31 augustus

Op een vergadering van mijn vakgroep op de letterenfaculteit werd gezegd dat docenten zoals ik de studenten moeten opvoeden en hun de revolutionaire ideeën uit het hoofd moeten praten. Studenten moeten niet demonstreren maar studeren. Op die uitspraak volgde geen enkele reactie van de leraren.

Ik ging langs bij een studievriend die een flat in een oud pand heeft gekocht. Hij vroeg mijn advies over een grote verbouwing. Ik heb een zeker gezag als iemand die daar ervaring mee heeft. Het is een ruime, maar wat donkere flat. Uit het raam zag je een nieuwe kerk, neergezet door Poetins biechtvader Tichon Sjevkoenov, en daarnaast nog een stukje van de school waar mijn vriend op heeft gezeten. Iemand had op de muur van de gang het gezicht van een vrouw om een stopcontact getekend.

Een paar jaar geleden besloot zijn oudste zoon van geslacht te veranderen. Hij kreeg hormonen en dergelijke. Het hele proces kostte veel tijd, maar onlangs kreeg de zoon dan toch identiteitspapieren met een nieuwe naam en geslacht. Bijzonder dat in het hedendaagse Rusland je officieel bij een commissie kunt aankloppen die je toestaat je als vrouw te laten aanspreken, hoewel je fysiek gezien nog steeds een man bent. Dat is volgens mij een wezenlijke verworvenheid van onze vrijheid.

12 september

Vrijwel tegelijkertijd vertelden twee vrienden me dat hun zoons nu in het buitenland studeren. Een in de Verenigde Staten en een in Duitsland. Ze hebben die zoons in februari wegens het risico van mobilisatie naar het buitenland gestuurd.

16 september

Ik vloog naar Novosibirsk om in de Centrale Bibliotheek een voordracht te houden. Sinds maart zijn er ramen in de nieuwe vliegterminal geplaatst. Aan een tafeltje naast mij in het restaurant maakten twee kerels een fles Jameson soldaat. Ze spoelden het weg met Coca-Cola. Minimalisten. In Moskou is de Coca-Cola inmiddels op, aan boord van vliegtuigen ook.

19 september

Er zijn foto’s verschenen van een kerk in het dorp Malaja Kamysjevacha, waar Russische militairen voor ze zich terugtrokken kennelijk een veldhospitaal hadden ingericht. In de kerk was het een enorme puinhoop. De iconen aan de wanden hadden ze niet aangeraakt, maar het stond vol met ijzeren bedden, brancards en blikken eten. Blikken, maar ook een grote glazen pot met augurken, half leeggegeten, en op het altaar stonden verpakkingen met drieliterpotten. Met ingemaakte groenten of sap. Overal houten kisten, voor granaten waarschijnlijk. Op tafel lagen etensresten en aan de muur hing een papier met: ‘Wie de boel achter zich niet opruimt is een pederast.’

De foto’s bekijkende dacht ik: oorlog is toch vooral complete chaos. Het leven van mensen en dieren en planten, van de dingen, alles valt ten prooi aan wanorde. Overal bergen puin en afval, lichamen van de mensen als vuilnis, de ziel verandert in vuilnis. Ziel… dat klinkt hier te hoogdravend.

In de omgeving van de stad Izjoem graven de Oekraïners op een nieuwe begraafplaats lijken op om de doodsoorzaak vast te stellen. Weer foto’s van lijken met gebonden handen. Een dichteres postte de vastgebonden handen van een vrouw en schreef dat er bloed te zien was en dat het touw schoon was. Hoe dat kan bij een lijk dat in zand gelegen heeft. Ik bekeek de foto nog eens goed. Nee, het was geen bloed maar rode nagellak, en ja, een stukje touw was inderdaad schoon. Het zijn rare tijden als dichteressen op basis van foto’s aan forensische geneeskunde doen.

Ik bekeek foto’s van de plek waar ze groeven. De bodem was zanderig, het waren graven tussen dennenbomen. Ik weet nog hoe ik onder een den een graf voor mijn hond groef. Dat was heel andere grond, het was zwaar graven.

