FILM

Iets van liefde

The Killer Inside Me

De vader van Jim Thompson was Big Jim Thompson, sheriff van Caddo County, Oklahoma, in een tijd toen de Caddo-indianen het nog voor het zeggen hadden. Zo valt te lezen in een recent artikel in het dagblad Tulsa World, dat verder bericht over een kermis, een incident waarin het slachtoffer van een roofoverval zijn belager tot pulp sloeg en het twintigste geval van wanbestuur binnen het plaatselijke politiedepartement. Een harde wereld. Dat was het ook begin vorige eeuw toen Jim opgroeide in een klein appartement boven de cellen in het kantoor van zijn vader de sheriff, wiens carrière werd kortgeknipt door een schandaal rond verdwenen overheidsgeld. Dit maakte een onuitwisbare indruk op de jonge Jim. Later verwerkte hij deze ervaringen in zijn hard-boiled romans over misdaad en geweld en de verschillende schakeringen van de donkere kant van de menselijke natuur, vooral in The Killer Inside Me uit 1952.

In Michael Winterbottoms geslaagde verfilming van de roman speelt Casey Affleck de rol van hulpsheriff Lou Ford van Central City die in een sadomasochistische relatie met een prostituee, Joyce (Jessica Alba), betrokken raakt. Wanneer Lou door vastgoedmagnaat Chester Conway (Ned Beatty) wordt ingeschakeld om het afpersen van zijn zoon door Joyce ‘op te lossen’, komt Lou oog in oog te staan met zijn eigen, gewelddadige verleden. Gaandeweg komen de feiten op tafel waarbij het in contact komen met seksueel geweld op jonge leeftijd een belangrijke invloed op het karakter van Lou blijkt te hebben gehad.

The Killer Inside Me, een vernietigend subversieve blik op Amerika, leidde tijdens de recente release in Engeland tot tumult onder culturele commentatoren over sommige scènes waarin geweldpleging tegen vrouwen expliciet in beeld wordt gebracht. Sommigen vonden dat Winterbottom, die eerder zowel politiek bewuste films als The Road to Guantanamo (2006) als het experimentele, pornografische 9 Songs (2004) maakte, nu te ver is gegaan. Immers, in de film zou de indruk ontstaan dat de regisseur en daarmee ook de kijker zich volledig met de dader, sheriff Ford, zou identificeren waardoor een morele veroordeling van het geweld uitblijft. Anderen wezen er weer op dat Winterbottom simpelweg dicht bij de roman is gebleven en dat hij juist lof verdient voor de wijze waarop hij een gevoel van walging bij de kijker creëert, juist in scènes waarin het geweld duidelijk te zien is.

Beide redeneringen zijn legitiem. In cinema is de camerablik bijna altijd mannelijk en heeft geweld tegen vrouwen daardoor onvermijdelijk iets pervers en voyeuristisch, zeker in gevallen zoals dit waarin de vrouw (Alba) een Hollywood-sekssymbool is. Winterbottom stelt misschien zelfs onbedoeld dit proces aan de orde. Maar interessanter is het de brontekst The Killer Inside Me te bekijken als een voorloper van moderne werken, zoals Bret Easton Ellis’ American Psycho, waarin de afwezigheid van een morele held een gevoel van onbehagen bij de kijker/lezer schept. Waar Ellis referenties aan de populaire cultuur gebruikt om het geweld een ironische dimensie te geven, en zijn boek hierdoor geëngageerd kan worden genoemd, daar wendt Winterbottom in zijn versie van Thompsons roman noir muziek aan om de tragiek van de waanzin in Lou Ford te verbeelden.

Folk en swing creëren op dezelfde manier als in de televisiedramaseries van Dennis Potter (The Singing Detective) in The Killer Inside Me een melancholieke sfeer, een pijnlijke herinnering aan de mogelijkheid dat iets van liefde en verlossing lang geleden in deze harde wereld bestond. Des te wranger is de diepere laag die altijd in The Killer Inside Me aanwezig is: muziek van Spade Cooley klinkt tegen het einde van de film. Spade Cooley was een Amerikaanse orkestleider. Hij stond bekend als the king of western swing. Spade Cooley werd in 1961 gearresteerd na een ruzie met zijn vrouw, die hem om een echtscheiding vroeg. Waarna Spade Cooley haar aanrandde en doodsloeg.

Te zien vanaf 14 oktober