De toekomst van Turkije

In de schaduw van Atatürk

De Turkse regering wil ingrijpende veranderingen aanbrengen in de grondwet. Waarschijnlijk kan de bevolking zich hierover voor de zomer in een referendum uitspreken. Betekenen de wijzigingen meer democratie of meer islamisme?

De telefoon gaat. Aan de andere kant van de lijn is een kennis die ik lang niet heb gesproken. Hij komt snel ter zake: ‘Jij schrijft voor Europese bladen, je houdt dit soort dingen goed in de gaten. Ik heb slapeloze nachten door die kwestie van de nieuwe grondwet. Worden we nu een democratischer land of gaan de islamisten de sharia invoeren?’ Ik vraag hem of hij in 1982 oud genoeg was om te stemmen bij het referendum over de invoering van de grondwet die nog steeds van kracht is. Hij was niet alleen oud genoeg, maar heeft ook vóór de invoering van die grondwet gestemd.

  1. Het jaar waarin die kennis van mij 22 jaar oud was en tevens het jaar waarin vijf generaals na de door hen gepleegde staatsgreep van twee jaar eerder het volk lieten stemmen over het wel of niet invoeren van de grondwet die in opdracht van hen was geschreven. In die twee jaar tussen 1980 en 1982 hadden de coupplegers de gevangenissen van het land volgepropt met politieke gevangenen. Duizenden voornamelijk linkse progressieve jongeren en Koerden werden in die gevangenissen dag in, dag uit gemarteld. Honderden van hen kwamen daarbij om, tientallen werden na processen, waarbij de vonnissen van tevoren vaststonden, opgehangen. De militaire leiding wilde een van de jongeren zo graag ophangen dat zijn leeftijd door een rechter met een jaar werd verhoogd, zodat de jongen achttien werd en dus naar de galg kon. In die twee jaar werden ook alle politieke partijen verboden. De vakbonden werden gesloten. De universiteiten werden onder het bewind gesteld van de handlangers van het leger. Nadat de militairen dit alles hadden verwezenlijkt en zij voor hun gevoel een 'goede schoonmaak’ hadden verricht, lieten ze het volk stemmen voor hun eigen grondwet. Volgens die grondwet zouden de coupplegers een levenslange onschendbaarheid krijgen, de allerhoogste van die vijf generaals zou de nieuwe president van het land worden, de universiteiten zouden op dezelfde manier bestuurd worden als kazernes, vakbonden zouden niet meer bestaan en de politieke leiders van het land zouden voor altijd uit de politiek verbannen zijn. De Veiligheidsraad werd in het leven geroepen, een raad van militairen en belangrijke politieke leiders, maar wel met de militairen in de meerderheid. De raad moest bij belangrijke kwesties bepalen wat de koers van het land zou worden. Dus ook na de opening van het parlement en het hervatten van de 'democratie’ zouden de generaals de macht houden. Het Turkse volk mocht in het najaar van 1982 kiezen of de grondwet van de generaals wel of niet ingevoerd moest worden. Voorafgaand aan het referendum werd het bekritiseren van de tekst verboden, en tijdens het referendum stonden soldaten toe te kijken wat de mensen stemden. Niet alleen mijn kennis heeft op die dag voor de grondwet gestemd, een grote meerderheid van de Turken deed dat: 82 procent zei ja tegen de militaristische tekst. Nu, bijna dertig jaar later, wil de huidige politieke leiding deze grondwet op een aantal punten veranderen.

Die kennis van mij is niet tevreden met een telefoongesprekje. Hij wil koffie met me drinken, want hij wil graag besluiten wat deze regering wil en hoe de 'Europeanen’ deze kwestie benaderen. Zetten de islamisten, met premier Tayyip Erdogan aan het hoofd, deze stap om Turkije helemaal over te nemen en langzaam de wetten van de koran in te voeren? Of horen de veranderingen bij het proces van integratie in de Europese Unie?
In een café in het centrum van Istanbul bestellen we Italiaanse cappuccino. Er waait een licht briesje. Hij steekt een sigaret van Amerikaanse makelij op. Ik lepel de opgeklopte melk op en zeg: 'Heb jij wel recht van spreken? Je hebt in 1982 op de grondwet van de coupplegers gestemd.’
Hij antwoordt: 'Bijna alle Turken hebben dat gedaan. Als jij toen de leeftijd had gehad om te mogen stemmen, had je het vast ook gedaan.’
Hij lepelt niet, maar slurpt van de opgeklopte melk. De melk laat een dun wit spoor achter op zijn krachtige snor. In de verte, aan de andere kant van het water, zijn drie kazernes te zien waar de militairen dertig jaar geleden hun plannen maakten om het land voor altijd op het 'juiste pad’ te houden. Turkije mocht niet meer ontsporen, de jeugd mocht zich niet meer bezighouden met verderfelijke buitenlandse ideologieën. In de kazernes braken ze zich het hoofd over een grondwet die waterdicht was. Want de grondwet die door de militairen van een generatie eerder was opgesteld was niet streng genoeg.
Die militairen van een generatie eerder hadden hun grondwet in 1961 ingevoerd. Ook na een staatsgreep. In dat jaar werd de eerste gekozen premier van het land, Adnan Menderes, opgehangen door het leger. De generaals vonden ook toen dat Turkije ontspoorde. In tien jaar van experimenteren met democratie was het parlement te veel afgedwaald van het gedachtegoed van Mustafa Kemal Atatürk, de stichter van de Turkse republiek. Om te voorkomen dat dit ooit weer kon gebeuren kozen ze de rechterlijke macht als bondgenoot. Het Constitutionele Hof waarvan de leden door de president - bijna altijd een ex-generaal - werden gekozen, werd in het leven geroepen. Het Hof moest waken over de staatsideologie.

