In de wereld

In de wereld

Falsificatiebestrijding
Moskou – Weinig van de vele journalisten lieten zich de kans ontnemen om een vergelijking met 1984 van George Orwell te trekken. Zij die de literaire vergelijking oversloegen, spraken direct over fascisme. Toegegeven, de door de Russische president Medvedev ingestelde staatscommissie heeft een dubieuze taak. Namelijk de falsificatie van de nationale geschiedenis bestrijden en zo het ‘internationale prestige’ van Rusland hooghouden. Doel is vooral om te voorkomen dat de strijd van het Rode Leger tegen de nazi’s wordt besmeurd.
De Russen hebben de pest in dat Oekraïne en de Baltische staten zeggen dat de bevrijding door het Rode Leger geen bevrijding was maar nog een nieuwe bezetting, die bovendien heel wat langer duurde. Een commissie van topambtenaren (niet van historici) gaat nu in de gaten houden wie vervelende dingen over Ruslands rol in de oorlog zegt. En zal dan ‘passende maatregelen’ aanbevelen.
Dat deugt natuurlijk niet. De afgelopen jaren gingen sommige archieven van de Sovjet-Unie een beetje open. Een deel van de ellende die was aangericht onder de eigen bevolking en die van andere landen werd zichtbaar. Medvedevs plan lijkt die deur nu deels te sluiten. Het doet ook een beetje denken aan de actie van Poetin, de vorige president, om de lesmethodeboeken voor geschiedenis een tamelijk opgewekte versie van de sovjetgeschiedenis te laten presenteren.
Maar het moet nog blijken of deze commissie weer een voorpost van het nieuwe Russische fascisme is. Een club ambtenaren die twee keer per jaar bijeenkomt om te vergaderen over iets waarover nagenoeg alle Russen het min of meer eens zijn, namelijk dat buitenlanders met hun tengels van Rusland af moeten blijven, die kon wel eens weinig toevoegen aan het bestaande repertoire.
Bovendien werd in de opwinding onder buitenlandse commentatoren nauwelijks genoemd dat klussen met de geschiedenis een van de kerntaken van een staat is. Rusland is niet het enige land met, zoals het cliché wil, een onvoorspelbare geschiedenis. Vaststellen dat een oorlog rechtvaardig was, dat de onderdrukking van dat andere volk nodig was, dat de strijd tegen dat andere leger heroïsch was – hoe dubieus ook, iedere overheid is er van tijd tot tijd mee in de weer. Sterker, met de verwerking van Guantánamo Bay zijn de Amerikanen op dit moment vrij druk. En het staat nog niet vast wat de officiële versie wordt van hun detentiepraktijken – ‘verbeterde verhoormethoden’ zoals de vorige Amerikaanse regering stelde, of ‘martelen’, waar het voor het oog van de wereld veel van weg heeft.
De ‘falsificatie bestrijdingscommissie’ was andermaal een teleurstelling voor iedereen die had gedacht dat Medvedev van een liberaler slag zou zijn dan Poetin. Maar je zou willen dat de ergernis over het nationalisme die jegens hen vrijkomt ook wat luider doorklonk in de debatten over nationale identiteit, nationale canons en vaderlandse musea die in de rest van de wereld woeden.
MENNO HURENKAMP

Tiananmen als misverstand
Peking – Sinds China’s beroemdste staatsgevangene vier jaar geleden in huisarrest overleed is het stil in de Fuqiang-steeg. De verveelde veiligheidsagenten zijn al lang vertrokken en de wachttoren in zijn tuin is afgebroken. Maar de reformistische partijtopman Zhao Ziyang, die twintig jaar geleden op het hoogtepunt van het drama op het Plein van de Hemelse Vrede smadelijk werd afgezet, laat zijn voormalige collega’s zelfs vanuit het graf niet met rust. In zijn memoires, die naar buiten werden gesmokkeld op cassettetapes, geeft hij een inkijkje in het dagelijkse reilen en zeilen van een regime dat wat geheimzinnigheid alleen van Pyongyang nog wat te leren heeft.
