‘We huilen om onze doden’, schrijft de inheemse Junior Yanomami in een wanhoopsbericht aan de wereld. ‘We huilen om onze kinderen. De moeders huilen. We huilen al maanden. Er zijn geen medicijnen. Er is geen eten. Niemand verdedigt ons tegen de indringers die ons land en ons volk kapot maken.’

Het is dan eind december 2022. Op 30 oktober heeft de linkse Lula da Silva nipt de presidentsverkiezingen gewonnen. Voor het eerst in de Braziliaanse geschiedenis benoemt hij een minister voor Inheemse Zaken, zelf een inheemse. Een internationaal bewonderde, eveneens inheemse activiste wordt straks minister van Milieuzaken. Een alom geprezen besmettingsdeskundige wordt de bazin op Volksgezondheid. Maar pas na Lula’s inwijding als president op 1 januari zal dit kabinet aantreden.

De verslagen extreem-rechtse president Jair Bolsonaro heeft zich mokkend in zijn paleis gebarricadeerd. Alom heerst angst voor een coup. Op 30 december vlucht Bolsonaro met het presidentiële vliegtuig naar Florida. Op 8 januari bestormen duizenden Bolsonaro-aanhangers het parlement, het presidentieel paleis en het hooggerechtshof in de hoofdstad Brasilia. Door koelbloedig optreden van Lula wordt een militaire staatsgreep op het nippertje afgewend.

Het is in deze hectiek dat de noodkreet van de jonge Yanomami verschijnt, over zijn volk dat ten onder gaat.

En dan verschijnen er opeens beelden. Mijn vriendin Claudete slaat haar handen voor haar gezicht. ‘Santo Cristo’, mompelt ze. Als voormalig straatkind in Rio weet ze heel goed wat armoede, angst en honger inhouden. Maar dit. ‘Het lijkt verdomme Biafra wel.’ We staren naar een foto van tientallen uitgemergelde kinderen. Hurkend op sprietbeentjes eten ze uit kommen kleine beetjes witte rijst. De schouderbladen steken als breekbare vleugeltjes uit hun ruggen. Een en al rib. Er is ook een foto van een kind in een hangmat. Niet meer dan een opgekrulde hoop botjes.

Nog meer kinderen, uitgeteerd, holle ogen, met magere ouders. Een verschrompelde baby aan de lege borst van zijn moeder. Beklemmend is ook de foto van de oude Yanomami-vrouw. Ze moet door iemand rechtop gehouden worden. Van haar benen is niets meer over dan botten. Haar naakte bovenlijf is weggeteerd tot een kapstok van vel. De vrouw kijkt recht in de camera. Maar haar ogen zijn al niet meer op deze wereld.

Het waren de Yanomami zelf die besloten deze foto’s te verspreiden. Zoals veel inheemse volken houden de geïsoleerd levende Yanomami niet van foto’s. ‘Een foto kan een instrument tot vervloeking zijn’, legt Junior Yanomami eind januari uit in een interview met de zender TV247. Als iemand sterft, vertelt hij, volgt er een dagenlang ritueel waarbij de gemeenschap huilt en afscheid neemt van de dode. ‘Daarna noemen we de naam van die persoon niet meer. We verbranden zijn of haar bezittingen en staan niet toe dat hun foto gedeeld wordt.’

Voor de zeer spirituele Yanomami verstoort het terugbrengen van de doden onder de levenden het hele evenwicht van de gemeenschap. Toch besloten ze tot de ‘extreme daad’ om deze foto’s te verspreiden. ‘Uit pure wanhoop’, zegt Junior. Hij is voorzitter van de gezondheidsraad van de Yanomami. ‘Hoe vaak heb ik als inheemse gezondheidswerker niet het lichaam van een kind aan zijn moeder moeten teruggeven en moeten zeggen: wij kunnen niets doen. Wij hebben geen eten, geen medicijnen tegen malaria, geen antibiotica tegen longontsteking, geen medicijnen tegen wormen of diarree. Hoe vaak hebben we samen gehuild om de doden.’