In het café waar we zitten, komen altijd Turken uit de betere kringen die twee euro kunnen neertellen voor een kopje koffie. Er worden kranten gelezen die een sterk nationalistische kleur hebben en de seculiere elite aanspreken. Daarin staat ook vandaag dat de regering met de beoogde veranderingen in de grondwet een slimme zet probeert te doen om de onafhankelijkheid van de hoogste rechters, zoals die van het Constitutionele Hof, aan diggelen te slaan. Volgens de kranten wil de regerende AK-partij het Turkse rechtsapparaat op deze manier naar haar hand zetten. De columnisten schrijven dat de fundamenten van de republiek van Atatürk in gevaar zijn. De republikeinse leiders zweren dat ze de veranderingen zullen tegenhouden.
Ze gaan zo ver in dat streven dat sommigen onder hen zeggen dat zelfs als de meerderheid straks voor de veranderingen zal stemmen, zij naar het Constitutionele Hof zullen stappen om de keuze van het volk ongeldig te laten verklaren. Alle veranderingen aan de huidige grondwet druisen immers in tegen het principe van de grondwet dat er niet getornd kan worden aan de grondwet. De rechters kunnen het referendum dus op hun gemakje tenietdoen.
De zaktelefoon van mijn kennis gaat over. Hij staat op en gaat iets verderop praten. We hebben nog geen woord gewisseld over de kwestie van de grondwet. Ik vermaak me maar met de schizofrene man die een obsessie heeft voor mij. Elke keer als ik hier kom, stapt hij op me af. Ik begin te denken dat hij hier de hele dag op mij wacht. Met doordringende blauwe ogen kijkt hij naar mij en herhaalt dezelfde dingen: 'Ik ken u heel goed. Geef me de kans om u tot mijn dood te dienen. Maak mij uw ridder, waarde heer.’ Ik zou hem wel weg willen sturen om een pakje sigaretten te halen, maar hij maakt zo'n ontroerende indruk met zijn gebogen rug en zijn dunne, slappe benen. We praten maar wat over zijn kinderen die hem nooit komen opzoeken.
Ik zeg tegen hem dat hij iets weg heeft van Mustafa Kemal Atatürk. Die had ook blauwe ogen. Hij is zo blij als een kind. Zo blij dat hij de zee voor ons zou willen oversteken om sigaretten voor me te halen. De zee die Atatürk zo lang geleden ook is overgestoken om de bevrijdingsoorlog te beginnen tegen de Grieken. Iets verderop heeft hij de boot genomen die hem naar het stadje aan de Zwarte Zee bracht van waaruit hij de oorlog organiseerde. Om een paar jaar na de gewonnen oorlog zijn eigen grondwet te laten schrijven. De eerste grondwet van de Turkse republiek.
Atatürk maakte in 1924 zijn eigen ultra-nationalistische grondwet die zei dat er alleen Turken woonden in Turkije en dat het leger de republiek moest behoeden tegen, onder meer, het gevaar van het islamfundamentalisme. In 1961 vonden de 'collega-zonen’ van generaal Atatürk zelfs de grondwet van Atatürk niet goed genoeg en omarmden de rechters om het zwaar nationalistische systeem nog beter te beschermen. In 1982 waren het de 'collega-kleinkinderen’ van Atatürk die de verbeteringen van de collega-zonen niet toereikend vonden en dus ook het parlement onder controle stelden van de Veiligheidsraad.