Voor een belangrijk deel wijkt Zhao’s betoog niet veel af van wat altijd al werd vermoed en onder andere werd beschreven in The Tiananmen Papers uit 2001. Officieel was hij al jaren met pensioen, maar het was inderdaad Deng Xiaoping die de tanks naar het plein verordonneerde. Interessant genoeg voorzag volgens Zhao zelfs die oude ijzervreter echter niet de tragische gevolgen. Willekeurig burgers aan stukken schieten zou in de nacht van 3 op 4 juni 1989 nooit de bedoeling zijn geweest: Tiananmen als adembenemend misverstand.
Weinig helden of schurken: teleurstellend genoeg is er niet heel veel gezellige roddel te vinden in Staatsgevangene no.1: Het geheime dagboek van Zhao Ziyang. Zhao’s inmiddels tachtigjarige aartsvijand Li Peng kan wel op een paar komische uithalen rekenen, maar Zhao blijft ook na eindeloos huisarrest op zijn manier opvallend loyaal aan de partijdiscipline.
Het belang van het boek zit vooral in de beschrijving van de ronduit feodale machinaties die uiteindelijk en onvermijdelijk tot het bloedbad op het Tiananmenplein leidden. De onaantastbare monarch Deng Xiaoping die doof en in zijn vette Sichuan-accent als een orakel zijn ondoorgrondelijke mandaten brabbelde. Het gekmakende gevlei en gemasseer door iedere bureaucraat die iets van de opperbaas wilde, en Zhao’s eindeloze rondgang langs stokoude legendarische revolutionairen die hij op zijn beurt moest zien te paaien. Deprimerend. Shakespeareaanse paleisintriges in de twintigste eeuw. Traditionele Chinese politiek, eerder prachtig beschreven in Het privé-leven van Mao van zijn lijfarts Li Zhisui uit 1995.
De cassettetapes waarop Zhao’s boek was gedicteerd, werden naar buiten gesmokkeld door vier getrouwen. Van hen durft tot nu toe alleen de altijd vermetele Du Daozheng dat toe te geven. De nu 86-jarige reformistische censuurbaas verloor in 1989 zijn baan en trekt zich op grond van zijn leeftijd niets meer aan van welke bemoeienis dan ook. In een verklaring zegt Du dat het simpelweg tijd wordt voor Zhao’s rehabilitatie: ‘Gedurende het historische tijdsgewricht van 4 juni 1989 was het Zhao Ziyang die verantwoordelijk handelde naar de Chinese natie, naar de geschiedenis en het gewone volk.’
Staatsgevangene no.1: Het geheime dagboek van Zhao Ziyang ligt deze week in de Nederlandse boekwinkels.
ANNE MEIJDAM

Een jaar Boris
Londen – Londen is het afgelopen jaar niet weggezakt in een onbestuurbare, failliete en onmenselijke dictatuur of chaos, geleid door een clown. Critici van Boris Johnson zagen van alles misgaan toen de excentrieke conservatief ruim een jaar geleden tot burgemeester werd verkozen, maar zelfs zij hebben moeten toegeven dat hij het naar behoren doet. Dit oordeel wordt gedeeld door de Londenaren die hem, zo leren peilingen, zo weer zouden kiezen, al schijnt ook de bekende zakenman Alan Sugar een kans te maken als hij zich verkiesbaar stelt. Ken Livingstone, die als een pavlovhond tegen elke beslissing van zijn hoogblonde opvolger ageert, lijkt een terugkeer te kunnen vergeten.
Een deel van zijn populariteit dankt Johnson aan zijn butler Jeeves-achtige optreden. Hij is een van de weinige politici bij wie mensen niet onder hypnose raken door de platitudes en dubbele ontkenningen. Gedenkwaardig is zijn toespraak na afloop van de Olympische Spelen waarin de Britten medailles wonnen in sporten die ze zelf hadden uitgevonden. Vervolgens meldt hij dat ook tafeltennis een Britse vinding is, want waar de Fransen grote tafels in de negentiende eeuw benutten om aan te dineren, daar speelden de Britten er ‘wiff waff’ op, de oerversie van tafeltennis. ‘Ping Pong is coming home’, luidde zijn hilarische conclusie.
