Hoe nieuw wordt Wilders’ nieuwe beweging?

‘Ik wil echt niet de Kim Il Sung uithangen’

Na de nieuwe gedachten is het tijd voor bijpassende vormen. Geert Wilders zoekt naar een organisatiemodel voor zijn PVV dat breekt met de traditionele partij. ‘Ik krijg nu nog blindedarmontsteking als ik denk aan hoe dat bij de VVD ging.’

Voor een vluggertje is de opbouw van zijn beweging te belangrijk, vindt Geert Wilders: ‘Ik heb mijn lesje geleerd van de lpf. Ik weet hoe het fout kan gaan als je een partij te snel openstelt voor leden. Als de mensen met de verkeerde agenda of portemonnee een partij kapen. Ik zie de foute auto’s met de foute vastgoedbaronnen, die binnen no time het partijbestuur hadden overgenomen, nog voor me.’ Dus heeft de pvv geen leden en liet ze dit jaar een flinke subsidie aan zich voorbijgaan. Maar die situatie is niet voor eeuwig. ‘Het streven is om dit jaar de kogel door de kerk te krijgen’, aldus Wilders in zijn werkkamer in het gebouw van de Tweede Kamer. ‘Ik snap ook dat als wij de volgende keer wél meedoen aan de verkiezingen voor de Provinciale Staten of de gemeenteraad, we op die plaatsen mensen nodig hebben. Trouwens, als wij morgen de partij open zouden stellen voor leden, hadden we er morgenavond al duizend. Maar hoe zorg je dat die eerste groep een beetje te vertrouwen is? Je móet iets organiseren, maar je moet het zorgvuldig doen. De vraag is bovendien in welke vorm. Moet dat geïnstitutionaliseerd, met allemaal lokale partijbaronnen? Ik krijg nu nog blindedarmontsteking als ik denk aan hoe dat bij de vvd ging. Om je te kandideren moest je het hele land door, alle voorzitters van de kamercentrales af en tegen de grootste idioot zeggen dat hij geniaal was.’

Critici mogen het vreemd vinden dat een partij die in haar verkiezingsprogramma pleit voor bindende referenda, voor een gekozen minister-president, burgemeesters en politiecommissarissen, het zonder interne democratie stelt. Vanuit Wilders’ oogpunt ligt dat anders. Tussen kiezer en gekozene moet zo min mogelijk in de weg staan en al helemaal geen ‘partijencratie’, zoals het in het pamflet Klare wijn heet. Tegenover Het Parool zei politiek secretaris Martin Bosma eerder dat de pvv zich liever richt ‘op die tien miljoen mensen die stemmen dan op een handvol leden’.

Het liefst zou Wilders de laag tussen politicus en kiezersvolk willen schrappen: ‘Een makke van de oude partijstructuren is dat het verschil tussen de leden en het electoraat echt gigantisch is. Ik heb het jaren bij de vvd meegemaakt. Op algemene vergaderingen hadden drie van de vier aanwezigen een functie: afdelingsvoorzitter, bestuurslid, statenlid of wat dan ook. “Wees toch niet te hard tegen het cda, daar zitten we mee in het college”, dat soort geluiden hoorde je dan.’

De geboren Venlonaar wil het daarom anders aanpakken: ‘Ik heb wel ideeën over hoe zo’n nieuwe organisatie eruit moet zien. Ik heb daarover ook gesproken met mensen die er verstand van hebben. Nee, met wie zeg ik niet. Maar voordat we hierover een besluit nemen, wil ik de komende maanden eerst het land in gaan. Niet naar Felix Meritis of de Rode Hoed, maar naar bijeenkomsten met de achterban. Praten met onze vrijwilligers die voor en na de verkiezingen de kar trokken. Dat zijn er inmiddels duizenden.’

Vrijblijvend het volk raadplegen zonder dat die mensen formeel iets in de melk te brokkelen hebben: dat klinkt verdacht veel als de door Wilders gehekelde loze inspraak van de traditionele politiek. Maar van oude politiek in nieuwe zakken is geen sprake, vindt hij: ‘Ik wil in die zalen kijken hoe mensen er echt over denken. Ik wil ook eerlijk zeggen waarom de twijfels er zijn, en dan hakken we later dit jaar de knoop door.’

Gerrit Voerman van het Documentatiecentrum Nederlandse Politieke Partijen vindt het gepraat over een nieuw soort beweging ‘tamelijk populistisch’ klinken: ‘Als je kandidaten nodig hebt voor verkiezingen en mensen die met foldertjes willen lopen, heb je toch een organisatie nodig. En zo’n structuur leidt onvermijdelijk tot gelaagdheid. Wilders probeert naar mijn mening het onmogelijke. Het is de wet van Michels, die stelt dat organisatie automatisch tot het ontstaan van een oligarchie leidt. Dat kun je met allerlei regels proberen tegen te gaan, zoals d66 vroeger deed, maar dat wordt weer heel formeel met ellenlange statuten.’

