Vrouwenbesnijdenis in christelijk en islamitisch Ethiopië

Ik ben niet besneden, leer van mij!

Vrouwenbesnijdenis is diep verankerd in de Ethiopische cultuur, zowel onder christenen als onder moslims. Veranderingen gaan langzaam. ‘Er zit iets in de clitoris dat een probleem is.’

IN DE STREEK Wolaita vertelt een vriend me beschaamd dat het hem een half jaar na zijn huwelijk nog steeds niet gelukt is geslachtsgemeenschap met zijn vrouw te hebben. In de regio Oromia kom ik bij een familie thuis waar twee meisjes, zeven en acht jaar oud, vastgebonden zitten op een stoel, de beentjes strak samengebonden. Uit vrees voor spot als ze zouden huilen, hebben ze de vrouwenbesnijdenis dapper doorstaan. Hun moeder is een groot feest aan het bereiden. Bij de Afar kom ik bij een hut waar een pasgeboren baby net besneden is en boven een smeulend vuur wordt gehouden om de wond uit te roken.
Op mijn reis door Ethiopië wordt vrouwenbesnijdenis concreter dan ik had verwacht. De rust en de harmonie van het landschap lijken te botsen met de gruwelijkheid van de besnijdenis. Ik ga op onderzoek uit naar de traditie van de vrouwenbesnijdenis en wat degenen die ertegen rebelleren bereiken.
In Addis Abeba ontmoet ik een woordvoerder van een organisatie die vrouwenbesnijdenis onder de Oromo (de grootste etnische groep in Ethiopië, half moslim, half orthodox) bespreekbaar maakt. Gezien het repressieve overheidsbeleid is het een gevoelig onderwerp. De nieuwe ngo-wet bepaalt dat organisaties die grotendeels door het buitenland worden gefinancierd (dat betekent: vrijwel alle ngo’s) zich niet met mensen- of vrouwenrechten mogen inlaten. Vandaar dat vrouwenbesnijdenis wordt verpakt in medische termen of ingebed wordt in een activiteit als alfabetisering.
Al tien jaar organiseren niet-gouvernementele organisaties (ngo’s) en de overheid bijeenkomsten om de bevolking bewust te maken van de gevolgen van vrouwenbesnijdenis en andere schadelijke tradities, zoals ‘huwelijk door ontvoering’. Uit een onlangs verschenen nationaal onderzoek naar deze praktijken bleek dat er in tien jaar weinig is veranderd. Nog steeds wordt zo'n 75 tot 85 procent van de meisjes besneden. Mensen zijn voorlichtingsmoe. En ngo’s leren niet van elkaars ervaringen.
Sinds vier jaar is vrouwenbesnijdenis in Ethiopië wettelijk verboden. Er staat een straf op van drie tot zes maanden gevangenis en een kleine geldboete.
'Het schrikt af dat vrouwenbesnijdenis gecriminaliseerd wordt’, zegt de woordvoerder. 'Bovendien hebben de orthodoxe kerk en de moslimleiders verklaard dat het geen deel van hun cultuur is. Wij pleiten ervoor om deze standpunten op te nemen in de traditionele wetten - de bewakers van de cultuur. Totale uitbanning hangt af van de volledige instemming van een gemeenschap en van de houding van de kerk, de moslimleiders en de traditionele leiders. Het is bemoedigend dat er nu vanuit wettelijk en religieus oogpunt zero tolerance is. Maar de traditie is daarmee nog niet zomaar verdwenen. In moslimgebieden zoals Afar, Harer en Somali is nauwelijks iets veranderd, in sommige andere streken is er enige verbetering. Het is belangrijk vooral niet de vlag te hijsen, maar het stil te houden.’

