Azen op vuil geld in Griekenland

‘Ik zal ze krijgen, die oneerlijke rijken’

Sinds kort heeft de Griekse regering een fraudeminister. Voor de zomer wil Panagiotis Nikoloudis drie miljard euro aan achterstallige belasting innen.

Medium anp 31344525

Het is ons menens, dacht premier Alexis Tsipras, en hij ruimde plaats in voor de post van fraudejager. Het is de 65-jarige Panagiotis Nikoloudis, van het schiereiland Mani, die belooft de Griekse oligarchen achterna te zitten tot aan hun vakantieoord. ‘Een handvol families’, sprak hij het parlement toe, ‘denkt dat de politiek bestaat om hún belang te dienen.’ Om dat een halt toe te roepen, kroonde Tsipras hem tot de eerste Griekse minister ter Bestrijding van Corruptie en Belastingontduiking. Die twee zaken voerden dit land naar de afgrond, zei Tsipras, ‘maar deze regering zal gerechtigheid brengen’.

Ieder jaar loopt Athene omstreeks 25 miljard euro mis, ook door olie- en sigarettensmokkel. Nu de schatkist zo goed als leeg is, hoopt Syriza de sjoemelende rijken tot betaling te dwingen. Zo zou er geld opduiken om de armen terzijde te staan, om de weggevaagde verzorgingsstaat stapje voor stapje te herbouwen.

‘Ik heb niets tegen rijke mensen’, vertelde Nikoloudis aan The New York Times. ‘Ik ben tegen onéérlijke rijke mensen. En ik zal ze krijgen.’ Aan ervaring geen gebrek: jaren voerde Nikoloudis de financiële inlichtingendienst aan en hij was aanklager bij het hooggerechtshof. Hij is er naar eigen zeggen een stugge man van geworden, eentje die ‘nooit ophoudt, zelfs al bots ik op een muur’. En op vele muren zal hij stuiten, want het Griekse cliëntelisme zit diep.

De tentakels van de oligarchie reiken ver. Doemde er narigheid op, dan belde de baas een minister, en een wet was zo gewijzigd. Diezelfde zakenlui bezitten kranten en omroepen, waarmee ze de vorige regeringen, van Pasok en Nieuwe Democratie, een gunstige pers boden. Vervolgens kregen zij weer bouwprojecten toebedeeld. Vervolging bleef meestal uit, je kon schuilen bij de ander. Al jaren wilde de geldschietende trojka van imf, ecb en EU de bijl aan de wortel zetten. Ze spande echter samen met de oorzaak zélf: de corrupte politici.

In Syriza vindt de trojka, wat dit aangaat, een gelijkgezinde. De partij staat los van de vriendjespolitiek, al vrezen analisten voor oud-vakbondsleiders die Pasok verruilden voor Syriza – zij speelden een hoofdrol in de carrousel van baantjes. Tegelijkertijd is er in Europa én eigen land scepsis over de bedragen die Nikoloudis wil ophalen. Want er is tegenspoed.

Voor de zomer wil hij drie miljard euro aan achterstallige belasting innen. Dat is ondenkbaar, meent Charis Theocharis. Tot vorig jaar was hij de hoogste belastingambtenaar, nu parlementariër voor To Potami, een nieuwe pro-Europese middenpartij. ‘Dat bedrag haal je in een héél jaar nauwelijks binnen’, vertelt hij in zijn werkkamer. ‘In veel termijnen laten terugbetalen, dat is de manier. Dan druppelt het langzaam binnen, maar Syriza heeft haast. De zwakte van de Griekse politiek is er weer: te veel toezeggen.’

De oliesmokkel schat Nikoloudis eveneens driemaal te hoog in, vervolgt Theocharis: ‘Zijn intenties zijn eerlijk en goed, zo is de minister zelf ook; als oud-aanklager wil hij íedere zaak uitdiepen. Maar tijd is de vijand. Tegenslag? Op naar de volgende! De pressie is immens – dat vloeit voort uit beloftes.’