21 september

’s Ochtends reed ik naar de datsja van mijn opa om het werk aan het nieuwe dak te inspecteren. Op de middenstrook kwamen me een paar cortèges tegemoet, regeringsauto’s van het merk Aurus. Ik luisterde naar het radioprogramma Carnaval, de presentator citeerde minister van Defensie Sjojgoe: ‘Wij hebben een enorme voorraad dienstplichtigen.’ Mensen zijn voor de minister van Defensie ‘voorraad’.

Precies op de dag dat de eerste mobilisatie na 23 juni 1941 werd aangekondigd rondden we drie zomermaanden van bouwactiviteit af. De hardwerkende Tadzjieken hebben goede kwaliteit geleverd. Het geraamte van het huis is met betonnen palen versterkt, er zijn stevige vloerbalken tussen de begane grond en de eerste verdieping aangebracht, het dak is solide.

Om het huis lagen chaotische stapels bouwafval. Op mijn netvlies verschenen foto’s van beschoten Oekraïense huizen: hopen bakstenen, kapotte ramen, repen stof, bestoft meubilair, huisraad dat op de grond slingert. Net als bij mijn datsja hier, alleen breek ik niet af, ik verbouw, ik geef het huis een nieuw leven.

Het aantal zoekopdrachten ‘Hoe kom ik uit Rusland?’ en ‘Hoe breek ik mijn arm?’ op internet vliegt omhoog. Tickets naar visumvrije landen zijn voor de komende dagen uitverkocht.

Mijn vrouw en ik kregen 6 oktober 2004 een zoon met een ongeneeslijke hartkwaal en het Downsyndroom. Hij stierf op 4 oktober 2007. Als vanaf zijn geboorte alles in orde was geweest, dan was hij over een paar weken achttien geworden. Wat had ik gevoeld, als hij nu als meerderjarige zoon voor de oorlog opgeroepen was?

’s Avonds was er een tropische regenbui. De ruitenwissers konden het niet aan, ik zag bijna niets door de voorruit en reed heel langzaam.

25 september

Mensen die vertrekken, laten hun huisdieren in de steek. Een bevriende psychologe, die in maart is vertrokken, was van plan haar hond later op te halen. Toen ze deze zomer een bezoek bracht, heeft ze de hond zelfs niet gezien. Om hem niet te laten lijden en om zelf niet te lijden. Nu vraagt ze op Facebook of iemand haar hond niet naar Tel Aviv kan brengen.

Er wordt verteld dat er mannen zijn vertrokken met achterlating van vrouw, vriendin, kinderen en huisdieren. Sommige vrouwen zijn al bij elkaar ingetrokken om samen één huishouden te voeren en de kinderen op te voeden. Het ergste is dat alle plannen in duigen zijn gevallen. Plannen zijn de coördinaten die ons op koers houden als het leven onvoorspelbaar wordt en onze psyche het niet meer bolwerkt.

Mijn donkerharige vriendin vertelde dat toen ze klein was haar vader geen slaapliedjes maar oorlogsliederen voor haar zong. Hij kende niets anders. Ze wilde een vervelende collega op haar werk een nepoproep sturen, zodat hij van de schrik de benen zou nemen.

26 september

In Oest-Ilimsk heeft een jongeman het hoofd van een rekruteringsbureau neergeschoten, iemand anders heeft in een school in Izjevsk kinderen doodgeschoten. In de herfst krijgen mensen met psychische problemen het sowieso al zwaar en nu is er ook nog die oorlog.

Op straat hoorde ik twee flarden van gesprekken. Een vrouw riep in de telefoon: ‘Hij is al te oud om opgeroepen te worden.’ Een man zei: ‘Eerst naar Turkije, daarna zien we wel.’