IK GA NAAR DE BERGEN waar de relatief kleine etnische groep Kembatta woont. Als hier een meisje wordt geboren, zegt men: 'Er is niemand geboren.’ Als het een jongen is: 'Er is een mens geboren!’ Acht jaar geleden werd hier honderd procent van de meisjes besneden, nu is dat sterk afgenomen. De gewoonte was dat tieners vlak voor het huwelijk in de septembervakantie werden besneden. Na een maand was er groot feest: de meisjes werden in nieuwe kleren gestoken, hun vingernagels werden uitgetrokken om te voorkomen dat ze hun aanstaande bij de pijnlijke ontmaagding zouden krabben, waarna ze in een groep naar de markt liepen waar jongens hen het hof maakten.
Boge, directeur van de ngo Kembatta Women’s Self Help Center (KMG), is de drijvende kracht achter de uitbanning van vrouwenbesnijdenis. Zij is in Kembatta opgegroeid, is zelf besneden, en ging - tegen iedere traditie in - studeren. Ze eindigde in de VS. 'Toen een Amerikaanse vriendin het onderwerp vrouwenbesnijdenis aanroerde, werd ik heel boos. Hoe durfde ze onze cultuur in twijfel te trekken! We zijn trots op onze levenswijze. Maar toen ik over het onderwerp ging lezen, werd ik woedend dat ik beroofd was van mijn vrouwelijkheid.’
Ze herinnert zich haar eigen besnijdenis maar al te goed. 'Vrouwenbesnijdenis klinkt veel te vriendelijk. Het betekent: female genital mutilation (FGM). De clitoris, de buitenste en binnenste schaamlippen worden weggesneden, het wordt helemaal vlak gemaakt. De derde dag checken tantes met een veer of het glad genoeg is. Als de veer maar even hapert, moet het opnieuw besneden. De littekens zijn zo hard.’
Na haar opleiding en ervaringen buiten Ethiopië wilde ze terug naar Kembatta om iets aan de kwalijke traditie te doen. Zowel haar remigratie als het aankaarten van vrouwenbesnijdenis was zeer moeilijk. 'In Ethiopië is het taboe om over lichaamsdelen te praten. Het laatste is wel om in het openbaar over vrouwenbesnijdenis te praten. Removing the dirt, wordt het hier genoemd. Maar in 1998 sprak ik in de kerk over vrouwenbesnijdenis tegenover de ouderen. Voor het eerst keek ik hen recht aan in plaats van naar hun voeten, zoals de traditie voorschrijft. Buiten liet ik een film over vrouwenbesnijdenis zien - een beeldscherm, aangedreven door een generator, stond in de achterbak van een pick-uptruck. Sommigen onder het toegestroomde publiek verborgen hun ogen achter een sjaal, op alle gezichten was walging te zien.’
Het vertonen van de film betekende een ommekeer. Er kwamen vragen als: 'Kunnen we niet onze dochters naar de kliniek brengen en alleen de clitoris laten wegsnijden?’ Waarop Boge haar protestantse en katholieke gehoor antwoordde: 'Wat zegt u dan als christen tegen God? U hebt mannen en vrouwen geschapen, maar een vergissing gemaakt toen u een vrouw schiep en dat zullen wij corrigeren? De bijbel zegt dat niemand Gods werk kan corrigeren.’ Een ander vroeg: 'Wie zal mijn dochters nog trouwen?’
Dat antwoord kwam wonderwel: een jongeman, die het lijden van zijn moeder bij de geboortes van zijn broertjes en zusjes nog vers in het gehoor had, haalde zijn vriendin over zich niet te laten besnijden. Met hulp van Boge maakten zij van hun bruiloft een openbare anti- FGM-bijeenkomst. Zij droeg een bord om haar hals met de tekst 'Ik ben niet besneden, leer van mij!’ en haar echtgenoot een bord met 'Ik ben blij te trouwen met een niet-besneden vrouw.’ Familie en vrienden keerden zich tegen hen en het paar liet de cadeaus die bij een traditionele bruiloft horen aan hun neus voorbij gaan. Maar er kwamen wel honderden sympathisanten.
KMG zette deze dappere mensen in als trainer en selecteerde meer sleutelpersonen uit de gemeenschap om te trainen. Er kwamen openbare discussies op markten en in scholen. De vrouwen wezen Boge op het gebrek aan gezondheidsposten, drinkwater en scholing. 'Daarom zijn we FGM gaan inbedden in een integraal programma.’ In het openbaar vertelden slachtoffers over soms zes dagen durende bevallingen, fistels en doodgeboren kinderen. Ineens bleek iedere familie verscheidene slachtoffers te hebben. Tot dan toe had iedereen vrouwenbesnijdenis als een culturele, religieuze vereiste geaccepteerd en niet in verband gebracht met gezondheidsproblemen. Er volgde een grote groep eerste meisjes die zich niet liet besnijden. Boge hing hen een medaillon om met de tekst 'I’m a whole woman.’ Het was in september, het seizoen van de besnijdenis en de viering ervan. 'We hebben het oude feest vervangen door de viering van Whole body and healthy life’, vertelt Boge. Er kwamen meer dan honderdduizend mensen van heinde en ver op het feest af. Boge zorgde voor internationale aandacht. Borden met de tekst we can do it together staan langs de wegen.