Het was tijdens de zaak-Lavrentiadis dat Nikoloudis in woede ontstak over de corruptie in zijn land. De zakenman Lavrentiadis kocht zich in bij een bank, plaatste er zijn eigen beheerders, en leende zichzelf en vrienden zeshonderd miljoen euro. ‘Het was als een blik met wormen’, zei de nieuwe anti-corruptietsaar erover. ‘Ik riskeer liever dat Grieken met hun poen naar het buitenland uitwijken’, vertrouwde hij persbureau Reuters toe, ‘dan te zien hoe de economie van mijn land op vuil geld en verdorven handel is gestoeld. De misdaadplegers die ik tegenkwam bleken gewoonweg allen rijk te zijn. Maar ik ga niet iedereen bevechten. Ik wil mijn neus niet breken; ik wil het systeem veranderen.’

Theocharis weet ervan. Vorig jaar joeg hij op de ‘clientèle’ van de regering, ontving doodsbedreigingen, maar nam die nooit serieus. De politieke druk om op te stappen nam toe, want in de opmaat naar de Europese verkiezingen bleef hij grote zakenmannen voor de rechter dagen. ‘Dat ergerde de regering en “toevallig” schreven kranten ineens hoe dom en onervaren ik was. Maar een belastinginspecteur kent geen verkiezingstijd.’

Medium 42 43518956
‘Laat Nikoloudis tegen de trojka zeggen: een paar miljoen voor meer employés kan een miljard opleveren’

Bij de hoge middenklasse valt het best te innen, denkt hij. ‘De puissant rijke jongens kennen de vluchtwegen, verplaatsen eenvoudig geld, nemen de duurste advocaten in de arm.’ Als zelfstandige is frauderen het simpelst; als dokter, notaris, of als loodgieter. Daarom moet je ze dwingen bonnetjes uit te schrijven, meent Theocharis. ‘Na een tijdje plaats je daar een revisor voor een week op kantoor, die een heel jaar inschat. Een enorm karwei, maar het sorteert effect.’

Nikoloudis wil het repertoire uitbreiden: op satellietbeelden speuren naar illegale zwembaden. Computers sturen naar de belastingdienst, die veelal met pen en papier werkt. gps-kastjes aan olievrachten vastklinken, raffinaderijen om meer data vragen. En hij heeft tachtigduizend Grieken op het oog, die tezamen 120 miljard euro in het buitenland stalden zonder het op te geven. In dat licht, meent Nikoloudis, is de notoire Lagarde-lijst – met tweeduizend Griekse rekeninghouders bij de Zwitserse bankhsbc – een voetnoot in de geschiedenis.

De Griekse reders behoren tot de rijkste ter wereld, en dragen geen belasting af – dat is verankerd in de grondwet. Waar Nikoloudis moet zoeken, zegt Theocharis, is in de zwarte markt om hen heen. ‘Ze kopen van alles met contant geld, niets stellen ze te boek. Meer is er niet te halen: herzie je de grondwet, dan varen ze plots onder een andere vlag.’

Vooral de eilanden zijn berucht om zwendel. Yanis Varoufakis, minister van Financiën, wil studenten en toeristen er undercover op af sturen. Theodoros Floratos gelooft niet in dit voornemen, maar als voormalig chef van opsporingsdienst sdoe kent hij de frustratie. De officiële inspecteurs rijden in staatsauto’s; staat er een op de veerpont, dan gaat dat na het aanmeren als een lopend vuurtje over het eiland. Ineens krijg je overal een bonnetje. ‘We gingen langs op Mykonos’, vertelt hij, ‘bij een chic restaurant, dat in een lang weekeinde drie ton omzet draaide. Zijn we er niet, dan is dat zogenaamd een tiende – zo verliezen we miljoenen aan btw-afdracht.’

In de plezierhavens liggen een paar duizend jachten waar niemand ooit belasting over betaalde, weet Floratos, en op zonnige en koude dagen ging hij er langs. Staat zo’n boot niet in de boeken, dan draagt de eigenaar alsnog af of de aanklager legt er beslag op. Tachtig miljoen haalde hij zo binnen, maar de lijst is erg lang. ‘Laat Nikoloudis tegen de trojka zeggen: een paar miljoen voor meer employés kan een miljard opleveren. Nu zijn de burelen onderbezet, terwijl de taak verdubbeld is.’