Andere deskundigen zullen het met Voerman eens zijn. In zijn overzichtswerk Politieke partijen in Nederland noemde hoogleraar Ruud Koole – tevens van tijd tot tijd partijvoorzitter van de pvda – drie functies van de ‘moderne kaderpartij’ die van aanhoudend belang zijn. Ze moet maatschappelijke issues op de agenda zetten, de diverse eisen en belangen tegen elkaar afwegen en geschikte mensen voor politieke functies rekruteren. Voerman voegt daar nog aan toe dat hoewel politieke organisaties een bron van conflicten lijken, ze de interne problemen ook vaak weten te dempen, zonder dat het meteen tot een breuk hoeft te komen.

Bij de Partij voor de Vrijheid vindt de zogeheten agenda setting bij gebrek aan leden vooral plaats op basis van berichten in de media, meent Gerrit Voerman: ‘Het regent kamervragen van de pvv, maar vrijwel allemaal zijn ze gebaseerd op de media. Ik zie geen input van een achterban. De media zijn voor Wilders het contactpunt met de samenleving.’

Historische of buitenlandse voorbeelden van zo’n nieuwe beweging waar Wilders naar zoekt, kent Voerman niet: ‘Berlusconi heel misschien, maar die had een aantal zenders, kranten en veel geld ter beschikking. Wilders heeft dat allemaal niet.’

Met Pim Fortuyn en diens navolgers is parlementaire politiek zonder partij weliswaar een trend geworden, Voerman ziet in de opkomst van de sp ook een tegengestelde ontwikkeling: ‘Het optreden van Wilders en eerder Fortuyn laat zien dat je geen partij meer nodig hebt om in de Tweede Kamer te komen. Er is meer ruimte voor politieke entrepreneurs, mensen met geld, flair of een thema dat het goed doet. Maar hoe continueer je dat succes? De sp is juist een voorbeeld van hoe je in de Kamer kunt blijven en er effectief kunt functioneren dankzij een deugdelijke organisatie.’

Geert Wilders zelf zegt helemaal geen behoefte te hebben aan verre voorbeelden als Berlusconi: ‘Ik kijk niet naar het buitenland, het buitenland interesseert me niks. We moeten het doen op de manier die voor ons het beste is.’ Hoe die eigen manier er precies uitziet, blijft vooralsnog onduidelijk. In zijn Onafhankelijkheidsverklaring schreef Wilders landelijk te willen ‘opkomen voor lokale partijen zonder ze formeel te representeren’. Dat botst met de opbouw van eigen lokale afdelingen.

Wilders zelf wil daar niet al te veel over kwijt: ‘Ik word vaak benaderd door lokale partijen die vragen of we de volgende keer niet kunnen samenwerken. De ene keer kan dat wel, ik ken lokale partijen – zonder namen te noemen – die het hartstikke goed doen. Ik ken er ook die de grootste malloten van de gemeenteraad zijn.’

In dezelfde Onafhankelijkheidsverklaring rept Wilders meermalen van ‘mijn nieuwe beweging’ en een ‘brede volksbeweging’. De vraag is of, net als bij het populistische ‘luisteren naar de mensen’, het verschil met de traditionele partijen meer wordt dan alleen de naam van het beestje. Misschien is een hypermoderne vorm waarin kiezers om de zoveel tijd op internet via een digitaal referendum hun mening geven over een partijstandpunt een idee? Geert Wilders: ‘Alles, van uw optie tot een partij inclusief leden, behoort tot de mogelijkheden.’

Met dien verstande dat sinds de verandering in 1989 van de Kieswet de beperking geldt dat partijen alleen deel kunnen nemen aan verkiezingen als het verenigingen met volledige rechtsbevoegdheid zijn. Daarmee zijn ze onderworpen aan de bepalingen van het verenigingsrecht. Die vereisen een minimum aan interne democratie én leden. Vooralsnog is dat bij de vereniging Groep Wilders enkel de oprichter zelf, tevens geregistreerd als enige bestuurder.

De suggestie in NRC Handelsblad dat dat laatste ondemocratisch of schimmig zou zijn, noemt Wilders ‘flauw’: ‘Het is gewoon vanwege de veiligheid, het heeft niets met een gebrek aan democratie of iets dergelijks te maken. Het is echt niet zo dat ik de Kim Il Sung wil uithangen.’

Er is één probleempje: uit de statuten van Groep Wilders blijkt dat de partij nog vóór eind juni van dit jaar een ledenvergadering moet beleggen, te weten in Den Haag. Hoe kan dat zonder leden? Geert Wilders: ‘Tja, dat wordt geen volle zaal. Dat is een kwestie van één minuut. Kijk, je hoeft geen ledenvergadering te houden met duizend leden, dat staat nergens. We moeten alleen goed uitmaken wie het verslag maakt.’