Economie

Ierse spiegel

De Ieren zijn alsnog door de knieën. Na forse pressie van Duitsland en Groot-Brittannië (lees Duitse en Britse banken die er respectievelijk 139 en 149 miljard dollar hebben uitstaan) heeft premier Brian Cowen afgelopen weekend zijn handtekening gezet onder een reddingsplan ter waarde van tachtig tot negentig miljard euro. Lager dan het Griekse reddingsplan, zo verkondigde de Ierse delegatie opgelucht in een poging het zelfrespect te redden. Want het gelag is hard voor de ooit zo trotse Keltische Tijger, die zich na een bloedige strijd met de Britse onderdrukker in 1921 een zelfstandige republiek mocht noemen en zich na decennia van armoede in de jaren negentig mocht tooien met de titel van meest welvarende lidstaat van de Europese Unie. Via de band van de euro moet het ‘smaragdgroene eiland’ nu wederom buitenlandse inmenging in binnenlandse zaken toestaan.
En net als tijdens de Griekse crisis was het Europese reddingsballet geen fraai schouwspel. Hoewel je als krantenlezer verwacht dat de hoofdrolspelers nu wel in de smiezen hebben dat de toekomst van de euro en de Europese Unie op het spel staat, zag je ook nu weer naakt nationalisme steeds onbeschaamd door de Europese bedoelingen prikken. Het begon met de opmerking van Merkel dat obligatiehouders maar op hun zakdoek moesten bijten als landen in de problemen kwamen. Meer bedoeld voor de anti-Europese Duitse bühne dan als constructieve bijdrage aan de oplossing van de eurocrisis, reageerde de kapitaalmarkt naar verwachting: hogere opslagen voor Ierland, Portugal en Spanje. Haastig schoten Brusselse functionarissen toe om de boel te sussen. Het zou niet gaan om huidige obligaties maar alleen om toekomstige. Vergeefs: schichtige beleggers werden nog schichtiger en landen in de penarie zakten er verder in weg.
Toen was daar het akkefietje van de vennootschapsbelasting. Duitsland en Frankrijk was het lage Ierse tarief al langer een doorn in het oog. Een hulppakket zou hun eindelijk de kans bieden daar iets aan te doen. Wie schulden heeft, verliest immers zijn autonomie. Dat geldt voor u en mij, maar dus ook voor landen. Ierland reageerde als door een horzel gestoken. Niet alleen de nationale soevereiniteit was in het geding maar ook het bedrijfsmodel van de Keltische Tijger. Het Ierse succes was gestoeld op een geschoolde populatie, de Ierse diaspora in de VS, Engelse taalvaardigheid, weinig toezicht, maar vooral op lage belastingen. Als Ierland het tarief zou verhogen, zouden de overheidsfinanciën niet verbeteren maar verslechteren en daar zou niemand wijzer van worden. Toch?
En het eindigde met de rente die Ierland voor het noodpakket moest betalen. De Ierse minister van Financiën kraaide afgelopen maandag dat de rente in ieder geval lager was dan hij op de kapitaalmarkt zou moeten betalen. Oftewel, tegenover nationaal gezichtsverlies stond tenminste een koopje. Minister De Jager zong aan de crediteurenkant exact hetzelfde liedje. In Nederlandse kranten liet hij optekenen dat de lening aan de Ieren een fantastische belegging was omdat het minstens twee keer zou opleveren wat het ons kost. Nog afgezien van de vraag hoe zowel debiteur als crediteur dezelfde transactie als buitenkansje kan vieren, illustreert het vooral het failliet van het Europese project. Niets over het grotere belang van de euro, de Europese Unie, voortgaande Europese integratie. Alleen maar: het gaat ons niets kosten, we worden er wijzer van, zonder ook maar een schim van besef dat het Griekse en Ierse drama ook het onze is en dat we straks toch weer met hen om de tafel moeten.
Het enige wat deze keer ontbrak waren de tenenkrommende nationale karikaturen. De Grieken waren lui, corrupt, verwend, leugenaars die het drama over zichzelf hadden afgeroepen en onze steun niet verdienden. De Ieren daarentegen waren daadkrachtig, durfden diep in eigen vlees te snijden en waren uiteindelijk vooral slachtoffers van de Amerikaanse bankencrisis. Wie Fintan O'Toole’s Ship of Fools heeft gelezen weet dat dit onzin is. Met lage belastingtarieven, laks toezicht en een kliek van corrupte politici blaast het land zich in de 21ste eeuw naar de top van de landen met de hoogste huizenprijzen, de hoogste hypotheekschulden en de grootste financiële centra. Daar plukt het nu de vruchten van.
En als je dan leest dat de Nederlandse vennootschapsbelasting na de Ierse de laagste van Europa is, dat 'onze’ trustkantoren in 2007 met 33 miljard euro de grootste investeerders in Ierland waren en dat Nederland bijna net zo'n hoge hypotheekschuld heeft als Ierland, krab je je toch wel even achter de oren. Het enige waarin Nederland van Ierland verschilt is dat bij ons de huizenprijzen nog niet zijn geïmplodeerd. Maar wie garandeert dat het morgen niet alsnog gebeurt.