De overgrote meerderheid van de orthodoxe priesters zwijgt of keurt de oorlog goed. De toonaangevende intellectuelen zijn vertrokken en copy-pasten nu vooral oproepen om te vluchten. Hun prognoses zijn apocalyptisch of van het type: zie je nou wel. Maar hoe legitiem is een uitspraak die op afstand gedaan wordt? Een stafofficier heeft niet volledig door wat er aan het front gebeurt. Daarom zijn de beschouwingen van die intellectuelen niet altijd serieus te nemen en maken ze vaak een arrogante, hysterische en incompetente indruk.

Wij houden dat wat ons goed uitkomt voor waar. We zoeken er overtuigende argumenten en logische verbanden bij. Ik weet dat als ik vertrek, ik alleen maar zou zitten te tobben en te hannesen. Al mijn geld erdoor zou jagen. Als ik blijf, dan ga ik van alles ondernemen, dan leef ik met alle vezels in mijn lijf. Ik probeer hier niet te blijven omdat ik nou zo stoer en principieel ben of dat ik niet voor die idioten wil wijken, maar omdat ik thuis meer op mijn gemak ben. Wie naar Israël vertrokken is, voelt zich daar meer op zijn gemak omdat het niet helemaal zijn eigen land is. Een nieuw land bekijk je met de ogen van een toerist, veel dingen begrijp je eenvoudig niet of, neem nu het constante Israëlisch-Palestijnse conflict, je ergert je er niet aan. In Israël komen ook mensen om, er vliegen raketten, er schieten tanks, maar het is een ver-van-mijn-bedshow, je hebt niet echt het gevoel dat je erbij betrokken bent. Wel in Rusland, waar alles vertrouwd is, waar je je betrokken en verantwoordelijk voelt.

29 september

Een bevriende schrijver is als voetganger de grens met Kazachstan overgestoken. In het donker was hij gestruikeld en had hij zijn wenkbrauw gescheurd. Het bloed stroomde over zijn gezicht, maar niemand uit de oneindige stroom voetgangers stopte om te helpen. De Kazachse grenswachten persen de Russen geld af als ze door willen naar Oezbekistan. Zolang je niet betaalt, laten ze je niet door.

Een schrijfster, die eindelijk haar alcoholverslaving heeft overwonnen, vertelde over de chatgroep in haar dorp waarin de mensen de buren waarschuwen als er mensen van de rekruteringsbureaus aankomen.

Een vriendin van haar had gisteren een blikje zwarte kaviaar leeggegeten dat ze voor feestelijke gelegenheden had bewaard en ze had een fles wijn van 40.000 roebel, meer dan 500 dollar dus, soldaat gemaakt.

Familieleden van gemobiliseerde mannen vertellen dat de rekruten geen medicijnen meekrijgen. Verbandkistjes moeten ze zelf aanschaffen, tampons worden aanbevolen om op schotwonden aan te brengen. Ze krijgen zelfs geen aluminium kroezen. Je bent minstens 10.000 roebel aan uitrusting kwijt. De betaling van de soldij loopt ook gebrekkig, de beloofde 200.000 roebel per maand moeten ze nog krijgen. Sommige soldaten wordt maximaal 30.000 beloofd en pas vanaf de tweede maand. Ik hoorde een populair rijmpje: ‘Mama maakt mij klaar voor het gevecht, koopt mijn kogelvrije vest, betaalt ook mijn Kalasjnikov, maar doet dat alles op de pof.’

30 september

Op Facebook verwelkomen hoogopgeleide emigranten iedere anti-Russische sanctie. Sluiten die hap, nieuwe naam geven, vernietigen. Sommige musici en literatuurkenners hebben hele theorieën opgezet over hoe de machthebbers in het Kremlin en alles wat Russisch is bestreden kan worden.

Ik ben blij voor mijn vriend wiens zoon nu officieel van geslacht is gewisseld. Die wordt nu zeker niet opgeroepen.

Bij de paspoortcontrole in Moskou vroeg de vrouwelijke officier naar de reden van mijn reis. Ik antwoordde dat ik naar Jerevan vloog om een boekenfestival te bezoeken. Vroeg de jonge vrouw: ‘Een boekenfestival zoals hier in Moskou?’ Mijn wedervraag: ‘Kent u boekenfestivals in Moskou dan?’ Beledigd antwoordde ze van wel, ze was zelfs op de boekenjaarbeurs van begin september geweest. Ook wilde ze mijn naam noteren en mijn boeken kopen. Ik gaf haar het pseudoniem op waaronder ik schrijf. Ze wenste me een goede reis.