Een ander hoogtepunt was de ochtend waarop Londen lam was gelegd door een pak sneeuw. ‘Het is dit keer de goede soort sneeuw, maar de verkeerde hoeveelheid’, constateerde hij.
Achter de humor gaat een serieus beleid schuil. Johnson beëindigde de verkwisting van de ‘Kenocracy’. Hij haalde de gratis propagandakrant The Londoner van de persen, boekte driesterrenhotels tijdens reizen en keek kritisch naar subsidiepotjes. Hierdoor kwam er voor het eerst in twaalf jaar een einde aan de jaarlijkse stijging van de gemeentebelasting. Hij hield geld over om de laagstbetaalden op het stadshuis – zoals de schoonmakers – beter te belonen. Deze progressieve maatregel verraste zijn critici, net als zijn voorstel om illegale immigranten met een Londens arbeidsverleden een verblijfsvergunning te geven. Daarnaast probeert hij het fietsgebruik te stimuleren en zei hij, indachtig de profeet Jesaja met zijn zwaarden en ploegscharen, ijzeren hekken ooit te willen omsmelten tot fietsen.
In tegenstelling tot zijn voorganger kijkt Johnson niet alleen vooruit, maar toont hij zich ook gevoelig voor het verleden. Zo komt er geen moderne kunst meer op de vierde plint van Trafalgar Square, maar een beeld van de Battle of Britain-held Sir Keith Park. Ook hield hij de bouw van een torenflat in Oost-Londen tegen op de plaats waar nu de multiculturele Queensmarkt floreert.Het mooiste voorbeeld is om een ‘levende brug’ te bouwen over de Theems ter hoogte van Blackfriars. De azijnpissers van The Guardian deden dit af als een pastiche op Ponte Vecchio of de Rialto, maar het is veeleer een terugkeer van de middeleeuwse London Bridge met winkels en woningen. Zelfs Livingstone moest toegeven dat het een puik plan is.
PATRICK VAN IJZENDOORN

De crisis en de As van het Kwaad
São Paulo – Brazilianen zijn een creatief volk. Moeilijkheden? Je geeft er een spreekwoordelijke draai aan (dar um jeitinho). Dus waarom geen handel drijven met Iran? De economische crisis vraagt tenslotte om het openen van nieuwe markten. Maar gevaarlijk spel is het wel.
Toen de Iraanse president Mahmoud Ahmadinejad op bezoek zou komen in Brazilië, verzamelden zich tweeduizend joden en homoseksuelen in Rio de Janeiro en São Paulo. Ze protesteerden tegen de uitnodiging van de man die ‘Israël van de kaart wil vegen, de holocaust ontkent en homoseksuelen het licht niet gunt’. De Braziliaanse ambassadeur in Israël werd op het matje geroepen.
De Braziliaanse regering trok zich er niet veel van aan. Ze had eerder al de rekensom gemaakt en geconcludeerd dat de commerciële en geopolitieke winst de protesten in binnen- en buitenland waard was. De handelsrelatie met Iran is vorig jaar teruggelopen van twee naar één miljard dollar en moet volgens beide regeringen nodig worden opgekrikt.
Maar toen ging het bezoek plotseling niet door. Afgelast door de Iraanse president. Officieel is de reis uitgesteld tot nader moment (tot na de Iraanse verkiezingen op 12 juni), maar zeker is dat niet. En dus verliest Brazilië twee keer: vanwege de protesten én de mislukte handelsontmoeting.
De uitnodiging stond al gepland sinds januari 2007, toen de Braziliaanse president Lula en Ahmadinejad elkaar in Ecuador troffen tijdens het aantreden van president Rafael Correa. Tegen George W. Bush zei Lula een paar maanden later in Camp David dat ‘Iran problemen heeft met andere landen, niet met Brazilië’.