© Eigen beeld Yanomami
© Eigen beeld Yanomami

Junior en de zijnen hadden gelijk. De foto’s veroorzaakten een schokgolf. Als een gordijn dat opeens werd weggetrokken. Vier jaar lang had de regering-Bolsonaro de verschrikkingen verstopt achter onverschilligheid en leugens. Nu keken we recht in het gezicht van een uitstervende mensheid. In hun eigen beschermde gebied, met een grondwet waarin hun rechten verankerd zijn, met de boswachters van Ibama en de officiële indianenbescherming Funai die hen dienen te verdedigen.

Sinds de eerste contacten met de Yanomami in de jaren 1950 is de ‘witte man’ dodelijk voor hen. Eerst kwamen de houtkappers en de vele missionarissen die ziektes meebrachten. Vanaf 1964 was er de militaire dictatuur. De militairen ‘ontsloten’ de ‘nutteloze’ Amazone door wegen in het oerwoud te hakken. Zwermen kolonisten werden gelokt met de leus: ‘Land zonder mensen, voor mensen zonder land.’

De inheemsen, die er al duizenden jaren leefden, waren dus geen ‘mensen’ maar een ‘probleem’. ‘Als de Braziliaanse cavalerie ze net zo efficiënt had uitgeroeid als de Amerikaanse hadden we nu dat indianenprobleem niet gehad’, zei de voormalige paratroeper Bolsonaro al jaren geleden. Volken die in de weg zaten werden door de militairen ‘opgeruimd’. Soms werden ze moedwillig besmet met mazelen, vergiftigd met strychnine, of simpelweg platgebombardeerd.

Na de terugkeer van de democratie werd het territorium van de Yanomami in 1992 eindelijk gedemarqueerd. De ongeveer dertigduizend Yanomami leven in een beschermd gebied zo groot als twee keer Nederland. Ze wonen er in 378 autonome gemeenschappen verspreid door het oerwoud. In hun levensonderhoud voorzien ze met jagen op onder meer miereneters, herten en apen. Een fundamenteel voedselonderdeel is de vis die ze vangen in de rivieren. Ook hakken ze rond de gemeenschapshuizen waarin ze wonen kleine moestuintjes uit. Omdat de grond in de Amazone niet erg vruchtbaar is, verhuist een gemeenschap om de zoveel jaar naar een andere plek.

Volgens antropologen heeft het volk een ‘indrukwekkende botanische kennis’. Meer dan vijfhonderd plantensoorten worden gebruikt voor medicijnen. ‘Onder normale omstandigheden lijden de Yanomami geen honger’, zegt Survival-directeur Fiona Watson die al dertig jaar met de Yanomami werkt. ‘Ze zijn experts in jagen en verzamelen en hebben een uitstekende gezondheid.’

Hoe kan het dan dat er 577 Yanomami-kinderen zijn gestorven aan ondervoeding en ziekte? Volgens Junior, en ook de minister van Volksgezondheid, zijn het er trouwens vele malen meer. Duizenden zieke en hongerende Yanomami zijn naar ziekenhuizen in de stad overgebracht.

Na de publicatie van de foto’s vliegt Lula onmiddellijk naar de deelstaat Roraima, waarin het Yanomami-gebied ligt. Samen met zijn verantwoordelijke ministers roept hij de noodsituatie uit. De hel van Dante opent zich. Tachtig procent van de kinderen blijkt zwaar ondervoed. Iedereen in het gebied heeft malaria. Toestromende gezondheidswerkers zien kinderen bij wie de buikwormen uit de mond kruipen. Mensen hebben puisten en uitslag op hun huid. Bijna alle kinderen hebben kale plekken op het hoofd. De versufte, uitgedroogde mensen zijn verlamd door honger en dorst. ‘Dit is meer dan een humanitaire crisis’, zegt Lula met een rauwe stem. ‘Wat ik hier zie is genocide. Een misdaad met voorbedachten rade tegen het Yanomami-volk.’

