Opheffer

Ik ben tegen moskeeën en kerken

Geert Wilders heeft wat over zich heen gekregen, naar aanleiding van zijn opmerkingen dat er in Nederland ‘een tsunami aan islamisering’ dreigt en dat hij genoeg heeft van al die moskeeën die er worden gebouwd. Hij wilde daarvoor een bouwstop, geloof ik.

Pechtold – de laatste miskleun van D66 – ging het verst in zijn kritiek: ‘De vergelijking van een natuurramp met mensen die hier naartoe komen om een leven op te bouwen vind ik misselijkmakend.’

Is het nu zo erg wat Wilders heeft gezegd? Islamisering neemt in hoog tempo toe. Ook de radicale islam wint aan terrein. Wellicht is het overdreven om te spreken over een tsunami, maar als je, zoals ik, tegen elke vorm van religie bent, dan vind ik de vergelijking met een natuurramp niet zo vreemd. Waarmee moet je het dan vergelijken? Met een kunstmatige ramp, zoals de holocaust? Dat zou veel erger en dommer zijn geweest.

Door te zeggen dat het hier een natuurramp betreft, geeft Wilders tegelijkertijd aan dat hij de verantwoordelijkheid niet bij een bepaalde partij legt, maar bij de natuur zelf. Pechtold zegt dat het mensen zijn die hier naartoe komen om een leven op te bouwen. Dat zal Wilders met hem eens zijn. Waar het hem om te doen is – en waar Pechtold niet op ingaat – is dat een deel van deze islamieten hun leven wil opbouwen door ons leven af te breken.

Dat Wilders een bouwstop wil op moskeeën lijkt mij onmogelijk, maar persoonlijk vind ik ook dat er veel te veel kerken en moskeeën zijn. Bijna alle kerken en moskeeën zijn buitengewoon lelijk – op die paar na die ik van grote schoonheid vind. En wat er binnen die kerken en moskeeën wordt verkondigd, vind ik, op de bijbellezing na, tamelijk stompzinnig en kinderachtig, en af en toe zelfs gevaarlijk.

Is het nou ‘haatzaaiend’ om dit te vinden? Is het ‘smakeloos’ om er bij mensen op aan te dringen van hun geloof af te zien? Ik vind het veel onsmakelijker dat het onmogelijk is voor een islamiet om van zijn geloof te vallen – hij wordt dan uitgestoten, hij is vogelvrij.

Ik sta een humanistische kijk op het leven voor – en ik wil daar ook van getuigen. Dat kan alleen als ik me verzet tegen alles wat verder gelooft: christenen en islamieten.

Ik zal niet op Wilders stemmen noch op Pastors – ik weet niet op wie of wat ik ga stemmen; het zal net links of rechts van het midden zijn – maar ik heb tot op heden van rechts nog niets daadwerkelijk onsmakelijks gehoord. Daarbij vind ik iets onsmakelijks zeggen minder erg dan iets onsmakelijks doen. Korten op de zorg, bijvoorbeeld, vind ik onsmakelijker dan de uitspraak: er komt een tsunami aan islamisering aan. Te weinig geld uitgeven aan het onderwijs in het algemeen en het hoger en universitair onderwijs in het bijzonder vind ik veel kortzichtiger dan de uitspraak dat er een bouwstop op moskeeën moet komen.

Het is al vaak vastgesteld: het is onbegrijpelijk dat je in de verkiezingsprogramma’s van de grote partijen zo weinig leest over de integratie en het integratiedebat. Men doet alsof deze na de moord op Pim Fortuyn en Theo van Gogh al voltooid zijn. Men sluit zijn ogen voor de veenbrand die nog steeds woedt. Loop maar eens door de buurten waar veel islamieten wonen. Er is wel enige verbetering zichtbaar, maar tegelijkertijd zie je ook dat het fanatisme toeneemt.

Wij, autochtonen (maar wat zijn autochtonen precies?) voeren een intellectueel debat waarin in feite elk standpunt al is ingenomen, maar dat niet aanslaat bij degene bij wie het moet aanslaan. We moeten aardig zijn voor elkaar – standpunt is al ingenomen; we moeten de islamisering tegengaan – standpunt is ook al ingenomen; we moeten kritisch blijven, respect hebben, moslims bestrijden, moslims in huis uitnodigen – standpunten als sleutelhangers, alleen de sleutels passen nergens op, juist omdat het een intellectueel debat is.

Ian Buruma – Nederlands verslaggever in de Verenigde Staten – schrijft een boek over de situatie na de moord op Van Gogh. Ik vind dat geen goed boek, wat ik op deze plek al heb uitgelegd. Maar nu beklaagt Buruma zich over het feit dat er niet over zijn boek wordt gedebatteerd. Pardon? Twee artikelen over zijn boek in NRC Handelsblad, overal interviews, ikzelf heb erover geschreven en er een radioprogramma van een uur aan besteed. Wat moeten we méér doen?

Buruma klaagt ook dat er over futiliteiten wordt gesproken in plaats van over de werkelijke problemen. Je eigen fouten als futiliteiten bestempelen is begrijpelijk, maar we praten er zo veel over omdat hij zo veel futiliteiten in zijn boek heeft.

Er is een tsunami aan standpunten maar we doen er niets mee, en dat vormt onder meer de omvang van de ramp. Zijn we werkelijk anders gaan denken over de multiculturele samenleving na de dood van Pim en Theo? Zo ja, waar dan? Hoe dan? Wie? Is Wouter Bos anders gaan denken? Maxime Verhagen? Balkenende? Donner?

De tragiek is juist dat ze niet anders zijn gaan denken, maar nog steeds denken zoals ze denken. Mijn opinie is veranderd, absoluut. Ik meende vroeger dat politici verstandiger waren.

En verder ben ik tegen moskeeën en kerken.