Ik ben een darwinist

Diederik Samsom wond zich bij De wereld draait door enorm op over werknemers die in dienst zijn van de overheid en vervolgens meer verdienen dan de Balkenende-norm.
Hij vond het eigenlijk niet ethisch dat mensen zoveel in hun beursje hadden.
Ik heb hier al eens betoogd dat ik juist vind dat premiers, ministers, staatssecretarissen, burgemeesters en wethouders juist meer moeten verdienen dan ze nu ontvangen. Je zou niet alleen makkelijker mensen uit het bedrijfsleven in overheidsdiensten kunnen lokken, maar door de onderlinge concurrentie zouden ook de besten naar boven komen drijven.
Men zou beter op elkaar letten.
Ik ben een darwinist.
Diederik Samsom is een idealist. Een gelovige. Geen darwinist. Zijn redenering is ook: ‘Wanneer iemand met passie zijn beroep als minister uitoefent, dan hoeft hij ook niet meer te verdienen dan die Balkenende-norm.’
Eigenlijk zegt Samsom dat het uitvoeren van zijn plannen, dus door het tot leven brengen van zijn idealisme, al een groot deel van het daadwerkelijke salaris zou moeten zijn. Ik heb bijvoorbeeld de vurige wens dat iedereen gratis brood krijgt, en als ik dan minister ben, dan is een deel van mijn betaling dat ik mag werken aan een wet die dat tot stand brengt.
Dat klinkt mooi – maar stel dat je iemand hebt, zoals ik, die gespeend is van elke vorm van idealisme. Dan zegt Samsom: ‘Dat kan nooit een goede minister zijn.’ Dat betwijfel ik ten zeerste. Ik ben, veronderstel, zo intelligent dat ik de problemen in de gezondheidszorg tamelijk snel kan oplossen, omdat zoiets eerder een mathematische begaafdheid eist dan een idealistische – maar ik wil die problemen alleen oplossen als ik daar veel geld voor krijg. Heel veel geld. Zoveel geld bijvoorbeeld dat dat tegelijk slechts een fractie is van wat ik bespaar. Wat is daar onrechtvaardig of niet ethisch aan? Ik bespaar een miljard, ik krijg vijf ton.
Idealisme maakt meer kapot dan heel – vooral als het over ethische zaken gaat. ‘Gratis schoolboeken voor iedereen!’ Een heel slecht idee, want het onderwijs wordt er niet beter door. Alleen de prijzen van de boeken stijgen, want de overheid betaalt ze wel. ‘Geen gloeilampen meer, maar ledlampen!’ Blijkt dat die ledlampen niet alleen lelijk zijn en lelijk licht geven, maar in feite ook niet zo heel veel besparen. ‘Geen bonussen meer voor bankdirecteuren.’ Het gevolg is dat de banken minder snel krediet geven, want ze houden nu angstvallig de hand op de knip. Slecht voor de economie, slecht voor de werkgelegenheid. ‘Hypotheekrenteaftrek is een schande.’ Reken maar eens door wat er zou gebeuren als je dat nu zou invoeren. Paniek op de huizenmarkt, forse prijsdalingen, hypotheken die niet meer afgelost kunnen worden omdat de prijs te laag wordt, banken die daardoor niet kunnen financieren, et cetera et cetera et cetera. Ik zeg niet dat je die hypotheekrenteaftrek altijd moet houden – je moet er alleen niet nu vanaf.
Door de bio-mengsels is er een voedseltekort ontstaan, want de prijs van graan daalt door de grote afname voor de bio-olie. Tenminste – dit lees ik.
Ikzelf vermoed dat hoe hoger het niveau van onderwijs is in een land, hoe minder idealisme er is. Domweg omdat je het idealisme dan niet meer nodig hebt. Je kunt het zelf. Ik ben er dus voor dat het niveau van onderwijs gigantisch stijgt.
Voorlopig blijft het zo dat iemand die een idealist is – zelfs al is hij een fanatieke christen of een fanatieke islamiet – hoger scoort op de ethische ladder dan iemand die dat niet is.
Ik vind dat eng. Godsdiensten met een god zijn net zo erg als godsdiensten zonder god. Die passies die daaruit voortvloeien zijn niet meer of minder moreel dan iemand die geen idealisme heeft. De ironicus en de cynicus zijn vaak nuttiger gebleken dan de begeesterden.
Wie geen idealisme heeft, heeft ook altijd gelijk gehad – zij het meestal veel en veel te laat.