Idfa: Gianfranco Rosi

‘Ik moet wachten tot alles klopt’

Scènes uit Notturno van Gianfranco Rosi. Links Ali © Foto’s IDFA

De Italiaanse regisseur Gianfranco Rosi is dit jaar de eregast van het IDFA. Zijn werk heeft de geschiedenis van de documentaire veranderd. ‘Pas als de goede lichtinval er is, kan ik filmen.’

Het was wijlen regisseur Bernardo Bertolucci die de grenzen tussen de genres in 2013 slechtte met een achteloze zwaai van zijn olympische zeis: de hoofdprijs van het prestigieuze filmfestival van Venetië ging naar een documentaire, en niet naar een speelfilm. Bertolucci was dat jaar juryvoorzitter en vond Sacro GRA van Gianfranco Rosi veruit het beste van wat er dat jaar in competitie zat. Natuurlijk, iemand had Sacro GRA voor de competitie geselecteerd, wat ook al gewaagd was. Want Rosi’s ‘Heilige Graal’ (een woordspeling op ‘Grande Raccordo Anulare’, de ringweg van Rome, en de heilige graal) is een wonderbaarlijke poëtische film, over het reilen en zeilen in het volgebouwde rafelgebied rond de ring van Rome, over levens waar niemand weet van heeft. Maar het is absoluut een documentaire, zij het met cinematografische meesterhand gefilmd (Rosi filmt altijd alles zelf) en op speelfilmniveau gemonteerd. Rosi kreeg de Gouden Leeuw 2013 uit handen van Bertolucci, en die sensatie, dat een documentaire de hoofdprijs kon winnen, is een beetje een eigen leven gaan leiden.

Te meer daar Meryl Streep, juryvoorzitter van het filmfestival van Berlijn in 2016, de stunt drie jaar later nog eens herhaalde. Gianfranco Rosi’s documentaire Fuocoammare (Siciliaans dialect voor Fire at Sea) won de Gouden Beer van Berlijn voor beste speelfilm. Wat Rosi had weten te maken van het internationale bootvluchtelingendrama op het eiland Lampedusa, het extreme puntje van Italië, in combinatie met de dagelijkse levens van een zoontje van een visser en een hartbrekende huisarts die in zijn eentje de exodus uit Afrika moet opvangen, was prachtig. Dankzij opnieuw Rosi’s cinematografische meesterhand, zijn niet-oordelende blik die messcherp momenten en personages weet te selecteren, dankzij het schijnbaar moeiteloze ineenvloeien van een universeel drama en kleine dagelijkse Italiaanse levens op een eiland ver in zee richting Afrika. Daar kon geen speelfilm overheen, ook omdat de urgentie van het onderwerp deze keer onontkoombaar was. Het was een Gouden Beer voor alles samen: een prachtdocumentaire over het meest urgente onderwerp van dat moment.

Gianfranco Rosi

De Italiaanse regisseur Gianfranco Rosi is de hoofdgast van IDFA 2020. Rosi’s nieuwste film Notturno beleeft op het festival zijn Nederlandse première en naast een retrospectief wordt er ook een top-tien van zijn favoriete films gepresenteerd.

De zes films van Rossi gaan van een visser in India, Boatman (1993) naar een gemeenschap van outcasts in Californië, Below Sea Level (2008), van een huurmoordenaar in Mexico, El Sicario, Room 164 (2010) naar de bewoners rondom de ring van Rome in Sacro GRA (2013), van het lot van vluchtelingen op het Italiaanse eiland Lampedusa in Fire at Sea (2016) naar het dagelijkse leven in de grensregio van Irak, Syrië en Libanon in Notturno (2020).

