Opheffer

Ik zou geld weggooien

Ja, het is in mijn omgeving voorgekomen: een vriendin, P., die ik goed ken, is door de loterij miljonair geworden. Van niets op zes miljoen. Mijn vingers jeuken, want ik maak haar nu veertien dagen mee en ik denk de hele tijd: ik maak hier een roman mee.

Grote vraag is: wat moet ik met al dat geld? Anders gezegd: hoe richt ik mijn leven in? Haar grote angst is nu dat haar man haar verlaat. Ze heeft daar twee redenen voor. Eén: hij gaat met mijn geld patsen, wordt populair bij jonge vrouwen en verlaat mij dan voor zo’n jong ding, want heeft mij niet meer nodig. Twee: dat wordt nog eens in de hand gewerkt doordat niet hij het geld heeft gewonnen maar ik, en dus is zijn ego aangetast. Haar tweede grote angst is dat haar vrienden haar niet meer willen kennen. Ze vroeg mij advies.

Het vreemde is dat het waarmaken van je dromen geen geld kost, maar moeite. En moeite kun je niet kopen met geld. Een goed schrijver zijn, een goede politicus, een goede filmer of een goede schooljuffrouw is niet te koop. P. wilde meteen dure scenariocursussen in Amerika volgen, wat ze zeker moet doen, maar waar je niets aan hebt als je echt films wilt maken.

Wat je daarentegen wél met geld kunt kopen, is juist het niet waarmaken van je ambitie. Je kunt tot je dood op vakantie gaan, niets doen, in het café zitten — wat elke uitkeringstrekker ook kan.

Na vele gesprekken met mij (ik vraag mezelf de hele tijd af of ik nu niet mijn duivelse kant laat zien) is P. er min of meer van overtuigd geraakt dat je, als je geld hebt, beter een droom van iemand anders kunt waarmaken dan je eigen droom als die niet met geld te bekostigen is. Je kunt beter een miljoen aan een filmmaker geven dan zelf voor een miljoen een film maken. Haar man is hier dus helemaal niet van overtuigd. En hij vindt nu het contact tussen mij en P. niet prettig, zoals hij heeft gezegd. (Ha, de eerste scheurtjes, dacht ik meteen.) Wel zijn hij en ik het erover eens dat je in elk geval een bedrag moet reserveren voor de oude dag.

Maar de rest van het geld, wat moet daarmee…?

Een huisje kopen in Frankrijk? Goed, vijf ton, waarom niet.

Twee mooie auto’s… Nee, onhandig… Eén mooie auto dan… Oké. En een mooie fiets. En wat verder… Een mooi huis hebben ze al. Kinderen willen ze niet. Een restaurant? Hebben ze gehad — dat nooit meer. Een eigen atelier. Hebben ze net met veel moeite. Er moet gewoon gewerkt worden. Een galerie dan. Nee, alle galerieën zijn corrupt, trouwens ze maken kunst uit hobby want ze weten zelf wel: zo goed is het nou ook weer niet wat we maken. Wat dan?

Wat zou ik doen? werd me gevraagd. Ik zou natuurlijk (dat zweer ik) De Groene geld geven; Theo van Gogh steunen met een nieuwe film, en aan dat soort projecten nog meer geld weggooien. Je moet geld kunnen weggooien.

Maar dat kunnen ze niet. Ze willen iets nuttigs doen, maar weten niet wat dat is. Laatste bericht: dat huisje in Frankrijk vinden ze eigenlijk ook niks. Ze hebben ontdekt dat ze toch liever elke vakantie naar een andere plek willen dan steeds naar zo’n huisje.

«Als je wilt, heb je vanaf nu altijd vakantie», zeg ik.

Nee, ze willen hun baan niet opgeven. En investeren in films zien ze ook niet zitten. P. wil nu voor anderstalige kinderen met leesstoornissen een cursus ontwikkelen. Dat wilde ze toch al doen. In haar vrije tijd. Ze doet het nu ook in haar vrije tijd.