2 oktober

Tegenwoordig dragen militairen vaak een bivakmuts. Het is een vreemde oorlog. Je herkent iemand aan zijn gezicht, dus kun je zijn familie vinden en wraak nemen. Hele legers bedekken nu hun gezicht. Ik herinnerde me hoe ik vorige week in het centrum zag hoe een jongeman met zo’n zwarte balaklava op een meisje met een enorm boeket naar de auto begeleidde.

Ik zat te denken aan de verbouwing van mijn opa’s datsja deze zomer. Ineens begreep ik iets belangrijks. Aanvankelijk wilde ik zoveel mogelijk van het oude in stand houden, maar tijdens de verbouwing moest eerst een deel van de muren gesloopt worden en daarna moest het dak eraf. Om het oude huis te kunnen verbouwen moest het versterkt worden en om het voor bewoning geschikt te maken moest ik steeds meer oude dingen slopen. Ik bewaarde natuurlijk wel veel, maar het is onvermijdelijk dat veel oude details opgeofferd moeten worden. Zo is het ook met het land. Als je het wil verbeteren, als je een perestrojka wil, dan moeten er veel dingen compleet op de schop.

Vrouwen lopen langs het Russische ministerie van Defensie in Moskou. 1 december © Maxim Shipenkov / EPA / ANP

9 oktober

Op het internet circuleert het idee dat de Russische strategie is om het Oekraïense leger niet te verslaan maar om de oorlog te rekken zodat Europa verzwakt wordt. Volgens die versie zien we nu militaire oefeningen en moet de echte oorlog nog beginnen.

Het vliegtuig naar Moskou is half leeg. Veel passagiers hebben tassen met logo’s van bekende merken. In Moskou zijn de winkels van die merken nu gesloten.

Ik zit te denken aan wat Europa eist van Rusland. De Europeanen willen dat we in opstand komen. Ze verachten ons om onze passiviteit, onze weigering om te muiten, onze lauwheid. Ze moesten eens weten wat ons allemaal is overkomen. Twee verschrikkelijke oorlogen, waarin Rusland tientallen miljoenen mensen heeft verloren. Er leven nog mensen die hebben meegevochten. Verder was er een burgeroorlog, de repressie onder Stalin, honger, oorlog in Afghanistan, conflicten op het grondgebied van de voormalige Sovjet-Unie, armoede. Russen zijn zó moe van dat alles, de Europeanen hebben geen idee. Wij willen alleen maar met rust gelaten worden. Dat de Europeanen en Amerikanen en onze eigen president ons met rust laten. Wij willen eindelijk rustig leven. Even geen heldendaden, veldslagen of overwinningen. Poetin en de wereldgemeenschap vallen de inwoners van Rusland op dezelfde manier lastig. Ze eisen zelfopoffering, maar weinig mensen zijn daartoe bereid. Het doet denken aan die scène bij Dostojevski waarin een in razernij ontstoken koetsier onbarmhartig zijn hulpeloze, verzwakte paard met de zweep afranselt. Het paard keert zich niet tegen de koetsier, maar gaat eenvoudig liggen om te sterven.

Mijn vrienden en kennissen verbazen zich erover dat ik niet in het buitenland blijf. Ik vind mezelf ook knap gestoord, zoals ik steeds terugkeer naar mijn brandende huis. Wil ik nu die brand gaan blussen of wil ik samen met het huis in vlammen opgaan?

13 oktober

De eerste gemobiliseerden zijn gevallen in de strijd.

