Ik stem tegen

Nu die afschuwelijke politieke soap van Blokker en Weisz een natuurlijke dood is gestorven, dat wil zeggen niet meer uit zijn oorspronkelijke comateuze bestaan is ontwaakt, kunnen wij ons met het echte leven gaan bezighouden. Dus geen nagemaakte politici meer in VPRO-vertraagde uitvoering en ook geen virtuele Tweede Kamer van boardkarton of papier machÇ, maar de echte poppetjes: onze eigen houten Klazen en Klazienen die zich opmaken voor een laatste sprintje richting het traditionele avondje Maurice de Hond.

Alvorens mijn eigen stemgedrag kenbaar te maken moet ik eerst toegeven dat ik woensdag niet zal gaan stemmen. Niet uit baldadigheid of uit gebrek aan belangstelling, maar door een grondwettelijke belemmering die buitenlanders de toegang tot deze verkiezingen verspert. Desalniettemin heb ik me de vraag gesteld op wie of wat ik zou stemmen als ik de gelukkige bezitter zou zijn van een Nederlands paspoort. Ik ben tot de slotsom gekomen dat gezien mijn aard en gegeven de omstandigheden maar ÇÇn optie mogelijk is: ik stem tegen!
Allereerst stem ik tegen de Nederlandse tomaat, dit smakeloze symbool van tegenstemmerij dat met zijn aroma van kraanwater de dissen van heel Europa al jarenlang verpest. In het verlengde hiervan stem ik natuurlijk tegen de SP. De sekte van de tomaat en het dagje Efteling als hoeksteen van het gezin is de creatie en het bezit van ÇÇn en dezelfde man die zijn populistische gedachtengoed in twee woorden heeft samengevat: effe dimme. Ik waarschuw alle linkse intellectuelen die op de linkse tomaat willen stemmen: na het dimmen komt vanzelfsprekend de stilte en het donker. Wilt u daadwerkelijk een Nederlandse Pol Pot plebisciteren die, als hij de macht krijgt, de stedelijke bevolking naar de Brabantse killing fields zal verplaatsen om de varkenspopulatie aldaar te verzorgen?
Vanzelfsprekend stem ik eveneens tegen Paars, dat mijn richtpunten en mijn ori‰ntatievermogen in de war heeft geschopt. Ondanks recente beweringen heeft Paars geen consistente blaas, wat het zogenaamde ideologisch ver plassen totaal onmogelijk maakt. Door Paars bestaan links en rechts - begrippen die de Franse revolutie ons heeft geschonken - niet meer. Dit is des te ernstiger daar links en rechts in Nederland toch al zwak ontwikkeld waren. Toen ik voor het eerst in dit land kwam, vertelde een Nederlander me hoe het zat: ‘Wij zijn niet zwart en ook niet wit. Wij zitten ertussen in. Wij zijn grijs.’
Nog nooit heeft de kleur paars er zo grijs uitgezien. Ik stem daarom ook tegen grijs en de grijsaards van de ouderenpartijen die de toekomst niet meer hebben. AOV, Unie 55+ en senioren 2000, die reservoirs van rimpels en prostaatkanker, zouden zelf moeten inzien dat ze volstrekt overbodig zijn. Worden de drie paarse partijen soms niet door zestigers geleid en zijn de voornaamste Nederlandse opinieleiders - Heldring, Hofland, Blokker, Brandt Corstius - de zeventig niet al ruim gepasseerd? De sjanker van de ouderdom heeft in dit land al een tijdje de macht overgenomen.
Ik stem met een resolute vuist tegen de kerken, het CDA en de kleine gristelijke partijen die de belangrijkste paarse maatregel, de 24-uurseconomie, willen terugdraaien. Want ik kan niet genoeg benadrukken dat ik ondanks mijn gevoelens van primair antipaarsisme zeer te spreken ben over het opblazen door de niet-confessionelen van de zondags- en avondrust. Het is de paradox van deze saaie regering dat ze met het verruimen van de winkeltijden het land in ÇÇn klap veel sprankelender heeft gemaakt. Meer doorgeschoten funshoppers en minder varkens en zwaarmoedige kerkvaders hebben het landschap zeer in zijn voordeel veranderd. Alleen hiervoor verdient Paars(II een kans. Je hoeft op zondag en na zessen maar de straat op te gaan om ervan overtuigd te raken dat de kerkelijke actie geen kans van slagen heeft. Ook al zouden ze bij de CDA-satellieten een half miljoen handtekeningen verzamelen tegen de vrijheid van comsumptieuiting, dan blijven we nog met zo'n 14,5 miljoen om onze nieuwe verworvenheid met hand en tand te verdedigen.
En dat het einde van deze ontwikkeling tot mijn grote tevredenheid nog niet in zicht is, bewijst het briefje dat ik verleden week op de deur van de supermarkt zag hangen met deze triomfantelijke boodschap erop: 'Vanaf 25 april iedere zaterdag tot 20.00 uur open.’ Misschien heeft dit me toch milder gestemd en heeft het mijn gedrag van virtuele kiezer beãnvloed. Ondanks mijn natuurlijke gedrag van tegenstemmen wil ik nu een positief gebaar maken naar de Nederlandse politiek. Op 6 mei stem ik Albert Heijn.