Iets nieuws op iets ouds

Alain Platel koos de muziek van Bach voor een voorstelling over moderne jongerencultuur. Als dat maar goed gaat… Spelbreker: de volumeknop. Maar toch, muziektheater op het scherpst van de snede.

In bijna geen enkele moderne theaterproductie ontbreekt de volgende scène: de volumeknop wordt wijd opengedraaid, uit de luidsprekers dendert een zware housebeat en de personages laten al hakkend en stuiterend hun energie, agressie en geilheid de vrije loop. In een paar jaar tijd is dit muzikale intermezzo tot een ondraaglijk cliché verworden, exemplarisch voor de oppervlakkige manier waarop theatermakers vaak met muziek omgaan. Daarom alleen al is het zo'n verademing dat de Belgische regisseur/ choreograaf Alain Platel in Iets op Bach voor de muziek van Bach heeft gekozen. Hoewel de titel het ergste doet vrezen - iets op Bach suggereert ook iets van Bach, maakt niet uit wat - is het een gevoelige en intelligente voorstelling.In een krotterige omgeving van luchtroosters, antennes en plastic meubilair zien we een groep jonge mensen, een ongeregeld stelletje straatartiesten. Al dansend dagen ze elkaar uit, proberen ze elkaar af te troeven en een eigen plek te veroveren. Daarbij gaat het er bepaald niet zachtzinnig aan toe. Niet alleen worden er rake meppen en knietjes uitgedeeld, ook passeert er het nodige stuntwerk. Een van de spelers hangt op een gegeven moment als een varken aan het spit boven een vuur terwijl er van boven zware kanonskogels op zijn bovenlijf vallen. Even later gooit hij als een messenwerper vlijmscherpe metalen schijven dwars door het dansende ensemble naar een poster op de muur. De zaal kijkt huiverend toe. Dit is geen spel meer. Gevoegd bij de humor en vaart waarmee de scènes zich aan elkaar rijgen is Iets op Bach een voorstelling die op het scherp van de snede wordtgespeeld. Wat heeft de muziek van Bach daaraan toe te voegen? Interessant genoeg komen theater en muziek heel dicht bij elkaar. Zoals achter het stoere gedrag van deze jongeren een diepe onzekerheid en kwetsbaarheid schuilgaat, zo is de 0 muziek van Bach in al zijn schijnbare eenvoud even broos. Dat wordt nog verder in de hand gewerkt door de authentieke uitvoering door het Ensemble Explorations onder leiding van cellist Roel Dieltiens. De enigszins labiele, haperende klank van de oude instrumenten benadrukt de wankele menselijke verhoudingen die we op het toneel zien.¶De muziek zet hier dan ook geen sfeertje neer, zoals zo vaak in muziektheater gebeurt, maar laat een condition humaine zien. En tegelijkertijd legt het theater de universele kracht van Bach bloot. In die zin grijpen muziek en theater op een metafysisch niveau in elkaar. En er gebeurt meer. De opbouw van de 1 muziek - inderdaad een potpourri van bekende stukjes Bach - wordt weerspiegeld in het toneelbeeld. De meerstemmigheid vindt een equivalent in een letterlijk gelaagd toneelbeeld, waarin verschillende handelingen tegelijkertijd plaatsvinden. Soms versmelten ze tot een unisono (een groepschoreografie), soms bewegen ze als onafhankelijke stemmen van elkaar. Op andere momenten vormen muziek en theater een contrapunt met elkaar: tegenover de continuïteit (basso continuo) van de muziek staat de grilligheid en onvoorspelbaarheid van de dansers, die als ongeleide projectielen over het podium schieten. Het is mooi hoe Platel erin slaagt een eeuwenoude muziektraditie zo natuurlijk te laten samengaan met de hedendaagse jongerencultuur. Maar helaas ontkomt ook Platel niet aan de terreur van de volumeknop: halverwege barst de voorstelling open op harde rockmuziek. Wat jammer dat Platel louter Bach niet heeft aangedurfd.