Te oordelen naar de schaal van de verliezen aan materieel in deze oorlog, wordt het sovjetverleden letterlijk vermalen. Ik las dat de Amerikanen over de hele wereld wapens van sovjetmakelij opkopen om naar Oekraïne te sturen. De enorme voorraad aan wapenproductie die sinds de Tweede Wereldoorlog is opgebouwd wordt nu in Oekraïne vernietigd. Dat kon ook niet anders, zo’n hoeveelheid wapens moet vroeg of laat gebruikt worden. Het is een goede les voor de producenten: al die kogels die je produceert, worden vroeg of laat een keer verschoten.

Het gebrek aan militair elan in de maatschappij verbaast me niet. Dat elan is in de twintigste eeuw verdwenen, in zekere zin is dat maar goed ook. De onderdanigheid is gebleven, maar het elan is weg.

De verloofde van mijn schoolvriend is in Tokio gaan werken. Ze vertelde wat een Russisch meisje overkwam dat daar op Tinder kennis gemaakt had met een Amerikaan. Op hun eerste date begon ze meteen over de oorlog in Oekraïne, over haar schuldgevoel, de moeite die ze ermee had, haar depressie, schaamte, enzovoort. De Amerikaan begreep niet direct waar ze het over had, maar toen hij het doorhad probeerde hij haar te troosten. Ze moest zich maar niet druk maken, hij accepteerde haar ook met heel die verschrikkelijke bagage van Russische ellende en schuldgevoel. Om van onderwerp te veranderen, deelde hij zijn eigen probleem: in de plaatselijke supermarkt waren er al twee weken geen frambozen meer te krijgen. Na zijn jammerklacht daarover vroeg hij haar of ze wist waar die frambozen gebleven waren. Russen staan bekend om hun vernuft, wat doen ze in Rusland als er twee weken achter elkaar geen framboos te krijgen is?

Ik deelde het bovenstaande op Facebook en kreeg meer dan honderd reacties. Sommige mensen beschuldigden me van vooringenomenheid ten opzichte van Amerikanen. Die waren helemaal niet zo dom. Anderen verweten de Amerikaan ongevoeligheid, een derde groep maakte onderling ruzie. Er waren mensen bij die neerbuigend schreven dat tegenwoordig Russische jonge vrouwen niet meer voor werk naar Tokio kunnen. Dus waren ze er zeker van dat het allemaal gelogen was. Grappig, ze werkt nota bene niet zomaar in Tokio, ze is het hoofd van een afdeling internetverkoop bij een wereldwijd bekende kledingproducent.

Op de avatars van die ruziemakers op internet zie je vredesduiven, Oekraïense vlaggen en allerlei symbolen die van hun vooruitstrevendheid moeten getuigen. Maar weinig mensen kunnen een tekst niet alleen lezen, maar ook begrijpen. Nog minder zijn in staat zich in andere mensen te verplaatsen zonder meteen hypocriete etiketten op te plakken. Er is bijna niemand meer die niet in stereotypen denkt.

24 oktober

De strijd tegen homoseksualiteit blijft in Rusland een van de belangrijkste thema’s. Er wordt een wet voorbereid die opkomt voor ‘traditionele waarden en het gezin’. Het doel is om films, boeken en theaterstukken, eigenlijk alles wat men als in strijd met die waarden ziet te verbieden. Ook oproepen tot zelfmoord en het propageren van echtscheiding en ontrouw en natuurlijk homoseksualiteit vallen onder het verbod.

Het mag een karikaturale wet lijken, als hij wordt aangenomen, dan valt in theorie bijna alle kunst van de wereld eronder. De auteurs van de wet willen geen volledig verbod, maar wel een instrument waarmee iedere willekeurige kunstuiting verboden kan worden en tegen iedere willekeurige kunstenaar een rechtszaak begonnen kan worden.

De laatste tijd heeft iedereen het over Anton Krasovski. Voorheen was hij scenarioschrijver, pr-man, spindoctor en journalist, maar de laatste jaren liet hij van zich horen als zeer actief propagandist van het Kremlin. Krasovski is een merkwaardig geval omdat hij openlijk homoseksueel en hiv-positief is en zich uitspreekt voor een verbod op gay-propaganda. Gisteren riep hij in zijn programma op om Oekraïense kinderen in de rivier te verdrinken. Dat klonk zo bezopen dat zelfs de directeur van de propagandazender Russia Today, waar hij voor werkte, hem ontsloeg.

