Poëzie is een feest waar alle zintuigen bij worden betrokken: bereid u voor op een waar sensorisch bombardement. Rapper Kapabel, uit de stal van Kytopia, legt met zijn programma ‘De Avonduren’ de relatie tussen poëzie en muziek, Hans Dagelet wekt de dichter die ook in W.F. Hermans huisde tot leven en grenzen worden overschreden in de Internationale Kamer van Anna Arov. Ingmar Heytze presenteert zijn nieuwe bundel ‘Ademhalen onder de maan’ en Chrétien Breukers houdt met medesamensteller Philip Hoorne ‘De Nederlandse poëzie in pocketformaat’ ten doop: de bloemlezing die alle andere bloemlezingen overbodig maakt.

Dit jaar opent het Huis van de Poëzie voor de uitreiking van de VSB Poëzieprijs een dag eerder, op 25 januari, haar deuren. Op deze feestelijke avond in de Nicolaïkerk wordt bekend gemaakt wie van de genomineerde dichters de grootste jaarlijkse poëzieprijs voor een bundel wint: Peter Ghyssaert, Jan Lauwereyns, Willem Jan Otten, Erik Spinoy of Anne Vegter. Joke van Leeuwen geeft met een voordracht uit de door haar geschreven Gedichtendagbundel het startschot aan Gedichtendag 2012.