Ik moet maar weg

DE kijkcijfer-stelling is niet populair bij intellectueel Nederland. Hij luidt zo: programma’s met een hoog kijkcijfer zijn goed, programma’s met een laag kijkcijfer slecht. Intellectuelen vrezen het volgende: ze denken dat wanneer de kijkcijfers de dienst gaan uitmaken, er geen mogelijkheid meer bestaat om goede programma’s te maken.

De discussie over wat goed en slecht is, laat ik nu even buiten beschouwing. Het gaat mij om die angst dat er geen goede programma’s meer zouden worden gemaakt wanneer alleen kijkcijfers tellen. Dit is onzin. Mijn stelling is: hoe hoger het totale kijkcijfer, des te meer vrijheid om goede programma’s te maken.
Met ‘het totale kijkcijfer’ bedoel ik: het gemiddelde van alle kijkcijfers die je hebt - als omroep. Een voorbeeld: Sonja bij de Vara scoort hoog, laten we zeggen (op schaal 1 tot 10, anders wordt het ingewikkeld) dat ze een 8 haalt. Nu haalt Witteman bij de Vara een 4. Dan is het totala kijkcijfer van de Vara een 6 indien de Vara slechts twee programma’s zou kennen.
Nu is mijn redenering aldus: hoe hoger het kijkcijfer bij een bepaald programma, des te meer reclamegelden er binnenkomen. Het is nu aan de omroepen om met het binnengekomen geld een beleid te voeren. Hoe hoger Sonja scoort, des te minder risico’s loop je als je andere programma’s maakt.
Slimme lezers hebben al opgemerkt dat je de omroepen in dit geval kunt vergelijken met een krant of weekblad. Bij een krant als De Groene zeg je ook niet: 'Dat stuk van Opheffer genereert geen lezers, dus dat moet maar weg.’ Nee, dat stuk van Opheffer neemt De Groene in zijn beleid als het ware op, ongeacht wat de lezers ervan vinden, omdat het naast stukken staat van Van Amerongen, Arian en Grewel die de krant dragen. Een abonnee of een lezer van De Groene neemt de krant in totaal. Het ene stuk bevalt hem beter dan het andere.
Zo zou het met de omroepen ook moeten zijn, dan zou je veel betere programma’s krijgen. Er zijn omroepen die alleen maar geld willen verdienen, zoals je ook bladen hebt die alleen maar tot doel hebben de eigenaar rijker te maken. Daar is niets op tegen. Ik wil Story en Prive niet in huis hebben, maar De Groene, Het Parool, de NRC en De Telegraaf wel.
In Hilversum is de situatie nu volkomen scheef gegroeid. Van alle omroepen die er zijn, voel ik me het meest thuis bij de VPRO van vroeger, waar alles kon en mocht. Die programma’s scoorden niet. Gevolg was: de VPRO moest voor steeds minder geld goede programma’s brengen. Dit kan niet. Daarvan was het gevolg: een dictatuur van de directie die alleen maar bezig is de zogenaamde 'kwaliteit’ te bewaken, zonder rekening te houden met de kijkers. Gevolg: geen programma’s meer waarin alles kan en mag, soms een programma van een volgens de directie goede kwaliteit, maar dat niet scoort, dus nog minder geld, minder ideeen en minder invloed - en vooral: minder vrijheid.
De Groene, om maar een voorbeeld te noemen, houdt wel rekening met zijn lezers. De redactie probeert haar hele beleid zo af te stemmen dat het de lezers behaagt; de redactie weet dat wanneer zij de krant zou volgooien met naakte wijven, strandmode en roddels over Hilversum, zij meer lezers zou trekken, maar dat wil zij niet. Dus is De Groene niet zo groot als Story of Prive. Maar stel nu eens dat De Groene een miljoen zou krijgen. Dan zou de redactie een veel betere Groene kunnen maken - volgens het inzicht van de redactie.
Bij de VPRO vindt men dit onzin. Daar denken ze dat wanneer ze dertig miljoen extra zouden krijgen, ze net zulke goede programma’s zouden maken. Dat is dus onzin. Een VRPO die volgens haar beleid, dus volgens haar normen en waarden, programma’s zou maken die veel mensen zouden trekken, zou een ideale omroep zijn. Die bestaat helaas nog niet.