De persoon Krasovski wordt nu regelmatig onder de loep genomen. Veel mensen willen erachter komen hoe hij van een overduidelijk liberaal binnen de Moskouse kliek is veranderd in een psychopaat. Dat is heel simpel. Krasovski genoot er altijd al van voorwerp van minachting en haat te zijn. Hij was altijd al overdreven wispelturig, onaangepast in zijn excentriciteit. Vroeger werd hij daarom door de machthebbers als paria gezien, nu door iedereen. Toch kiest hij partij voor de mensen met macht en geld. Hij mag dan voor van alles bang zijn, hij heeft tegelijkertijd de behoefte geminacht te worden. Het is alsof die ingewikkelde psychologische combinatie hem drijft bij wat hij doet. Soms krijg je het gevoel dat het land geleid wordt door mensen die in de ban zijn van kinderlijke angsten en complexen. Een interessant detail uit het cv van Krasovski: hij heeft Russische letterkunde gestudeerd.

25 oktober

Een oud-televisiepresentator in Spanje die ik goed ken vertelde dat astrologen en zieners de volledige vernieuwing van het leven op onze planeet voorspellen. Rusland zou dan de veiligste plek op aarde worden. Voor het geval smartphones bij grootschalige storingen gaan uitvallen raadde ze aan een telefoon met toetsen te kopen.

Onlangs schoten twee Tadzjiekse vrijwilligers op een militair oefenterrein een paar mensen dood omdat ze Allah beledigd hadden.

De drumster op wie ik ooit verliefd was, riep aan het begin van de oorlog op Rusland te boycotten. Daarna verhuisde ze van Israël naar Rome, waar ze nu oproept tot een boycot van Zara vanwege een reclameposter met de zionistische radicaal Itamar Ben-Gvir in de etalage.

Ik droomde dat mijn vrouw en ik een oud houten huis hadden gekocht dat we verbouwden. Mijn vrouw zei dat de droom betekende dat onze relatie de crisis te boven zal komen.

Mijn neef is naar Mexico vertrokken om daar een visum voor de VS te regelen. Zijn vrouw heeft alle zaken in Moskou afgewikkeld en is hem met de kinderen achterna gegaan.

7 november

Met een bekend lid van de Moskouse gemeenteraad dronk ik een kopje kruidenthee. Hij vertelde dat de nieuwe begroting voorziet in een stijging van de kosten voor de ggz. Het aantal consulten bij psychiaters is dit jaar met 55 procent gestegen en de vraag naar antidepressiva met 70 procent.

Hij zei ook nog dat ze op de Krim dolfijnen uit het dolfinarium in zee hebben losgelaten, maar die zijn helemaal niet gewend aan het leven in de vrije natuur. Daarom is het dolfinarium aangeklaagd voor dierenmishandeling. Intussen is in Moskou vastgesteld dat een aantal bomkelders niet bestaat. Volgens de documenten moeten ze er zijn, maar in werkelijkheid zijn ze al lang afgebroken of verbouwd.

11 november

Het Russische leger trekt zich uit Cherson terug. In hun blogs en commentaren zoeken voorstanders van de oorlog naar de schuldigen. Sommigen beschuldigen de veiligheidsdiensten. Die hebben Poetin op het verkeerde been gezet door een makkelijke oorlog te beloven. Anderen beschuldigen de militairen die verantwoordelijk zijn voor de slechte voorbereiding van het leger. Ook zijn er die vinden dat de miljardairsvrienden van Poetin schuldig zijn. Zij hadden technische innovaties moeten verwezenlijken maar hebben de staatskas leeggeroofd. Of ze schrijven dat de mislukkingen aan de passiviteit van het grote publiek liggen, dat graag applaudisseert voor mooie televisierapportages, maar niet bereid is zijn leven te geven. Ik krijg een ongemakkelijk gevoel, dit alles lezend. Alsof de mensen het belangrijkste niet begrijpen. En ikzelf ook niet.

