Gelauwerde website nobodyhere.com

Ik ben er niet

Jogchem Niemandsverdriet won een Webby voor zijn website nobodyhere.com.

«Mijn naam is Jogchem Niemandsverdriet en het spijt me van alles wat gaat komen», staat er te lezen op de openingspagina van nobody here.com. Wie de site van Jogchem Niemandsverdriet bezoekt, ontmoet een stroeve persoonlijkheid met de drang om zijn ziel bloot te leggen.

Afgelopen juni won Niemandsverdriet met deze site in de categorie «beste persoonlijke website» een Webby, een internationale prijs die sinds 1998 jaarlijks wordt uitgereikt door The International Academy of Digital Arts & Sciences, met boegbeelden als David Bowie, Björk en Francis Ford Coppola. De Webby is in korte tijd uitgegroeid tot een prestigieuze prijs, en dit jaar werd de uitreiking voor het eerst on line gedaan, met deelnemers uit ruim negentig landen die meedongen naar prijzen in dertig categorieën die variëren van «activism» en «commerce» tot «weird».

Niemandsverdriet zit op het puntje van zijn stoel. Uit zijn beeldscherm vloeit een reeks woorden, zoals hand, dromen, klok, behang, wortels. Wanneer je een van de woorden met de cursor raakt, schiet het hele rijtje omhoog en begint de jongeman als een bezetene te tikken op zijn toetsenbord. Soms leunt hij even naar voren, of gaat hij op zijn stoel staan. Terwijl de woorden voorbij stromen, verschijnt het ene tekeningetje na het andere boven zijn hoofd dat refereert aan het woord dat op dat moment voorbij komt, zoals een pleister, twee oren, een boek, een veer, een gebroken hart. Als bezoeker van nobodyhere krijg je niet alleen te maken met de overwegingen van Niemandsverdriet, maar word je gedwongen die mee te maken in de door hem geboden structuur van associaties en gedachtesprongen.

Het voorbij razende woord ikea biedt toegang tot een verhaal over het gedreun dat Niemandsverdriet ’s nachts uit zijn slaap houdt. Hij hoort het ritmisch bonken van het stel dat naast hem is ingetrokken en denkt: «Echte klussers zijn het niet. Vooral zij verliest snel haar geduld. Maar vannacht hebben ze toch weer een flinke klerenkast in elkaar gekregen. Het moet zo onderhand wel vol raken.» Naast dit suggestieve verhaal een schroef en een moer, die onvermoeibaar in en uit elkaar schuiven. Vervolgens kan de lezer via een aantal klikbare woorden en foto’s afdalen in het verhaal, waar Niemandsverdriet uitlegt dat hij het intiem vindt om stiekem plaats te nemen in de warmte achtergelaten door het mooie meisje dat net nog tegenover hem zat. Maar ook de harten van suiker die over de pagina zijn gestrooid leiden tot nieuwe overwegingen.

Ondertussen blijft het idee je achtervolgen dat als je een ander woord had gekozen, je misschien wel in een nog beter verhaal was beland. Dit maakt het wezenlijk anders dan het lezen van een boek, of het kijken naar een film, omdat je als lezer en toeschouwer mede verantwoordelijk bent voor het verloop van het verhaal.

In functionele zin is de tekst even belangrijk als het foto- en animatiemateriaal, maar inhoudelijk zijn het vooral de verhalen van Niemandsverdriet die ontroeren. Hij wil wel, maar kan zich niet helemaal geven. De naam van zijn site geeft het al aan. Hij wil er niet zijn, maar heeft toch de aandrang gevoeld een structuur te ontwerpen die een zo compleet mogelijk portret moet opleveren. Het is als inspreken op je voice mail: ik ben er niet. Het tilt alle verhalen, die zich in en om het huis van Niemandsverdriet afspelen, op een hoger plan. De schrijver en kunstenaar lijkt met dit monsterplan zichzelf te willen openbaren, opdat hij zich volledig uit de wereld kan terugtrekken.

Zijn binnenwereld is complex in structuur, hoe overzichtelijk hij ook moet overkomen. Het is een overheersend brave wereld. Niemandsverdriet verlangt wel naar een vrouw, maar nooit uitdrukkelijk naar seks. Hij wil wel naar buiten, maar liever niet te lang. Toch zou juist deze site, die de krochten van de ziel mogelijk inzichtelijk maakt, wel wat duisters mogen bezitten. Nu is de getoonde binnenwereld vooral een representatieve.

Niemandsverdriet is niet alleen met zichzelf bezig. Op bijna elke pagina staat een rijtje insecten in een hoek. Ze geven commentaar op wat er op de pagina gebeurt. De uitspraken zijn direct afkomstig uit de insectenchatroom die iedereen, vermomd als insect, kan betreden. Je kunt kiezen uit de meest uiteenlopende verschijningsvormen, zoals die van de groene eikenbladroller of de bastaardhoornrupsvlinder. Het is een drukbezochte ruimte, en de insecten houden niet alleen elkaar maar ook hun schepper goed in de gaten. Wie de behoefte voelt met bijvoorbeeld een spinnende watertor in contact te treden, kan dat hier doen.

De maker staat blijkbaar open voor commentaar. Maar steeds wanneer je denkt iets te kunnen formuleren over de mijmeringen van Niemandsverdriet, duikt er een tegenwerping op. Via een krulvormige staart, die steeds de functie van een gedachtesprong heeft, verschijnen de krachtige regels op het scherm: «Ik beschrijf mezelf en herlees een ander.» Jogchem Niemandsverdriet laat zich niet kennen.

Zie www.nobodyhere.com