Italië dacht dat er nu even doorgestoten kon worden naar Hollywood: laten we Fire at Sea dan ook gewoon insturen voor beste buitenlandse speelfilm bij de Oscars 2017! Waarom niet? ‘Omdat Fuocoammare een prachtige documentaire is die precies om die reden had moeten worden ingestuurd voor beste documentaire, waar hij goede kansen had gemaakt’, zei regisseur Paolo Sorrentino, de Oscar-winnaar voor beste buitenlandse speelfilm van 2014 met La grande bellezza. Sorrentino was vanwege zijn verdiensten gevraagd in de selectiecommissie voor de Italiaanse Oscar-inzendingen, maar had er meteen al spijt van. ‘Italië moet het altijd overdrijven, een typisch masochistisch trekje van een land dat zich graag opstelt als de underdog, maar bij een succes meteen overmoedig wordt. We hadden met twee sterke titels kunnen meedingen naar de Oscars 2017 voor beste buitenlandse film én voor beste documentaire. Door een documentaire in te sturen voor de verkeerde categorie, die van beste speelfilm, tonen we ons zwak en komt de Italiaanse cinema er bekaaid vanaf.’

Hij had helemaal gelijk, Sorrentino, want met de genre-overschrijdende beslissingen van twee wereldsterren als Bernardo Bertolucci en Meryl Streep op twee typisch Europese arthouse-festivals hebben ze bij de Oscar-fabriek niets te maken. Fire at Sea werd door het Oscar-comité alsnog in de categorie geplaatst waar hij hoorde, die voor beste documentaire, maar won hem niet, hoewel het optreden van de charismatische huisarts van Lampedusa op het podium van Hollywood meer dan een Oscar waard was. Pietro Bartolo kreeg een staande ovatie van heel Hollywood toen hij na de vertoning van de documentaire, waarin hij een onbedoelde glansrol vervult, ontspannen het podium beklom. Hij verving even Gianfranco Rosi, die zo in de war was van het hele gezanik over de categorie dat de huisarts hem onder de antibiotica had gestopt.

‘Dat is de stress van Hollywood’, sprak Pietro Bartolo, die inmiddels Europarlementariër in Brussel is maar toen nog zo’n beetje nooit had gevlogen, zeker niet naar Hollywood. De serene glimlach van de huisarts van Lampedusa stak pijnlijk af bij de verstarde paniekgrijns van de wereldburger Rosi in Hollywood, wellicht veroorzaakt door het onnodig hoog leggen van de lat. Want is dat nu waar het om gaat, dat je prachtige documentaire al dan niet een speelfilm wordt genoemd? Winnen in een andere categorie, is dat de hoofdprijs?

© Foto’s IDFA
Fire at Sea © Foto’s IDFA

Het lijkt er toch op, als ook Orwa Nyrabia, de artistiek directeur van het idfa, dit als grootste wapenfeit van Rosi noemt tijdens zijn presentatie van de line-up van dit jaar: ‘Onze eregast dit jaar is Gianfranco Rosi, een van de weinige filmmakers ter wereld die een persoonlijke impact mag claimen op wat we “de gouden eeuw van de documentaire” zijn gaan noemen’, aldus de Syrische filmproducent, filmmaker en mensenrechtenactivist Nyrabia vanuit cultureel centrum De Balie. ‘Het feit dat Gianfranco’s films zichzelf hebben bewezen op de hoogste niet-documentaire filmpodia, het feit dat hij de Gouden Leeuw heeft gewonnen voor Sacro GRA, dat hij de Gouden Beer van Berlijn heeft gewonnen voor Fire at Sea, én dat zijn nieuwste film Notturno dit jaar opnieuw in de hoofdcompetitie van Venetië is opgenomen, is het bewijs dat de documentaire een solide, concreet onderdeel is geworden van de hedendaagse cinema, en niet meer een apart genre, zoals het tot nog toe werd gezien. En daarom is Gianfranco Rosi onze eregast.’