In Cherson hebben zij bij de terugtrekking de brug over de Dnjepr opgeblazen. De lange sovjetbrug. Een paar overspanningen liggen nu in het water. Het is een versleten metafoor, maar er zijn de laatste tijd zoveel vernielde bruggen, dat je onwillekeurig aan de symboliek ervan moet denken.

13 november

Als ik tegenwoordig wakker word, duurt het lang voor ik opsta. Ik moet er eerst voor in de stemming komen. Ik zeg tegen mezelf dat ik niet moet somberen en depressief worden, dat ik nergens bang voor hoef te zijn, dat ik aan het werk moet. Maar mijn sombere gedachten worden talrijker, mijn angsten steeds groter. Hoe zou ik me gedragen als ik in de schoenen van mensen stond die gemarteld en terechtgesteld worden? Stel dat ze mij ontvoeren, arresteren, bedreigen, chanteren of martelen? Zou ik snel breken? Ga ik voor de camera mijn verontschuldigingen uitspreken? Krijg ik er spijt van dat ik ooit ergens iets verkeerd heb gezegd, geschreven of gedaan waardoor ik in de handen van mijn folteraars belandde?

Misschien is het gewoon een herfstdepressie.

Weer denk ik na over de vermoeidheid van de Russen. Zoveel ellende is er de laatste eeuw over het land uitgestort, zoveel beproevingen, zoveel verliezen. We zijn het zat. Terwijl we een paar eeuwen rust en meditatie willen, krijgen we weer strijd en gebrek voor de kiezen en verwachten ze bovenmenselijke inspanningen en heldendaden van ons. Al die propagandisten, ophitsers en oorlogsdichters lijken op psychiatrische patiënten, die een oud, vermoeid dier voortschoppen. Het dier moeten ze op zijn rug door moeras, sneeuwhopen en bos heen de berg op torsen. Ze doen dat uit onzekerheid, uit verveling, omdat ze niet in staat zijn tot geluk. Hun psychopathische gedrag steekt de mensen om hen heen wel aan, maar de nationale vermoeidheid kunnen ze niet doorbreken.

15 november

Ik voel een zekere wrok tegenover de mensen die vertrokken zijn. Die voel ik al lang, maar ik erken het nu pas. Alsof ze mij in de steek gelaten hebben. Zelf zijn ze weg, maar mij laten ze achter. Ik ben afgeschreven, vergeten. Voorvechters van mensenrechten, journalisten, activisten, schrijvers, acteurs, fotografen, regisseurs. Ik hield van hun theaterstukken, boeken, acteertalent, hun performances. Allemaal zijn ze weg, ik ben alleen achtergebleven. Er zijn best wel veel mensen die alleen staan zoals ik. Niemand die voor ons opkomt, er zijn geen demonstraties of petities, er gaat helemaal niets meer gebeuren. Achtergeblevenen als ik kunnen alleen nog op onszelf rekenen. In deze leegte kun je enkel afwachten. Dat proberen vol te houden tot de overwinning. Hier blijven en winnen. Ik wil zo graag winnen.

In de flat boven mij woont een oude man of vrouw die wat doof is. Ik weet het niet precies. In de keuken daar staat de radio luid aan. Zo’n ouderwetse met knopjes. Hij gaat ’s ochtends om zeven uur vanzelf aan en om middernacht vanzelf weer uit. Twee keer per dag hoor ik hierboven het volkslied schallen.

De buurvrouw naast mij, een alleenstaande, zenuwachtige dame met flink wat geld, slaat tegen het plafond. Haar slaapkamer grenst aan mijn keuken, zij hoort de radio ook. Luid klinkt het volkslied, een koor zingt: ‘Trots zijn wij op ons roemrijk vaderland!’ en de buurvrouw tikt als een gek. Arme vrouw, haar lawaai is groter dan dat van de radio.