ER ZIJN WEL enkele kanttekeningen. Verkrachting neemt toe. 'Voor mannen kan het een uitdaging zijn om onbesneden meisjes die voor zichzelf hebben weten op te komen een lesje te leren’, zegt Boge.
En ook al worden veel minder meisjes besneden, de praktijk is niet verdwenen. Kembatta is een relatief klein gebied. Er zijn ouders die hun dochters naar andere gebieden brengen om ze te laten besnijden: in het overgrote deel van Ethiopië blijft de situatie ongewijzigd. 'We breiden onze activiteiten uit naar het noorden en naar het zuiden’, aldus Boge. Daar zal het lastiger worden, want waar baby’s worden besneden is KMG aangewezen op het overtuigen van de ouders en grootouders en heeft het niet de hulp van de tieners, zoals in Kembatta, die op hun beurt hun ouders beïnvloeden.
Niet alleen vrouwenbesnijdenis, ook andere schadelijke praktijken worden tijdens de discussies besproken. Zoals 'huwelijk door ontvoering’: een jongen trommelt vrienden op om 'zijn’ meisje te ontvoeren op een onbewaakt ogenblik als ze hout aan het sprokkelen is of water aan het halen. Die vrienden leveren haar af bij de jongen, die haar meteen verkracht. Zo verzekert hij dat haar maagdelijkheid vernield is en dat niemand, inclusief haar ouders, haar meer wil. Er zijn verschillende redenen voor een ontvoering: weigering van een huwelijk door het meisje of haar familie; het uitsparen van bruiloftskosten; het uitschakelen van een rivaal; het bekorten van het lange wachtproces op een huwelijk.
Officieel is ontvoering verboden. Toch weigeren ontvoerde meisjes meestal om er een zaak van te maken, want wie wil haar nog? Door bemiddeling is het KMG gelukt een zestienjarige terug te brengen naar haar familie en haar ontvoerder voor het gerecht te dagen. Die zit nu in de gevangenis. 'Dit voorbeeld motiveert de kerk, de gemeenschap en families om meer ontvoerde kinderen terug te nemen’, zegt Boge.
KMG werkt niet samen met andere ngo’s die vrouwenbesnijdenis bestrijden. 'Droevig maar waar: we vechten om fondsen, we zijn elkaars concurrenten.’

