Ik hou van je

Hoe zeg je dat je van iemand houdt? Je kunt het niet steeds hardop zeggen omdat we nu eenmaal niet in een soapserie leven. Wachten tot je dronken bent en het dan zeggen is ook niet goed omdat je dan dronken bent en het dus niet telt. Het beste is niks te zeggen en zo gewoon mogelijk te doen. Zeggen dat je van iemand houdt blijft een zwaktebod. De ware liefde is zwijgzaam, hardnekkig, onuitspreekbaar, ieder woord erover is er een te veel. Waarom het te zeggen? Waarom nu? Is er iets aan de hand? Ben je vreemd gegaan, schat?

Zal ik het met dit boekje zeggen? Groetjes van mij heet het, met aquarellen van Ada van Zelm (bloemetjes, paardekop, eenden met een hoed op, Beatrice Potter-achtige plaatjes maar dan wateriger) en gedichten van Maarten Rood. Ik begrijp ze niet helemaal: We kwamen elkaar niet tegen:/ Vaak hebben we teveel gezegd/ en vaak teveel gezwegen. Hoe zit dit precies? Het maakt niet uit. Soms zijn ze een beetje raar maar ik vind het niet erg, ik ben er niet goed in gedichten niet raar te vinden en ik weet dat het hier niet om de gedichten gaat maar om de sfeer van alles, het gebaar: Ik voel de glans van je haar/ hoor de hartslag van je liefde,/ kus je vertrouwd gezicht./ Mijn lief,/ je bent voor mij de mooiste brief./ De enige, die ik nog kan lezen zonder bril. Zal ik haar dit boekje cadeau doen? Ik weet zeker dat ze het ongelooflijk aanstellerig vindt, volkomen belachelijk, supertruttig - je bent toch niet krankzinnig geworden - en dat ik het niet in mijn hoofd moet halen haar met deze onzin lastig te vallen. Maar dan begrijpt ze ineens alles, het is wel een lullig boekje, zal ze zeggen, maar het is toch leuk. Hoe ben je erop gekomen juist dit aan me te geven? Ik neem me vaak voor het tegen haar te zeggen wanneer we in een groot gezelschap zijn, vrienden, kennissen en vreemden. Zij weet van niets. Ik sta op en vraag om stilte, we zijn bijna allemaal nog bij de tijd, de muziek wordt uitgezet, langzaam doven de gesprekken, ze kijken naar me en dan zeg ik volkomen ontspannen, omdat ik volkomen ontspannen bén, dat ik van haar hou. Ik hou van je. Ze kijkt naar me. Daarna leg ik met krachtige stem uit waarom dit zo is, ik beschrijf onze eerste ontmoeting, ik beschrijf haar geur, ik gebruik schitterende beelden waarbij ik uit het werk van Walt Whitman citeer zonder dat ik dit zelf weet, zonder dat ik besef dat ík het ben die deze woorden zegt. Ik heb niets voorbereid, ik vertel over haar vasthoudendheid, haar zorgeloze lach, haar alwetendheid. Ik leg alle gêne van me af, ik gebruik woorden die ik anders nooit gebruik. Mijn verlegenheid is zo groot dat ik volmaakt gelukkig ben.