Irak, Koerdistan, Syrië, Libanon? Het is leed. Van vergeten mensen in vergeten gebieden

Als Nyrabia het zegt, geloof je het. Er is trouwens een klein dingetje, en dat is het feit dat Nyrabia ook de producent is van Notturno. Maar voor een film als deze, die tijdens het idfa zijn Nederlandse première zal beleven, gelden andere criteria. Drie jaar lang is Gianfranco Rosi door Irak, Koerdistan, Syrië en Libanon getrokken met zijn camera. Het resultaat is Notturno, letterlijk ‘Nachtelijk’, want het lijkt nooit echt licht te worden in de film, maar figuurlijk is het ook bedoeld als de aanwijzing voor een symfonie. Want zo noemt Rosi zijn caleidoscoop uit het vergeten Midden-Oosten, ‘een symfonie’, die zonder de hulp van Orwa Nyrabia nooit gemaakt had kunnen worden.

‘Orwa heeft elke dag georganiseerd die ik in die gebieden heb doorgebracht’, vertelt Gianfranco Rosi vanuit Rome, waar hij vast zit, zoals iedereen momenteel ergens vast zit. ‘Drie jaar lang, elke dag. Hij is de organisatorische en emotionele producent van Notturno, dat zeker. Hij begeleidde mij emotioneel, maar het ging ook om veiligheid, om mensen, tolken, chauffeurs, gidsen, die wisten in welke situatie ik me begaf en wanneer we er zo snel mogelijk uit weg moesten. En dat was vaak genoeg. Bovendien is het een lappendeken, dat gebied, en moet je overal de lokale taal beheersen, dus daarvoor waren steeds andere gidsen, beschermers en tolken nodig. Het was voor mij als filmen in het donker zonder koplampen, want ik miste natuurlijk steeds wat de mensen zeiden, wat er gebeurde om ons heen. Ik voelde wel aan wanneer ik moest filmen, wanneer het momentum was, maar weten deed ik het niet. Orwa is er altijd bij gebleven, telefonisch dan. Hij was fundamenteel. En voor mij was het ook heel belangrijk dat hij de film zou zien voor hij naar Venetië zou gaan. Ik moest weten of ik de andere kant had bereikt, de overkant van Lampedusa, zeg maar. Mijn toets was Orwa. Dat hij zei: “Heel mooi, Gianfranco, zo is het bij ons”, dat was van levensbelang voor mij.’

Notturno is een prachtige film – ‘documentaire’ durf je niet meer te zeggen – die inderdaad als een symfonie van het Midden-Oosten kan worden gezien. Beeld op beeld treft midscheeps, en je weet vaak niet eens waar het zich precies afspeelt – Irak, Koerdistan, Syrië, Libanon, wie zal het zeggen? Het is leed, heel veel leed, van vergeten mensen in vergeten gebieden. Leed zonder begin of einde, leed zonder waarom. Notturno wordt slechts ingeleid door een paar regels tekst: ‘Na de val van het Ottomaanse Rijk en het einde van de Eerste Wereldoorlog hebben de koloniale machten nieuwe willekeurige grenzen getrokken in het Midden-Oosten. Hiermee brak een oneindige periode aan van militaire coups, corrupte regimes, buitenlandse bemoeienissen, onderdrukking, terrorisme en tirannie die tot op heden voortduurt.’

Sacro GRA © Foto’s IDFA
© Foto’s IDFA

Op het festival van Venetië, dat begin september wonder boven wonder min of meer door kon gaan, werd Notturno onthaald door een oneindige staande ovatie van de zaal. Er waren ook kritieken, de kritieken die Gianfranco Rosi al wel kent. Hij zou in zijn films het leed ‘esthetiseren’, en zolang je je bezighoudt met maatschappelijke outcasts die het wellicht aan zichzelf te danken hebben (zoals in Rosi’s Below Sea Level uit 2008 of Sacro GRA) kan dat nog. Maar wanneer het leed universeel erkend schuldeloos leed is, mag je er eigenlijk niets anders mee doen dan het laten zien, en dan liefst zo één op één mogelijk. Je mag er niet in gaan casten en monteren, laat staan forceren door momentums of juiste lichtinvallen af te wachten. Dat het prachtige Notturno in Venetië alleen een prijs van een kinderjury van unicef kreeg zegt alles over de tijden waarin we leven.

