Ik voel me een Colombiaanse Revolutionair…

De boekhandel in Hamburg was opvallend gewoon. Boekhandels geven mooi de stand van de cultuur weer, zoals een antiquariaat altijd het schaduwbestand illustreert.
Meestal ga ik eerst naar het antiquariaat, maar dat kon ik niet vinden en toen kwam ik deze prettige boekhandel tegen.
Mij vielen direct een paar zaken op.
Ik zag veel boeken van Duitse auteurs van net voor mijn tijd. Ik doe een greep. Döblin (1878-1957), Hesse (1877-1962), Wilhelm Busch (1832-1908). Nieuwe uitgaven, vijftien euro. Gewoon voorradig. Kom daar maar eens om in Nederland. Laatst wilde ik iemand een boek van Lodewijk van Deyssel cadeau doen - ik kon het niet ‘nieuw’ kopen. Natuurlijk biedt internet uitkomst, maar ik wil het in een boekhandel zien. Ik wil langs andere boeken lopen en dan geïnspireerd raken.
Verder opvallend: er was een flinke boekenkast met Duitse toneelstukken. Goethe, Schiller, Handke, eigenlijk alles. Dat heb je in Engeland en Frankrijk ook, maar in Nederland hebben we dat niet. Veelzeggend. Er waren ook filmscenario’s te koop - hebben wij ook niet. (Met 'hebben wij niet’ bedoel ik dat het niet in de courante boekwinkels wordt aangeboden, wel in de gespecialiseerde.)
Wat had die boekhandel niet wat wij weer wel hebben? Ik zag weinig vertalingen. Je kunt in de Nederlandse boekhandel geen Nederlandse klassieken kopen, maar weer wel twee vertalingen van Homerus. Ik zocht voor een Duitse vriendin naar een Duitse vertaling van de Ilias, maar die verkochten ze niet.
Op het ogenblik (sinterklaastijd 2010) is er in de Nederlandse boekhandel een explosie van mannen- en vrouwenboeken, met plaatjes en leuke weetjes. In de trant van: hoe verleid ik hem of haar? De titels ben ik vergeten, want goedbeschouwd ben ik man noch vrouw voor die auteurs. In Duitsland vond ik die trend niet; daarentegen zag ik opvallend veel boeken over spiritualiteit en gezondheid. Iets waarvan ik dacht dat het al 'uit’ was.
Wat opvallend was, waren de grote stapels van het boek Deutschland schafft sich ab van Thilo Sarrazin. Ik zag dat er in een uur drie exemplaren van werden verkocht. Dat kan toeval zijn geweest, maar toch. Naast het boek van Sarrazin lag een boek met discussies over het boek van Sarrazin. Ook dat werd verkocht, zag ik. Volgers van mijn rubriek zullen hebben gemerkt dat ik vijf jaar geleden ook in Duitsland was en toen merkte dat de discussies over de islam waar wij in Nederland midden in zaten zich ook in Duitsland aan het ontwikkelen waren, zij het enigszins bedeesd. Sarrazin lijkt mij een uiterst saaie Pim Fortuyn die vele malen slechter schrijft dan Paul Scheffer. Van hem zag ik trouwens nog een exemplaar van Die Eingewanderten: Toleranz in einer grenzenlosen Welt. Toch is Sarrazin - ik heb zijn boek niet helemaal uit gekregen - wel harder en scherper, nee, dat zijn de verkeerde woorden: hij is 'paniekeriger’ dan Scheffer. Hij citeert statistiek na statistiek en rapport na rapport van al die degelijke Duitse instituten. Ja, ik geloof nu ook dat het niet goed gaat met het Duitse onderwijs.
Ook in die paniek lijkt hij op Fortuyn, maar Fortuyn was zo veel… leuker.
In Hamburg merkte ik dat ik vermoeid raak over de islam-discussie, waar ik nu al meer dan twintig jaar over schrijf en spreek.
Sinds de Rushdie-affaire is het een onderwerp, maar het glipt nu tussen mijn vingers weg. Die Rushdie-affaire was in 1988! Ik ben het aan het opgeven, merk ik. Ik schijn er onsympathiek door te worden, hoor ik. (Laatst kwam er een filmregisseur opgetogen op me af en zei: 'Marina Blok van de NPS, een van de machtigste vrouwen in filmland, heeft zo'n bloedhekel aan je, vertelde ze. We moeten jouw scenario dus onder mijn naam of onder pseudoniem bij haar inleveren.’)
Tja… Mijn pseudoniemen zijn Gaje Gangmaar, Ikhas Bien en Branie Muthverloorn.
Ik voel me een Colombiaanse Revolutionair die verliefd is geworden op een boerenmeid uit Zwolle en voor de liefde kiest.