Maar pas na het aantreden van Barack Obama, die de uitdrukking ‘As van het Kwaad’ aan de kant zette, durfde Brazilië de uitnodiging ook echt te formaliseren. Ahmadinejad zou deze maand op bezoek gaan in Brasília en vervolgens doorreizen naar Ecuador en Venezuela, waarmee Iran ook steeds warmere banden onderhoudt. Dat leek de VS toch te ver te gaan en minister van Buitenlandse Zaken Clinton morde over de groeiende invloed van Iran en China in Latijns-Amerika.
‘Zuid zoekt Zuid’, zoals de regeringsleiders van Latijns-Amerika, Azië en Afrika het formuleren. Volgens de ambassadeur van Iran in Brazilië, Mohsen Shaterzadeh, lijken Lula en Ahmadinejad wel op elkaar. Shaterzadeh tegen BBC Brazil: ‘De overeenkomsten zitten hem in de opvattingen van beide leiders over justitiële gelijkheid, armoedebestrijding en de strijd tegen de moderne, politieke kolonisators. Ze willen volgens dezelfde ideeën een nieuwe wereldorde bouwen.’
Dat is maar de vraag. Brazilië heeft formeel geprotesteerd tegen de uitspraken van Ahmadinejad over Israël tijdens de VN-top over racisme in april. Behalve dat hij aan de economische voordelen denkt ziet Lula zichzelf namelijk graag als nieuwe wereldvredesonderhandelaar. Enkele weken geleden opende Brazilië als een van de eerste westerse landen een ambassade in Noord-Korea. En het ontving deze week diens minister van Handel met het idee om óók te praten over de laatste raketlancering.
STIJNTJE BLANKENDAAL

Mission Terminated
Johannesburg – Jo Ractliffe is een van de beste fotografen van Zuid-Afrika. Ze levert prachtig werk, in de desoriënterende outsidertraditie van Robert Frank. Haar laatste serie, geschoten in de sloppenwijken van de Angolese hoofdstad Luanda, werd in een dure catalogus bijeengebracht. Het probleem met Ractliffe’s werk: het verkoopt voor geen meter.
En eigenlijk geldt dat voor veel hedendaagse kunst in Zuid-Afrika. Je hebt de bekende namen: Kendell Geers, William Kentridge en Robert Hodgins, maar verder zijn het vooral oude schilderijen van Irma Stern en J.H. Pierneef waar grif voor wordt betaald.
Zo kon het gebeuren dat Ractliffe ergens in de woestijn van Namibië was om zich door middel van een overlevingscursus fysiek voor te bereiden op haar nieuwe project ‘De Grensoorlog’ toen ze een berichtje kreeg dat haar galerie Warren Siebrits Modern and Contemporary Art het loodje had gelegd. Het was precies 10.30 uur en ze was er midden in de eindeloze zandvlakte eindelijk in geslaagd om haar exacte geografische positie te bepalen met behulp van ingewikkelde navigatie-instrumenten. ‘We lachten allemaal om het feit dat ik als 48-jarige eindelijk wist waar ik was’, vertelt ze. ‘We legden dat ogenblik zelfs fotografisch vast. En dat was precies het moment waarop Warren een boodschap achterliet op mijn antwoordapparaat dat de galerie met “onmiddellijke ingang” gesloten was.’
Warren Siebrits zat op Jan Smuts Avenue, een van de levensaders van Johannesburg. Het was een wonderlijke galerie met gedurfd werk en drukbezochte openingen met veel vonkelwyn. De excentrieke Siebrits (1968) is een begenadigd kunstkenner en verzamelaar die het vak leerde bij internationaal veilinghuis Sotheby’s en inmiddels onder meer een platencollectie van twaalfduizend exemplaren heeft opgebouwd, uiteenlopend van Verwoerds redevoeringen tot snoeiharde techno.