Illegale mijnwerkers vertrekken van hun garimpeiro op Yanomami-land in Porto di Arame, Roraima, 12 februari © Amanda Perobelli / Reuters

Een jaar voor zijn aantreden in 2019 kondigde Jair Bolsonaro het al aan: ‘Het zijn niet die klote-indianen of die kutbomen die de Amazone belangrijk maken. Het gaat ons om de grond en de bodemschatten die erin zitten.’ Tijdens zijn verkiezingscampagne herhaalde hij nog eens specifiek: ‘Roraima is de armste deelstaat van Brazilië, terwijl die indianen met hun Yanomami-reservaat op de rijkste goudader ter wereld zitten. Daar maak ik een einde aan verdomme.’Garimpo heet de illegale mijnactiviteit waar honderdduizenden Brazilianen zich aan overgeven. Op zoek naar goud ontbossen ze grote stukken oerwoud. Ze graven kraters die ze volspuiten met water, leggen rivierbeddingen om of baggeren de rivieren uit. Vroeger gebeurde het goud zoeken met een zeef waarin de gouddeeltjes achterbleven. Nu gaat het met grote, luidruchtige machines die met dieselgeneratoren worden aangedreven. Om de minuscule gouddeeltjes te binden wordt kwik gebruikt. Dat komt vervolgens in de bodem, de rivieren en de kreken terecht. Daarna wordt het kwik-goudamalgaam verhit, waarbij giftige dampen vrijkomen die ook weer neerslaan in de natuur.

In de vier jaar dat Bolsonaro aan de macht was, trokken in het beschermde gebied van de Yanomami meer dan twintigduizend van deze illegale garimpeiros binnen. Mijnbouw plegen in inheems gebied is driedubbel verboden. Niemand mag zo’n gebied zonder toestemming van het volk betreden. Verder ligt het verbod vast in de grondwet. Ten derde zijn open mijnactiviteiten niet toegestaan vanwege de verwoesting die ze aanrichten en het giftige kwik.

‘We zijn bang om zieke vissen te eten. Onze kinderen verliezen hun haar. Ze hebben bulten. De rivieren zijn geel van modder en gif’

‘Ze kwamen, opgehitst door Bolsonaro’, vertelt Junior. ‘Hij zei dat het goed was. Hij heeft hier zelfs illegale garimpeirokampen bezocht.’ In 2020 diende Bolsonaro een wet in om open mijnbouw in inheemse gebieden te legaliseren. Als voorschot hierop liggen er mijnbouwclaims op tachtig procent van het Yanomami-territorium. ‘Waar indiaans land is, daar zit rijkdom onder’, stelde Bolsonaro, die er prat op ging zelf ooit een garimpeiro te zijn geweest. ‘Die rijkdom is voor óns, om te groeien.’

Wie ooit in een garimpo-gebied is geweest, weet dat het om een harde levenswijze gaat. Alcohol, wapens, drugs en prostitutie maken standaard deel uit van het illegale garimpeirobestaan. ‘Wij zijn de cowboys van de jungle’, vertelden de mannen die ik een paar jaar geleden in hun modderige kamp opzocht. Overal slingerden vuurwapens en messen. En alles werd er betaald in grammen goud. ‘Het is zwaar werk, maar wij zijn vrij. Het is verslavend. Het ene moment heb je niets. Maar de volgende dag vind je opeens tien gram. Dan koop je alle vrouwen en drank die je wil. En daarna heb je dus weer niets’, bulderden ze van de lach.

In de afgelopen jaren werden in Yanomami-gebied honderden van deze kampen opgetrokken. In het stilstaande water van de kraters broedt de malariamug. De wilde dieren waarop de Yanomami jagen worden verdreven door het gestamp van de machines. Het kwik vergiftigt water en vissen. ‘Meneer, het is of de ogen van onze vissen los zitten’, luidde de getuigenis van een Yanomami-vrouw die Junior optekende. ‘We zijn bang om zieke vissen te eten. Onze kinderen verliezen hun haar. Ze hebben bulten. Ook het water is ziek. De rivieren zijn geel van modder en gif. Als onze bosaarde ziek is, worden we allemaal ziek.’