26 november

De wet tegen homo-propaganda is aangenomen. Het is verboden om vanuit een positief standpunt relaties tussen mensen van hetzelfde geslacht te tonen of te beschrijven. Ik weet zeker dat de verhoogde interesse voor zulke relaties van onze wetgevers ingegeven is door hun eigen problemen. Ze hebben er overduidelijk belangstelling voor, maar schamen zich dat hun eigen persoonlijkheid niet beantwoordt aan de ‘traditionele’ norm. Ze kunnen zichzelf niet zijn en benijden en haten degenen die dat wel durven. Ze projecteren hun verknipte gevoelens op de hele maatschappij. Zo is een heel land slachtoffer van een paar vergiftigde persoonlijkheden. Allerlei gekken en boze types sluiten zich bij hen aan. Die zijn altijd heel actief. Ze zijn als onkruid dat alles verstikt, ze dulden geen enkele afwijking van de norm.

Een vriendin vertelde over haar moeder, die deze zomer aan kanker is doodgegaan. De verontrustende symptomen waren allang opgemerkt, en iedereen om haar heen drong aan op behandeling, maar zij weigerde tot het einde toe. Ze kon helemaal geen kanker hebben, zei ze. Niemand in haar familie had kanker, dus zij ook niet. De laatste maanden ging het niet meer zonder medische hulp, maar genezing was niet meer mogelijk. Zouden wij het later zelf door hebben dat we medische behandeling nodig hebben? En wel of niet op tijd?

Je hoort vaak zeggen dat de geschiedenis herschreven wordt. Verschillende groepen interpreteren de geschiedenis in hun eigen voordeel en herschrijven continu de lesboeken. Daarbij geven ze niet alleen een andere interpretatie van het verleden, maar verdraaien ze ook de historische feiten. Ik begrijp nu dat ik schrijver ben geworden om mijn eigen verleden te herschrijven en verbeteren. Als je schrijft, dan kun je omgaan met je herinneringen zoals je goeddunkt. De ene herinnering scherm je af, de andere laat je wat meer uitkomen. Het ene vergoelijk je, het andere verberg je. Als ik mijn eigen geschiedenis herschrijf, wat kan ik dan van de staat verwachten?

Mijn supermarkt verkoopt de olijfolie niet langer in glazen flessen maar in plastic flessen van een kleiner formaat tegen een hogere prijs.

28 november

Poetin had een ontmoeting met moeders van omgekomen soldaten. Het was niet helemaal duidelijk of het wel echt de moeders waren of niet helemaal. Ik bekeek een fragment waarin een vrouw uit de Donbas de laatste woorden van haar omgekomen zoon citeert: ‘Laten we de Oekers afslachten!’ Een vrouw uit Tsjetsjenië zei dat ze ook haar tweede zoon naar de oorlog zou sturen en dat Poetin de allerbeste president is. Ze raakte wat in de war en schaamde zich zichtbaar omdat in Tsjetsjenië Kadyrov zit en die is natuurlijk ook de allerbeste president. Poetin zei dat ieder jaar vele mensen zinloos doodgaan aan de wodka, maar dat de dood van de soldaten zinvol was. Hij voegde eraan toe dat het ‘in het Westen’ helemaal verkeerd gaat. Papa’s en mama’s zijn daar ouder nummer één en ouder nummer twee, de mensen daar kunnen al die geslachten niet meer uit elkaar houden en transformators zijn er de baas. Hij bedoelde waarschijnlijk transgenders.

1 december

In de metro stond een vrouwelijk gebarende lange jongen in een felrode lange jas met geblondeerd haar en oorringetjes. Goed zo, jongen, dacht ik, laat je niet kisten, spuug gewoon op al die wetten.

Alexander Snegirjov (1980) is een Russische schrijver van romans en korte verhalen, en schilder. Veel van zijn boeken zijn vertaald. Voor zijn roman Vera kreeg hij in 2009 de Russische equivalent van de Libris Literatuur Prijs. Hij woont en werkt in Moskou. In de zomer publiceerde De Groene een eerder deel van zijn dagboek. Vertaald door Seijo Epema.