Mijn kennis is uitgebeld. De schizofreen is weg, niet om sigaretten te halen maar om verderop naar straatmuzikanten te luisteren. Het begint te motregenen. Mijn kennis begint te klagen over zijn vrouw en zijn schoonmoeder: 'Die verdomde vrouw probeert al jaren mijn gezin kapot te maken. Ik snap het niet. Wat heeft ze eraan als we straks gescheiden zijn. Ik hoop dat ze in de hel brandt, dat teringwijf…’
Ik wil weten wat hij gaat stemmen over een paar maanden. Gaat hij de plannen van de regering steunen om de macht van de rechters en de generaals te doen afkalven? Mogen de nog levende coupplegers van 1980 veroordeeld worden, zoals de regering van plan is met de nieuwe grondwet? Mogen alle ambtenaren straks lid zijn van een vakbond? Kortom, zou hij ervoor voelen dat de twee producten van de generaals uit 1961 en 1980 in de vuilnisbelt worden gegooid? Mag Turkije een land worden waarin de rechters niet in dienst zijn van de generaals? Mag de rechterlijke macht een afspiegeling zijn van de maatschappij?
Ik wil weten hoe hij hierover denkt omdat ik weet dat het gros van de republikeinse Turken op deze kennis van mij lijkt. Hij zegt in alle eerlijkheid: 'Ik had voor deze veranderingen gestemd als we een gewone pro-Atatürk-regering hadden gehad. Ik vertrouw deze gasten niet. Wat ze ook doen, wat ze ook zeggen, ik vertrouw ze niet. Ik weet heus wel dat als het er echt om gaat een tiental rechters en een paar generaals de baas zijn in Turkije. Maar ik heb liever die rechters en de generaals dan islamisten die zich straks met mijn alcoholgebruik gaan bemoeien.’
Alcohol, het woord is gevallen. We gaan naar een plek waar het bier lekker is. Hij begint weer over zijn relatieproblemen. Ik wens dat die oude schizofreen hier was en alcohol dronk met ons. Door in zijn ogen te kijken kun je namelijk een reis in de tijd maken en aan de eettafel van Atatürk verschijnen. Een tafel waar de alcohol rijkelijk vloeide. Een tafel waar niemand de man kon tegenspreken. Een tafel waar bepaald werd dat er geen andere volkeren waren dan de Turken. Daar aan de eettafel zijn ook de fundamenten gelegd voor de staatsideologie waar de grondwet van toen en de grondwet van nu en ook de grondwet van de toekomst op zullen rusten.
Mijn kennis heeft opeens een prachtige ingeving. Hij roept: 'Waarom nemen we niet gewoon de grondwet van de Europese Unie over? We willen toch tot de EU toetreden, nou dan nemen we toch nu meteen hun grondwet over? Zijn we ook af van al het gezeik hier.’
De informatie dat Turkije in zo'n geval een grondwet gaat krijgen waar niet in staat dat Turkije een natie van Turken is en dat behalve de zeer kleine christelijke minderheden iedereen een Turk is, en waarin niet wordt vermeld dat de beginselen van Atatürk tot in de eeuwigheid het beleid van Turkije zullen bepalen, maakt dat mijn kennis een zuur gezicht krijgt. 'Heeft die hele Europese Unie geen staatsideologie?’ vraagt hij verbaasd. 'Nee’, zegt hij vervolgens. 'Ik kan me geen Turkije voorstellen met een grondwet waar de naam van Atatürk niet in staat. Dan maar geen Europese Unie voor Turkije.’
De regering kan proberen om de constitutionele verrichtingen van de generaals uit 1961 en 1980 te schrappen, maar aan het gedachtegoed van Atatürk kan vooralsnog niemand komen. Het volk niet, de regering niet, de Europese Unie niet, de meeuwen boven de Bosporus niet, de schizofreen met de prachtig blauwe ogen en de gebogen rug niet, die kennis van mij niet en ik helemaal niet.
De regen stopt. Mijn kennis vertrekt naar zijn vrouw die onder invloed staat van haar zeurende moeder. De schizofreen zie ik helaas niet meer. De straatmuzikanten spelen: 'Kom met me mee naar de kroeg, ik kan wel wat pret gebruiken…’


Hervorming van de Turkse grondwet

Het moet moeilijker worden om politieke partijen te verbieden. Dat is een eis van de Europese Unie, maar ook gewenst door de islamitische AK-partij omdat zij zelf bijna verboden dreigde te worden. Met het voorstel moet een commissie – bestaande uit vijf politieke partijen – met een tweederde meerderheid instemmen.
De hoogste rechterlijke macht benoemt de hogere rechters. De EU wil dat dit hervormd wordt, om de onafhankelijkheid te waarborgen. De AK-partij stelt voor het aantal rechters uit te breiden van 5 naar 21. Een manier om de boel over te laten nemen door conservatieve rechters die de islamitische agenda volgen, zeggen critici. Het hoogste rechterlijke college is tegen deze hervorming.
Het leger is onaantastbaar in Turkije, maar de hervormingen zouden dit moeten beperken. Militair personeel zou voor een civiele rechtbank gedaagd kunnen worden, in plaats van slechts een militaire rechtbank. Het Constitutionele Hof is hier tegen. Het leger zelf uiteraard ook, dat vreest voor politiek getinte rechtszaken tegen officieren.
De hervormingen richten zich ook op het Constitutionele Hof – de waarborg voor Turkije’s seculiere karakter. De president en het parlement zouden in de toekomst alle leden van het Hof mogen aanwijzen. De president zou zelfs de meerderheid van de leden mogen aanwijzen. Volgens critici geeft dit hem te veel macht om de koers te bepalen.