Yanomami ontvangen voedselhulp van de Braziliaanse regering, Roraima januari 2023 © Marcelo Correia / ANP

De getuigenis maakt deel uit van meer dan veertig brandbrieven die Junior naar de autoriteiten stuurde, met de smeekbede om de garimpeiros weg te halen. In mei 2021 berichtte hij over een gewapende aanval van garimpeiros op het dorp Palimiú. ‘De gemeenschap legde ’s nachts contact met me. Op de achtergrond hoorde ik schoten’, vertelt hij in een filmpje dat door een solidaire antiracismegroep op sociale media werd gezet. ‘Twee kinderen verdronken toen ze in de rivier vluchtten. De garimpeiros kwamen met vijftien tot achttien boten.’

Op een filmpje dat later circuleerde was een groep doodsbange vrouwen te zien die met baby’s in hun armen het bos in vluchtten. ‘Niemand kan hen verdedigen. Wij staan met pijl en boog tegenover mensen met kalasjnikovs.’

Dat jaar maakte Junior bij de autoriteiten elf keer melding van het verdrijven van de inheemse bevolking uit hun dorpen door gewapende garimpeiros. ‘De politie doet niets. Eén keer kwam het leger. Ze keken twee uur en gingen weer weg.’ Veel dorpen zijn geïsoleerd en zonder communicatiemiddelen. Wat daar is gebeurd, weet hij niet. ‘Ik kan daar niet naartoe, omdat de garimpeiros mij bedreigen. Misschien zijn ze daar nu wel allemaal dood.’

Het jaar daarop meldde Junior de dood van een meisje van twaalf. De garimpeiros kwamen haar dorp binnen en verkrachtten het kind tot ze dood was. Daarna verdwenen ze in hun boten. Ze roofden twee vrouwen met hun dochtertjes van vier en zes mee voor hun bordelen. Het meisje van vier verdronk. ‘Misschien doordat zij en haar moeder zich in de boot verzetten.’ Toen Junior een paar weken later de politie had overtuigd om samen met hem te gaan kijken, lag het hele dorp in de as. Alle bewoners waren verdwenen. ‘Waarschijnlijk ontvoerd door de garimpeiros’, zegt Junior. Toch weigerde de politie in de garimpeirokampen te gaan kijken.

Waar bleef de Funai intussen, de overheidsdienst die de inheemse volken bij wet moet beschermen? ‘Ze kregen de opdracht het omgekeerde te doen’, zegt de inheemse Joenia Wapichana. Zij is door Lula tot nieuwe baas van de Funai benoemd. Tijdens het televisie-interview staan de tranen in haar ogen. ‘De Bolsonaro-top van de Funai beval zijn werknemers de invasie van garimpeiros overal toe te staan. Ze moesten juist níet hun werk doen. Wie niet gehoorzaamde werd vervolgd.’ Zoals Bruno Pereira, de Funai-beschermer die vorig jaar samen met de Britse journalist Dom Phillips in de Amazone werd vermoord. ‘Absurd’, zegt Wapichana hierover. ‘Bruno is dood, maar zijn vervolging ging door.’ Ook zij schat dat het dodental onder de Yanomami in de duizenden loopt. ‘Het was een aangekondigde tragedie.’

De lijst van sabotage en ‘wegkijken’ is dan ook schrikbarend. Zo werd de rekrutering van de bemanning van de gezondheidsposten overgelaten aan een evangelische missie. Ze kregen er omgerekend 145 miljoen euro voor. ‘Fraude’, zegt Junior. ‘Al twaalf jaar proberen ze met hun missieposten onze hoofden te verwarren met Jezus en God. Maar dokters en verplegers hebben we de laatste vier jaar niet gezien.’

Al in Bolsonaro’s eerste jaar signaleerde de Funai in een rapport dat er in veel gemeenschappen honger was, malaria heerste en er geen medicijnen en gezondheidswerkers waren. Het rapport ging door de versnipperaar. Zoals de Funai de laatste vier jaar alle waarschuwingen die er binnenkwamen negeerde.