Rosi, met een diepe zucht: ‘Ik weet het, ik weet het. Dat komt doordat iedereen regisseur is geworden, hè. Iedereen die een camera, maakt niet uit wat voor camera, op een situatie zet, is “videojournalist”. Ergens zomaar binnenstappen met een al draaiende camera op je schouder, pure porno in mijn ogen, heet cinema-verità (de cinema van de waarheid – ab) vandaag. “Ik mis de bevende camera in jouw films”, zei zo’n verità-type tegen mij. Inderdaad: mijn camera beeft niet. Dat doe ik van binnen, als het goed is, en dat is wat mijn beelden bij jou teweegbrengen, als het goed is. Maar een zwiepende camera is geen garantie voor “echt” of voor “waarheid”. De waarheid – ah! – die zit in het moment dat je weet te kiezen, in het juiste licht, in de spontane waarheid die een personage je soms schenkt en waar je heel lang in moet investeren. Ik verlies heel veel momenten met mijn manier van filmen, want ik moet wachten tot alles klopt. Pas als de goede lichtinval er is, kan ik filmen.’

Zoals dat moment op het einde van Notturno waarop een moeder in een ruimte waar de schemer invalt zacht snikkend luistert naar een smartphone met de steeds wanhopiger WhatsApp-boodschappen van haar dochter, op het laatst nog alleen fluisterend. Wie-Waar-Waarom, de drie grote W’s van de journalistiek, worden er niet bijgeleverd. Je begrijpt alleen dat de dochter gegijzeld is door waarschijnlijk IS en dat het waarschijnlijk niet goed met haar zal aflopen – of al is afgelopen.

IDFA 2020

Dit jaar zullen er op het IDFA tussen woensdag 18 november en zondag 6 december meer dan tweehonderd documentaires te zien zijn. Bezoekers kunnen bovendien deelnemen aan nagesprekken met filmmakers, hoofdpersonen en andere experts. De voorstellingen vinden grotendeels online plaats, en in de theaters als de coronamaatregelen dat toelaten. Dan geldt in ieder geval het maximum van dertig toeschouwers.

Gianfranco Rosi: ‘Inderdaad: mijn camera beeft niet. Dat doe ik van binnen, als het goed is’

De Groene/IDFA-dag gaat helaas vanwege de coronamaatregelen niet door. Wel heeft de redactie favoriete documentaires geselecteerd die gedurende het festival te zien zijn. Bekijk het volledige programma van deze Groene-favorieten hier. Kaarten voor zowel het reguliere IDFA-programma als de Groene- favorieten kunnen vanaf donderdag 12 november via een MyIDFA-account besteld worden. Het is wel zaak om daar snel bij te zijn, want de online vertoningen hebben vaak een limiet van duizend kijkers.

Om dit moment voor elkaar te krijgen is waanzinnig veel moeite gedaan. Van Gianfranco Rosi, van de Italiaanse producente Donatella Palermo die het geld moest regelen, en de organisatorische kant, want hij moest er vele malen voor terug. ‘Ik had zes maanden rondgekeken in dat gebied zonder iets te draaien’, zegt Rosi. ‘Alleen kijken, praten. Tot ik ineens het mentale begin van mijn film had. Dat was die smartphone. Vanaf toen kon ik gaan draaien.’

Rosi kreeg de smartphone met de wanhopige WhatsApp-boodschappen van de echtgenoot van de vrouw van wie de stem is. ‘Hij was inmiddels al met een ander getrouwd. Van haar, zijn vorige vrouw, bestond alleen nog deze fluisterende stem, deze laatste boodschappen. Ik mocht de smartphone van hem hebben, maar ik mocht hem niet filmen, en ook niet zijn familie in Bagdad. Het enige wat hij me uiteindelijk wilde vertellen was dat haar moeder als Syrische vluchteling in Stuttgart was beland.’