IN HET BERGDORP Shinschicho praat ik met een paar niet-besneden meisjes. We zitten onder een grote ficusboom. Om ons heen de geluiden van hout hakken, zagen, karren die voorbij ratelen, paarden die hinniken, kinderen die zingen. Een relatief welvarende streek.
Berhanu (20) vertelt: 'Toen ik klein was, maakte het onderwerp me verlegen, je wacht erop tot het gebeurt. Wij hebben geleerd dat niet-besneden vrouwen helemaal gek worden, dat zelfs hun man hen niet onder controle kan houden en dat ze te veel gaan praten. Goede vrouwen zijn onderdanig, seksueel niet-actief, gaan niet uit, zijn gedisciplineerd. Tijdens de voorlichting van KMG hoorden we over de gezondheidsproblemen veroorzaakt door besnijdenis. Mijn toekomstige man wilde mij alleen trouwen als ik niet besneden zou worden. Mijn ouders hebben geprobeerd mij tot besnijdenis te dwingen. Toen ik weigerde, hebben zij jarenlang geen contact met ons gehad. Pas na de geboorte van mijn tweede dochter is dat veranderd. Nadat ze hadden gehoord hoe makkelijk de bevalling ging, waren ze stomverbaasd. Mijn jongste zusjes hebben ze niet meer laten besnijden. Ook hebben ze de buren ervan overtuigd het niet te doen. Mijn schoonzuster zag onze relatie en wilde ook niet meer besneden worden. Mensen zien me nu als een rolmodel. Vriendinnen komen naar me toe voor advies. We weten nu dat al die praatjes over onbesneden vrouwen een leugen zijn. In de hele omgeving is mijn man de eerste man die gelukkig is.’ In het algemeen zijn juist de vrouwen voorstanders van besnijdenis. Mannen zijn het vrij snel met de afschaffing ervan eens als ze horen dat het beter is voor de gezondheid van hun vrouw. Tigist (18) heeft nog geen vriend en is niet besneden: 'Jongens vragen nu: ben je een “gave” vrouw? Ook mannen lijden eronder als hun vrouw sterft of ziek is. Hij moet haar door de bergen naar een kliniek dragen, het kost hem geld haar te laten behandelen.’ Ze vertelt dat het sommige stellen niet lukt gemeenschap te hebben. Ze blijven kinderloos of de man stuurt zijn vrouw als onbruikbaar terug naar haar familie. Workenesh (24) zit stilletjes naast haar. Ze is besneden en heeft geen vriend. 'Jongens willen nu een ongeschonden vrouw.’
In haar hut zoek ik een ex-vrouwenbesnijdster en vroedvrouw op. Haar erf is omzoomd door hoge cactussen, het licht is gefilterd, vogels zingen. Op de muur van haar hut is een bijbeltekst geschreven, ze is katholiek. 'In het besnijdenisseizoen deed ik acht meisjes per dag. Een sterke man hield het meisje in een houdgreep zodat ze geen enkele beweging kon maken. Haar ogen werden bedekt. Maar niet de mond: wie huilt wordt uitgejouwd. Met kerosine, boter en as stopte ik het bloeden. Ik verdiende er goed mee: cash, boter en lekkers. Het is onze cultuur, ik kon er mijn kinderen mee onderhouden. Ik heb nooit het probleem gezien. Maar na de voorlichting van KMG ben ik gestopt. Ik mis mijn inkomen, tijdens het Meskelfeest kan ik geen cadeautjes meer kopen. KMG heeft ter compensatie een koe gegeven. Mensen blijven naar me toe komen om hun dochters te laten besnijden. Als ik weiger, schreeuwen ze dat ik het toch moet doen. Ik antwoord dat ik tegenover God heb beloofd te stoppen. Dat ik het beu ben om te zien wat besnijdenis met vrouwenlichamen heeft gedaan. Om een baby als in een plastic zak dicht te binden en te laten sterven in de buik van de moeder omdat het er niet uit kan. Ik waarschuw dat ik ze aangeef bij de politie als ze me het nog een keer vragen.’

IK REIS DOOR naar het noorden, naar de Afar, waar de half-nomaden - moslims - infibulatie doen: alles wordt weggesneden waarna de vagina op een zeer kleine opening na wordt dichtgenaaid. Dat gebeurt opnieuw na een bevalling of als een man lang van huis is: de tweede maagdelijkheid. Drie à vier van de tien moeders sterven, met hun ongeboren kind, tijdens de bevalling. Niemand schijnt het verband te leggen met de infibulatie. Veel meisjes bloeden dood of krijgen later fistels en andere complicaties. Het uitbannen van de traditie wordt bemoeilijkt door hun nomadische leven, het analfabetisme en het vroege tijdstip van de besnijdenis, meteen na de geboorte.
Valerie Brown, van oorsprong Australische, leeft al 22 jaar met de Afar en runt de ngo APDA in Logyia. Net als Boge heeft Valerie het onderwerp FGM sinds 2004 ingebed in onderwijs, inkomen genererende activiteiten en gezondheid. Maar van samenwerking of uitwisseling van ideeën is geen sprake. Ze zien elkaar louter als concurrent. Browns adagium is: verandering moet vanuit de Afar zelf komen en vooral niet van buitenstaanders. Van uitbanning is geen sprake: stapje voor stapje zal er heel langzaam iets gaan veranderen. De clanleiders hebben jongeren uitgezocht om getraind te worden als onderwijzer of mobiele gezondheidswerker. Terwijl deze mobiele krachten les geven onder een boom of gezinnen in hun hut opzoeken, spreken ze óók over vrouwenbesnijdenis, cultuur en religie.
Met een van hen bezoek ik Bar Ulli, een traditionele vrouwenbesnijdster en vroedvrouw die half is gestopt. Met een scheermes besnijdt ze pasgeboren meisjes, naait de wond met gras dicht, en bindt de beentjes eveneens met gras vast tot de wond genezen is. 'Mijn werk wordt zeer gewaardeerd, ik ben de beste. Door alle discussies ben ik min of meer gestopt, ik begrijp de kwalijke effecten. Vier van mijn zes kinderen zijn dood geboren. Maar ik loop nu per meisje toch zo'n dertig tot honderd birr (anderhalf tot vijf euro - ka) en cadeaus mis, zoals het lekkerste deel van een geit. Het is niet makkelijk om mijn inkomen te vervangen door een alternatief. Sommige mensen eisen dat ik hun kind toch besnijd. Als het verwanten zijn, vind ik het te moeilijk om te weigeren. De clitoris snijd ik hoe dan ook nog weg, want dat maakt niet uit.’

