Hulp is dodelijk, geen hulp ook

Terwijl iedereen hoopt dat een humanitaire interventie de nood in Zaïre en Ruanda zal helpen lenigen, stelt de Amsterdamse hoogleraar Abram de Swaan in zijn column in NRC Handelsblad deze ‘ontspoorde naastenliefde’ aan de kaak: ‘Wat zich dezer dagen afspeelt in Oost-Zaïre is de schuld van de Hutu-extremisten. En het zijn de westerse hulpverleners die hun dat jaar in jaar uit mogelijk hebben gemaakt.’ Door voedsel en medicijnen te verstrekken in de Hutu-vluchtelingenkampen hebben zij het extremisme in stand gehouden, aldus De Swaan. Hulp is mooi, maar de interventiemacht moet eerst de Hutu-extremisten buiten gevecht stellen.

Lag het maar zo eenvoudig. Schuldig aan de crisis zijn bepaalde regeringen in de regio, de buitenlandse mogendheden die hen ondersteunen, de wapen- en grondstoffenhandelaren die eraan verdienen, en inderdaad, de ‘Hutu-extremisten’, merendeels misleide kindsoldaten die voor hun hachje vechten.
Overigens vinden de meeste hulpverleners net als De Swaan dat de ware schuldigen moeten worden aangepakt. Hun probleem is dat dit nooit gebeurt, doordat de interveniërende mogendheden meestal (heimelijk) goede relaties met die schuldigen onderhouden. In hun jaarverslagen keert dezelfde paradox daarom steeds terug: hulpverlening zonder onderscheid is soms onverantwoord, maar onverantwoorde hulp is vaak beter dan helemaal geen hulp. Zo ook in Zaïre, waar zonder de hulpverlening nu heel wat meer 'Hutu-extremisten’ zouden rondlopen.
De hulpverleners klagen vaak het hardst dat de internationale gemeenschap zich verschuilt achter humanitaire beginselen om niet werkelijk te hoeven ingrijpen, en het getuigt van misplaatst engagement om hun noodoplossingen af te doen als medeplichtigheid. Artsen zonder Grenzen lanceerde in 1984 de leuze 'Hulp is dodelijk’ omdat de voedselhulp aan Ethiopië door het regime werd misbruikt voor het inrichten van concentratiekampen. Prompt werd de popster Bob Geldof, organisator van Band Aid, door de 'nieuwe filosofen’ Glucksmann en Wolton als zingende massamoordenaar aan de schandpaal genageld. Bravo! Maar een strategie om te komen tot een structureel internationaal interventiebeleid, waaraan de machtigste landen ruimhartig en zonder bijbedoelingen meewerken, kon het bevlogen duo ook niet formuleren.
Van een ideale combinatie van militair en humanitair ingrijpen zal ook in Zaïre geen sprake zijn. Als de interventie onder de huidige omstandigheden al doorgaat, zullen de buitenlandse troepen nog terughoudender optreden dan in Somalië. De NGO’s zullen het wederom moeten stellen met een minimum aan bescherming, zodat een deel van de hulp bij de verkeerden terechtkomt. En ze zullen wederom hun toevlucht moeten nemen tot flooding, het verstrekken van zoveel hulp dat degenen die er recht op hebben in elk geval niet tekortkomen. Tenzij De Swaan even een tactiek ontwikkelt waarmee die paar duizend blauwhelmen de tienduizenden 'extremisten’ van alle partijen kunnen uitschakelen zonder daarbij grote aantallen burgerslachtoffers te maken. Ik heb er een hard hoofd in.