Om dit verhaal los te peuteren, moest Rosi terug naar het gebied. ‘Toen ik in oktober 2019 terugkwam uit het Midden-Oosten om aan de montage te beginnen, bleef het toch knagen. Ik moest weer terug, speciaal voor het telefoontje, speciaal voor de echtgenoot. Hij zit niet eens in de film, maar hij was fundamenteel. Toen pas vertelde hij over haar moeder, en ik wist: ik moet naar Stuttgart. Uiteindelijk heb ik haar gevonden in een hotel, waar een deel van de Syrische vluchtelingen in Duitsland nog steeds zit.’

Het was februari 2020, één dag voor de lockdown in Italië, en Rosi vertrok met een auto van de productie naar Stuttgart. ‘Het sneeuwde toen we aankwamen. Ik heb eerst de hele dag met haar gesproken, natuurlijk zonder te draaien. Het was verschrikkelijk, de meest deprimerende dag van mijn leven, denk ik. De moeder had de boodschappen van haar dochter niet meer, want ze was haar telefoontje kwijtgeraakt bij het vluchten. Uiteindelijk wilde ze ze toch horen. Het was aan het einde van de dag, bij het vallen van de schemer, en zij zat in die donkere kamer. Ik moest het draaien, dat wist ik, en zij was het ermee eens. Dat is dat beeld, van die moeder die de stem van haar dochter hoort, steeds zwakker, met steeds minder hoop. En ook zij, hoe ze luisterde, dat verdriet in de totale machteloosheid. Ze kon niets meer doen voor haar dochter, alleen nog dit. Luisteren en huilen en zorgen dat wij het ook weten.’

© Foto’s IDFA
© Foto’s IDFA

Als dit ‘esthetiseren van het leed’ heet, dan is de conclusie dat Gianfranco Rosi waarschijnlijk met een heel andere bril naar de mensheid en de wereld kijkt dan nu in de mode is. ‘Notturno had moeten uitkomen in Cannes in mei, maar dat ging uiteraard niet door. Ik voelde enorme haast, omdat ik wist dat hij ook ging over ons, over het niemandsland zonder toekomst waarin we nu rondwaden door corona. Alle respect en mededogen hoor, voor ons westerse mensen, die nu al zoveel maanden zo ontzettend moeten afzien, in onze comfortabele huizen met alles wat je nodig hebt om de hoek, met alle kansen voor je kinderen, al moeten ze dan even op een schermpje naar school. Ik weet echt dat het moeilijk was en ik ga niemands depressie kleineren. Maar als je dan zo’n Ali ziet… die berusting.’

De jongen Ali is een van de personages in Notturno, waarschijnlijk verantwoordelijk voor het levensonderhoud van zijn moeder en oneindige schare jongere broertjes en zusjes. Een vader is er niet. Ali doet alles wat zich aandient, van hulpje op een vissersboot tot hulpje bij een treurige jacht waar alleen wat kleine zangvogeltjes worden neergeknald. Hij beweegt zich door een kaal nachtelijk woestijnlandschap en er lijkt geen enkele toekomst op hem te wachten.

‘Door de coronacrisis verdwijnen die gebieden nu nog veel meer in schemerland dan ze al zijn’, aldus Rosi. ‘IS komt daar nu weer op, geheel ongestoord, want wij hebben er nu even geen aandacht voor. Het zal er nog veel slechter gaan dan het al ging, het kleine beetje hoop, het kleine beetje toekomst dat er nog was, zakt weg achter het coronagordijn. Hoe je dan leeft, wat “leven” dan is, ja, dat leek me heel belangrijk om dat nu te laten zien. Ineens had mijn film een heel andere urgentie gekregen dan toen ik eraan begon.’


Kijk voor meer informatie op idfa.nl