WE RIJDEN DOOR naar Adallili, een van de dorpen waar volgens APDA steeds minder meisjes worden besneden. Gezondheidswerker Fatma geeft voorlichting over mobiel onderwijs, gezondheid en FGM. 'De meeste bewoners zijn gestopt met besnijdenis: we doen alleen nog sunna - het wegsnijden van het bovenste deel. Het extra.’ Ik vraag waarom ze dat deel nog wegsnijden. 'Er zit iets in de clitoris dat een probleem is, als je het aanraakt, zwelt het, er zit een vieze vloeistof in die eruit spuit. We weten niet goed hoe het eruit ziet, we hebben het nog nooit gezien, we hebben het gehoord van de highlanders (die een beperktere vorm van besnijdenis toepassen - ka). Veel Afar hebben voor het plezier een highlander-vrouw erbij.’
We bezoeken Mohammed Aura, islamitisch leider, die uitvoerig met APDA-trainers heeft gediscussieerd over de problemen van FGM. We liggen op matten, drinken koffie en kauwen chat. 'De discussie over vrouwenbesnijdenis is heel belangrijk’, zegt hij, 'omdat we zien hoezeer de vrouwen lijden aan fistels en complicaties tijdens bevallingen. Probleem is dat de mensen menen te weten wat er in de koran staat, maar de tekst niet begrijpen. Daarom vertel ik dat Ibrahim tien dingen zegt die men in acht moet nemen, zoals het knippen van baard en nagels, maar dat er niets in de koran staat over vrouwenbesnijdenis. Als religieus leider vinden we het een plicht de clitoris weg te snijden - dat geeft tenslotte geen gezondheidsproblemen. Maar men mag niet langer alles tot achteraan weg snijden. De mannen zijn echter niet verantwoordelijk om de praktijk te stoppen. Dat zijn de vrouwen en die zijn zeer conservatief. Zelfs als een man duidelijk zegt: besnijd onze dochter niet, doet de moeder het toch, ook omdat de grootmoeders en andere vrouwen haar sterk onder druk zetten. Toch is er wel iets veranderd vergeleken met tien jaar terug. Het is bespreekbaar geworden. Al is het afwachten hoe de eerste niet-besneden meisjes zich zullen gedragen.’
Ik vraag hem hoe de mannen het ervaren dat hun vrouwen besneden zijn. 'Zeker als een penis niet spijkerhard is of blijft, is penetratie bijna onmogelijk. Een vrouw voelt uitsluitend pijn. Als ik mijn vrouw benader, duikt ze al weg. Ze is altijd bang voor me en huilt bij geslachtsgemeenschap. Dan is er nog het probleem van fistels en de pijn tijdens de menstruatie. Bij iedere bevalling vrees ik dat ze zal sterven. Ik heb tegen mijn vrouwen gezegd: het is jullie pijn, jullie probleem. De koran is geen reden om te besnijden. Geef het op. Laat niet je kind hetzelfde ondergaan als jij.’
Dorpsoudste Ahmed komt naast de religieuze leider zitten en is zo mogelijk nog duidelijker: 'We zwijgen er niet langer over, we praten met de vrouwen. Hun reacties zijn verdeeld: degenen die het niet willen opgeven en degenen die er wel van af willen. De laatste bijeenkomst hebben we gesteld dat wie besnijdt een boete moet betalen van twaalf koeien. Als de dader niet betaalt, halen we de overheid erbij. Aanleiding was de sterfte van twee kleuters vlak achter elkaar. De urine kon niet weg, ze hadden een immense buik, ze kregen een fistel en zijn gestorven. De enige oplossing is: onderwijs.’
Beiden geven toe dat mensen het nog steeds in het geheim - in de woestijn waar de meeste Afar leven - doen. 'Maar hier in het dorp niet. Alleen sunna.’ Ik vraag hem wat hij weet van de clitoris, dat 'extra ding’ zoals de vrouwen het noemen. Ze lachen. 'We geloven hun verhalen niet. We denken dat ze ons bang proberen te maken. Het is propaganda voor vrouwenbesnijdenis. We worden zo een achterlijk land.’

Dit artikel is tot stand gekomen met subsidie van NCDO