H.J.A. Hofland

In de val van Afghanistan

Eind 2007 was het zo ver: het kabinet besloot dat de Nederlandse militaire missie tot de zomer van 2010 in Uruzgan zal blijven. Ter gelegenheid van de historische gebeurtenis lieten de ministers Balkenende, Verhagen, Van Middelkoop en Koenders een soort staatsieportret maken. Op de achtergrond twee borden met de teksten ‘Samen werken Samen leven’. In Amerika was de strijd om de opvolging van George Bush begonnen. Zelfs de beste helderziende had er geen flauw idee van wie de nieuwe opperbevelhebber zou worden. De volgende neoconservatief? Een Democraat? En dan wie? Ook toen ging het niet goed in Afghanistan. Je kon er in ieder geval zeker van zijn dat de politiek, tactiek en strategie zouden veranderen. Maar hoe? Onze ministers namen al een jaar van tevoren, op kosten van 1700 soldaten, een voorschot op de goede afloop. Je moet maar durven in Den Haag.
Afgelopen weekeinde was in München de conferentie over veiligheidsvraagstukken. Vice-president Joe Biden voerde de Amerikaanse delegatie aan en verder waren daar Richard Holbrooke, de speciale gezant voor Afghanistan en Pakistan, en de opperbevelhebber, generaal David Petraeus. Nederland was vertegenwoordigd door de ministers Verhagen en Van Middelkoop. Het eerste doel van de Amerikanen was meer vertrouwen van de internationale gemeenschap te winnen en de breuken van acht jaar in het Atlantische bondgenootschap te herstellen. Te oordelen naar de eerste reacties is dat redelijk gelukt. Maar daarmee is het probleem Afghanistan niet opgelost.
Deze week hebben de Pakistaanse Taliban een video gepubliceerd waarop te zien is hoe de Poolse geoloog Piotr Stanczak wordt onthoofd. Het nieuws is nauwelijks tot Nederland doorgedrongen. De Taliban opereren ook in Pakistan. Via de stad Quetta, niet ver van de Afghaanse grens, wordt met tersluikse medewerking van de Pakistaanse geheime dienst geravitailleerd. Er moeten, zeiden de Amerikanen in München, veel meer troepen komen. Afghanistan is volgens Holbrooke moeilijker dan Irak. Hier zal over de toekomst van de Navo worden beslist. De coördinatie lijkt op het ogenblik nergens op. Hij had, zei hij, nog nooit zo’n rotzooi gezien. Petraeus was ervan geschrokken hoe sterk de afgelopen twee jaar de situatie achteruit was gegaan: ‘This country is a graveyard of empires.’ Ik citeer uit de International Herald Tribune.
De Amerikaanse strijdkrachten zullen nu met 30.000 man worden versterkt. Dat brengt het aantal op 66.000. De Navo heeft er 32.000. Volgens de laatste berichten is Petraeus van plan de troepen in Afghanistan te versterken, zoals hij dat ook in Irak heeft gedaan – de ‘surge’, die daar in zekere mate succes heeft gehad. In welke mate weten we niet. Het bezwaar tegen de Amerikaanse militairen in Afghanistan is dat ze er, terwijl ze de Taliban bestrijden, veel burgerslachtoffers maken. President Karzai heeft daar geregeld tegen geprotesteerd, maar dat is niet voldoende geweest om het wantrouwen op te heffen. Karzai zelf heeft trouwens steeds minder in eigen land te vertellen. ‘De burgemeester van Kabul’ wordt hij genoemd. Daarbuiten is de werkelijke macht in handen van krijgsheren, de Taliban, corrupte ambtenaren. En dan is er het probleem van de papavers. Afghaanse boeren voorzien in tachtig tot negentig procent van de wereldbehoefte aan heroïne. Het bespuiten van de papavervelden maakt ze brodeloos. Nog een probleem dat niet is opgelost.
In München is een nieuwe periode in de verhouding tussen Amerika en Europa begonnen. En misschien ook een nieuwe fase in de ‘lange oorlog’ tegen het terrorisme. Voorzover het nu valt te beoordelen zijn president Obama en zijn team van plan die niet meer op eigen houtje te voeren, maar zo veel mogelijk bondgenoten en bevriende naties daarin te betrekken. Er wordt ook aan een nieuwe exit strategy gedacht. Via ‘regionale onderhandelingen’ zouden India, Iran, Pakistan, Rusland en China bij de oplossing worden betrokken. We moeten afwachten of ook de Taliban er belangstelling voor hebben.
Met de entree van Obama wordt het probleem Afghanistan gemultilateraliseerd. Maar daarmee zijn de Taliban niet verslagen. Dit onherbergzame land met zijn bevolking van dertig miljoen is vijftig procent groter dan Irak. Volgens guerrilla-experts kan een opstand onder deze omstandigheden alleen worden bedwongen als er twintig bestrijders van het verzet op duizend inwoners permanent actief zijn. Dit betekent: een leger van zeshonderdduizend man. Onhaalbaar. Minister Gates wil het conflict geleidelijk ‘afghaniseren’. Hoe? Nadere bijzonderheden ontbreken nog. Obama heeft een nieuwe opening gemaakt, probeert het moeras te internationaliseren, maar het blijft een moeras.
Maandagavond zaten bij Pauw & Witteman twee deskundigen, een burger en een officier, beiden onlangs teruggekeerd. Het bleef gevaarlijk in Uruzgan, zeiden ze, maar het ging relatief niet slecht. Je kreeg de indruk dat Afghanistan een bilateraal probleem was dat met een beetje goede wil door Den Haag en Kabul samen kon worden opgelost.