Volg het geld én je intuïtie, raadt hij inspecteurs aan. Een man strooit met biljetten, maar geeft een jaarsalaris van tienduizend euro op? ‘Volg hem, fotografeer hoe hij ’s avonds in een Porsche voorrijdt bij de bouzoukiclub, beschrijf het tafeltje met mooie jonge vrouwen en dure drank. Schets zijn leven.’ Terwijl Nikoloudis aast op volle bankrekeningen meent Floratos dat er juist bij de verhúlde rijken veel te halen valt. Die aangelegde dossiers zijn alleen wettelijk niet toegestaan. Een kleinigheidje, besluit hij: ‘Tijd voor een nieuwe wet.’

Schoorvoetend bekent Floratos dat zijn dienst ook zelf deel uitmaakt van het cliëntelisme. Veel burgers steken een inspecteur fakelaki toe, een ‘envelopje van geluk’, om de boel af te kopen. Nikoloudis schat dat de helft van de sdoe-werknemers fraudeert en overweegt een interne commissie. Er zijn medewerkers die twee ton per jaar bijverdienen. Ineens bouwen ze klein paleisje en rijdt zoon of dochter in een sportwagen. ‘Ik zal ze vragen in lijn met mijn principes te werken’, stelde Nikoloudis persbureau afp gerust. ‘Al veranderen sommigen nooit.’

Waar ze meedogenloos zegt te zijn voor de rijken wil Syriza genade tonen aan de armen. Van de vier miljoen Grieken met belastingschuld kán het merendeel niets aflossen. Bedrieg je om te overleven, dan is het oordeel mild. In maart publiceerden twee Griekse hoogleraren in samenwerking met het Düsseldorfse imk-instituut een onderzoek naar belastingdruk. Tussen 2008 en 2012, concludeerden ze, steeg die voor lage inkomens met 337,7 procent, tegenover negen procent voor hoge inkomens. Terwijl de samenleving verpaupert, schreven ze, verschijnen de rijken als winnaar van de crisis.

Neem Yiannis Tzianos, een reparateur van koelkasten, die op een dag door zijn rug ging. Al vijf jaar leeft hij zonder uitkering en zorgverzekering. Met vrouw en twee kinderen woonde hij in zijn geboortehuis aan zee, waar de bank hem uitzette. ‘Ook al slapen we bij mijn zwager’, vertelt hij, ‘de belasting op onroerend goed tikt door: drieduizend euro, inmiddels…’ Tel erbij op: achthonderd euro voor een hartonderzoek, 720 euro voor zwartrijden. Alle rekeningen staan open, maar de kip is kaalgeplukt. Boven Tzianos’ oor zit een goedaardig gezwel, zo groot als een tennisbal. Zijn vrouw peinst, bezorgd: ‘Schuiven we een chirurg geen duizend euro toe, onder tafel, dan duurt ’t tot sint-juttemis. Maar geld is er niet.’ Ze vertrekken per metro, en Tzianos toont zijn beduimelde kaartje: de stempel is een jaar oud.

Maar het is fout om enkel over grote corruptie te spreken, vindt Theocharis. Ofschoon hij vergevingsgezind is voor, zeg, de taaldocente die zwart lesgeeft om rond te komen, bestaat groot of klein niet – beide zijn omkoperij. ‘Nikoloudis moet het op alle niveaus te lijf gaan, tot het hoofd van de burger doordringen. Altijd is er iemand slechter dan jij, dat spoort niet tot verandering aan.’ Soms is er geen keuze: wil je een rijbewijs, dan vereist dat een envelopje voor de rijleraar – ook al verloopt het examen vlekkeloos. Anders laat hij je zakken. Praktijken als deze laten zich lastig uitroeien. Zoals ook het cliëntelisme niet in een oogwenk is ontmanteld. Het begin is er, nu een ‘schone’ partij de ministeries bemant. Maar ook Nikoloudis begrijpt dat hij het Griekse leven niet in een alomvattende greep kan nemen. ‘De alledaagse corruptie ga ik niet oplossen’, sprak hij berustend tegen afp. ‘Ik ben geen Don Quichot.’


Beeld: (1) Athene, februari. Panagiotis Nikoloudis: ‘Ik ben geen Don Quichot’ (Louisa Gouliamaki/ AFP / ANP); (2) Griekenland, dicht bij de haven van Piraeus. Mannen zoeken tussen het afval naar resten metaal (Aristidis Vafeiadakis / Corbis / HH)