Tijdens de coronacrisis beval het Hooggerechtshof dat de inheemse bevolking ‘binnen twee weken’ gevaccineerd moest worden en de indringers hun gebied moesten worden uitgezet. Ook dat ging door de versnipperaar. Wel werden de Yanomami ‘preventief’ ingespoten tegen covid met het nutteloze maar door Bolsonaro bewierookte malariamedicijn chloroquine. Gevolg: met de malaria-uitbraak is er nu een schrijnend gebrek aan chloroquine. Door de Funai ingehuurde verplegers zijn bovendien betrapt op het massaal doorverkopen van de covidvaccins aan garimpeiros in ruil voor goud. Ook hiermee is niets gebeurd. Zo ging het maar door. Nog drie keer beval het Hooggerechtshof de garimpeiros weg te halen. Er gebeurde niets.

In mei 2022 ging zelfs de hoge VN-commissaris voor de Mensenrechten naar Yanomami-gebied. Hij was ‘geschokt’ door de vele gevallen van ondervoeding die hij aantrof. Hij noemde het massale seksueel misbruik van inheemse vrouwen en meisjes en de verspreiding van alcohol en drugs door de garimpeiros ‘dramatisch’. Ook dat richtte niets uit. ‘De situatie van de Yanomami is al honderden jaren dramatisch’, snauwde Bolsonaro’s minister van Mensenrechten en Familie, ook een missionaris.

‘Woensdag nog hebben we een helikopter van drie miljoen dollar opgeblazen die de garimpeiros hadden verstopt.’ Opeens is daar de moedige boswachter Hugo Loss op televisie. Hij blijkt een van de leiders te zijn van de door de nieuwe president Lula bevolen mega-operatie om eindelijk de twintigduizend garimpeiros uit Yanomami-gebied te jagen. ‘We sluiten hun aanvoerroutes af en vernietigen hun materieel’, zegt Loss.

Precies hetzelfde deed hij twee jaar geleden in het inheemse Munduruku-gebied. Maar toen werd hij daar door de nieuwe leiding van de boswachters voor gestraft. Ik sprak hem toen anoniem via versleutelde apps, omdat het de boswachters streng verboden was te praten. Hij vertelde over het angstklimaat en de vervolgingen. Hoe de geldkraan was dichtgedraaid en het leger, zonder enig verstand van zaken, hun werk saboteerde.

‘De boswachters zijn terug’, zegt Loss stralend. Het is het motto van de nieuwe milieuminister Marina Silva. Achter Loss zijn beelden te zien van opgeblazen machines en ontmantelde kampementen. ‘Zo leg je niet alleen de garimpo’s plat, maar tref je ook hun financiers’, verklaart hij. Het grote verschil is ook dat de boswachters, de politie en de Funai niet zoals vroeger maar een paar dagen of een week blijven. Het plan is dat er vaste operatieposten in het gebied komen om de Yanomami blijvend te beschermen. ‘Als je naar die mensen kijkt, breekt je hart’, zegt Loss. ‘Dit mag nooit meer gebeuren.’

Verstandig genoeg heeft Lula het leger van de operatie uitgesloten. Ze mogen alleen de boten, helikopters en vliegtuigen aanleveren. Een uitgelekt rapport van de inlichtingendienst laat zien hoe nauw de banden tussen leger en garimpo’s zijn. Veel soldaten en garimpeiros hebben intensieve familierelaties. Officieren tot de hoogste echelons waarschuwen de garimpeiros tegen betaling als boswachters en de Funai operaties hebben gepland, zodat ze hun dure machines op tijd kunnen verstoppen. ‘Lula heeft het leger gereduceerd tot e-foodbezorgers voor indianen’, jammeren de Bolsonaro-aanhangers. Tot voor kort riepen ze voor legerkazernes in het hele land op om een militaire coup tegen de linkse president te plegen.

Inderdaad werpen legervliegtuigen nu voedselpakketten uit boven de moeilijk toegankelijke gemeenschappen. ‘Blikken sardientjes’, zegt Junior gelaten. ‘Waar we eerst onze eigen vissen vingen.’ Volgens hem zal het nog minstens vijftig jaar duren voordat de rivieren hersteld zijn. ‘Maar nu gaat het er eerst om dat onze kinderen in leven blijven.’