Zijn galerie toonde de avant-garde van de Zuid-Afrikaanse kunst, immer vergezeld van grote of kleine catalogi, die tezamen, zo hoopte hij, de ondergrondse ontwikkelingen in kaart zouden brengen. Het einde van zijn galerie, na zeven jaar, zorgde voor de nodige consternatie in de lokale kunstwereld. ‘Zijn beslissing om zijn aanpak niet te verdunnen door commerciëler werk te tonen, zoals vele andere galerieën, verdient alle lof’, zegt kunstcriticus Sean O’Toole.
De sluiting heeft deels te maken met de wereldwijde recessie, die ook Zuid-Afrika heeft getroffen. Maar tevens is het een teken van de beperkte omvang en kwaliteit van de hedendaagse kunst in Zuid-Afrika en de geringe interesse van het kopende publiek voor alles wat afwijkt van de norm.
Vorige week stuurde Warren Siebrits Gallery zijn laatste uitnodiging, getiteld ‘22 August 2002 to 31 May 2009’, met daaronder een gescande versie van een van zijn verzamelobjecten, het zwartomrande overlijdensbericht van de Britse industrial band Throbbing Gristle: ‘The Mission is Terminated.’
FRED DE VRIES

Het verkeerde pad
Rabat – Helaas moest Mawazine afgelopen zaterdag tragisch eindigen. Het is het meest prestigieuze muziekfestival van Marokko, dat als volgt in cijfers kan worden samengevat: gedurende negen dagen, op negen podia verspreid over heel Rabat, vinden honderd concerten plaats, met artiesten afkomstig uit veertig landen. Dit jaar waren er meer dan twee miljoen bezoekers, en er vielen elf doden.
Op het slotconcert van de Marokkaan Abdelaziz el Arbaoui, beter bekend onder de bijnaam Stati, de bijna vijftigjarige, in eigen land immens populaire volkszanger, kwamen zeventigduizend fans af. Aanvankelijk was Stati geprogrammeerd op het podium Place Moulay el Hassan, maar aangezien het op deze kleine scène in de binnenstad drie dagen daarvoor al volkomen uit de hand was gelopen, toen de Marokkaanse Daoudi en Daoudia daar optraden (ook populaire volkszangers), had de organisatie het verstandig geacht Stati’s optreden te verplaatsen naar het voetbalstadion in Hay Nahda, meer aan de periferie van Rabat. Maar ook die grotere scène kwam bomvol te zitten.
Het ging pas mis toen de samengepakte massa tegen middernacht het stadion weer uit moest. Een aantal bezoekers kwam op het onzalige idee niet helemaal naar de officiële uitgang te lopen maar het stadion via een nabij pad te verlaten. Het hekwerk waarmee dat smalle pad was afgesloten, had het onder druk van de menigte al begeven. Er vielen mensen, anderen persten zich naar buiten, vier mannen, vijf vrouwen en twee kinderen werden vertrapt, een stuk of vijftig anderen raakten gewond.
Zo ongeveer verwoordde de wali het zondagmiddag op een voor de gelegenheid belegde persconferentie. Er waren journalisten die in die verklaring de gouverneur zichzelf vrij hoorden pleiten. Immers, de man leek de mensen die niet naar de officiële uitgang hadden willen lopen de schuld te geven. Hoe dan ook, volgens de leiding van Mawazine, die op die persconferentie ook aan het woord kwam, zouden er ‘uiteraard lessen uit het incident worden getrokken’.
Welke lessen? De charme van Mawazine is dat veel concerten gratis zijn, juist in de volkswijken. Links en rechts wordt nu geopperd de mensen te laten betalen voor Mawazine. Dat zou het aantal bezoekers inderdaad drastisch terugdringen en het risico van drama’s als dat van zaterdagavond verkleinen. Maar zo heeft de koning, die dit als zijn festival beschouwt, Mawazine niet bedoeld. Het is tegelijk elitair en volks, en zo zal hij het willen houden. Men zal met andere oplossingen moeten komen.
KEES BEEKMANS